NLEN
Kwekerij Van Heeswijk

De Taxuspedia™

voor (bijna) alle antwoorden op je taxusvragen
Met taxus kun-de heul veul… taxuskunde.
11 hoofdstukken · 141 vragen
Download de hele Taxuspedia als PDF

Wij krijgen al jaren dezelfde vragen over taxus. Hoe diep moet hij de grond in, wat doe je tegen geel blad, hoeveel planten heb je nodig voor een meter haag. Goede vragen, en die verdienen een eerlijk antwoord in plaats van een verkooppraatje. Daarom hebben we onze kennis hier op één plek verzameld. Geen theorie uit een boekje, maar gewoon onze ervaringen uit de dagelijkse praktijk.

Nieuw met taxus? Begin hier

Een korte route door de basis, in de juiste volgorde.

Inhoud

01Over taxus4 vragen 02Planten van taxus18 vragen 03Standplaats17 vragen 04Verzorging14 vragen 05Groei en ontwikkeling8 vragen 06Soorten en keuze16 vragen 07Problemen en ziektes15 vragen 08De taxuskalender voor plagen en problemen3 vragen 09Verplaatsen, herstellen en vernieuwen4 vragen 10Taxus en veiligheid8 vragen 11Kopen en kiezen12 vragen ·Tot slot: veelgemaakte fouten bij taxus ·De taxus door de eeuwen heen22 vragen·In gewone woordenBegrippen·Snel naslaanNaslag·FotogalerijBeelden·ColofonOver

Veel van de antwoorden hier vertellen we ook gewoon als je de planten bij ons komt ophalen. Wat we vertellen hangt af van wat je vraagt.

Al die vragen de afgelopen jaren hebben gezorgd voor dit uitgebreide naslagwerk, de Taxuspedia!

Kort antwoordTaxus is een altijdgroene conifeer, een naaldhoudende plant uit de taxusfamilie. Hij blijft het hele jaar groen, groeit langzaam maar wordt stokoud, en verdraagt schaduw en snoei als geen ander. Daarom is hij de klassieke haag- en vormplant.

Taxus is een conifeer, een naaldhoudende plant, en hoort bij de taxusfamilie, de Taxaceae. Hij is altijdgroen en verliest zijn naalden dus niet in de winter. In het wild groeit taxus van nature in een groot deel van Europa, ook in Nederland.

Anders dan de meeste naaldbomen maakt taxus geen dennenappels. Bij een vrouwelijke plant zit het zaadje in een zacht, rood omhulsel, dat wat de meeste mensen de bes noemen. Mannelijke en vrouwelijke planten zijn apart. Daarover lees je meer bij de vraag 'Kun je zien of een taxus mannelijk of vrouwelijk is?'.

Taxus groeit langzaam, maar wordt extreem oud. Sommige bomen in Europa zijn meer dan duizend jaar. Hij verdraagt diepe schaduw en harde snoei, en juist die combinatie maakt hem zo geschikt als strakke haag of vormplant. Bijna alle delen zijn giftig, alleen het rode vruchtvlees niet. Daarover lees je bij de vraag 'Is taxus giftig?'.

Je hoort taxus ook wel eens een heester of struik noemen. Dat klopt niet helemaal. Een heester is geen plantensoort maar een groeivorm, een houtig gewas dat zich laag vertakt zonder een duidelijke stam. Van nature is taxus dat niet. Laat je hem met rust, dan wordt hij langzaam een kleine boom. Maar omdat je hem in de tuin bijna altijd laag en als haag houdt, gedraagt hij zich als een struik, en zo wordt hij in het tuincentrum ook verkocht. Vandaar dat het etiket heester soms opduikt. Botanisch blijft het een conifeer die je als heester gebruikt.

TipTaxus is de naam voor de hele groep. De soort die hier het meest als haag staat, is de gewone of inheemse taxus, Taxus baccata. Het verschil met de andere veelgebruikte soort lees je bij de vraag 'Wat is het verschil tussen Taxus baccata en Taxus media?'.
Kort antwoordOmdat hij bijna alles in zich heeft wat je van een goede haag wilt. Het hele jaar groen, van nature dicht, en hij verdraagt harde snoei zonder kaal te worden. Daar komt bij dat hij in de schaduw groeit en generaties meegaat. Weinig planten kunnen dat allemaal tegelijk.

Taxus is altijdgroen, dus je haag staat ook midden in de winter vol in het blad. En hij vertakt zich van nature heel dicht. Dat maakt hem een uitstekende afscherming tegen inkijk, wind en geluid, het hele jaar door.

Het bijzondere is dat taxus harde snoei niet erg vindt. Waar veel planten kaal blijven als je in het oude hout snijdt, loopt taxus daar gewoon weer uit. Daardoor houd je hem strak en in vorm, en kun je er ook bollen, piramides of andere figuren van knippen. Voor strakke, formele hagen is er bijna geen betere keuze.

Daar komt bij dat hij groeit op plekken waar veel andere haagplanten het opgeven, ook in diepe schaduw. En een taxushaag is geen tijdelijk ding. Goed onderhouden gaat hij tientallen jaren mee, soms generaties. Je plant hem dus eigenlijk voor de lange termijn.

Helemaal voor iedereen is hij niet. Hij groeit langzaam, dus geduld is nodig, en hij is giftig. Wanneer taxus juist niet de handigste keuze is, lees je bij de vraag 'Wanneer kun je beter geen taxus kiezen?'.

TipTwijfel je tussen taxus en een snellere conifeer, bedenk dan dat snelheid ook onderhoud betekent. Een snelle haag moet je vaak knippen om hem in toom te houden. Taxus groeit rustig, maar blijft daardoor lang netjes en hoeft meestal maar een keer per jaar geschoren te worden.
Kort antwoordJa, in twee opzichten tegelijk. Een taxus gaat heel lang mee, soms generaties, en hoeft niet om de zoveel jaar vervangen te worden zoals een schutting. Hij vraagt weinig mest, zelden een bestrijdingsmiddel, blijft het hele jaar groen en biedt dieren onderdak. Voor een blijvende groene erfafscheiding is het moeilijk een duurzamere keuze te vinden.

Het sterkste duurzaamheidsargument is de levensduur. Een taxus kan tientallen jaren mee, en in de juiste omstandigheden eeuwen. Hij loopt zelfs weer uit op kaal, oud hout, dus een verwaarloosde haag kun je vaak terugsnoeien en verjongen in plaats van rooien. Je plant hem dus in feite een keer, voor de lange duur. Een houten schutting vervang je in diezelfde tijd een paar keer.

Daar komt bij dat hij weinig nodig heeft. Taxus is robuust, vraagt weinig mest en zelden een bestrijdingsmiddel, en groeit langzaam, dus er komt ook minder snoeiafval van af dan van een snelle groeier. Hij blijft het hele jaar groen, vangt wat wind en stof, en staat stevig genoeg om een flinke storm te doorstaan.

En een levende haag doet meer dan een schutting. Een taxus biedt vogels nestgelegenheid en, bij vrouwelijke planten, besjes, en geeft insecten beschutting. Hij neemt CO2 op zolang hij groeit, en hij vervangt vaak hout, beton of kunststof. Aardig is ook dat een taxus niet weg hoeft als hij ouder wordt. Waar veel tuinplanten op den duur openvallen of lelijk verouderen, wordt een taxus juist voller en karaktervoller.

Of het de allerduurzaamste plant is, durven we niet te zeggen, want dat hangt af van wat je meet. Maar voor een haag die je decennia, en met een beetje geluk generaties, wilt houden, is taxus een van de duurzaamste keuzes die er zijn. Langzaam, degelijk en blijvend, precies waar hij goed in is.

TipWil je echt voor de lange duur planten, zorg dan vanaf het begin voor goede grond en drainage. Een taxus die luchtig en niet te nat staat, gaat het langst mee. De plant is duurzaam, maar de start bepaalt hoeveel hij daarvan waarmaakt.
Kort antwoordDat hangt af van wat je bedoelt. De plant zelf is een natuurlijke, inheemse soort, maar 'biologisch' zegt niets over de plant. Het gaat over hoe hij gekweekt is, en dat is een beschermde term die alleen mag met certificaat. Wij zijn niet biologisch gecertificeerd, dus zo noemen we onze taxus ook niet.

Taxus baccata komt van nature in Europa voor, dus als plant is hij zo natuurlijk als het maar kan. Maar 'biologisch' zegt niets over de soort. Het is een wettelijk beschermde term die gaat over de teeltwijze en over welke middelen daarbij zijn toegestaan. Je mag een plant pas biologisch noemen als de kweker daarvoor gecertificeerd is, in Nederland via SKAL.

Dat certificaat hebben wij niet, dus wij noemen onze taxus niet biologisch. Wel kweken we met een lichte hand. Taxus is robuust en heeft zelden een bestrijdingsmiddel nodig, dus dat gebruiken we nauwelijks. Kunstmest pakken we af en toe wel, als een plant het echt nodig heeft, maar veel is dat niet, want taxus vraagt sowieso weinig voeding. Natuurlijk en zuinig met middelen dus, maar zonder biologisch keurmerk.

Het komt erop neer dat je twee dingen niet door elkaar moet halen. Natuurlijk en duurzaam is iets anders dan biologisch gecertificeerd. Het eerste zit in de plant, het tweede in de papieren. We houden van groen, niet van groene praatjes. Aan greenwashing doen we niet.

TipNiet biologisch betekent hier niet onduurzaam. Waarom taxus juist een heel duurzame keuze is, lees je bij de vraag 'Is taxus een duurzame plant?'.
↑ Terug naar de inhoud
Kort antwoordVan september tot april, bij voorkeur in het najaar. Hoe eerder in het seizoen, hoe beter de start.

Taxus uit de volle grond plant je bij voorkeur van september tot en met april, zolang het niet (te) hard vriest. Wij adviseren om vanaf halverwege september te starten met de aanplant, mits het niet te warm meer is. Dat verschilt per jaar. Het ene jaar kan het al halverwege september, het andere jaar is het dan nog te warm en moet je even wachten.

TipIn het najaar hebben de wortels nog de tijd om aan te slaan voordat de winter begint, zodat de plant in het voorjaar direct kan doorgroeien. Hoe eerder in het seizoen je plant, hoe beter de start.
Kort antwoordKluitplant: bovenkant van de kluit gelijk met het maaiveld, met een klein stukje jute nog zichtbaar. Plantgoed: de bovenste wortel ongeveer een duimnagel diep (1,5 tot 2 cm). Niet te diep, dat is de meest voorkomende fout.

Bij het planten gaat het om twee dingen die niet hetzelfde zijn. Hoe diep je de grond losmaakt, en hoe diep de plant zelf komt te staan. De grond maak je altijd dieper los dan het plantgat zelf, zodat de wortels daarna makkelijk de diepte in kunnen.

Maak de grond ongeveer 50 tot 60 centimeter diep los. Zit er onderin een vaste of storende laag, spit dan dieper om. Anders blijft water staan en komen de wortels er niet doorheen. De richtmaten per plantgrootte staan in het schema bij de vraag 'Welke plantafstand moet ik aanhouden voor een taxushaag?'.

Plant je plantgoed met blote wortel, dan graaf je een geul die diep en breed genoeg is voor de wortels, zo'n 25 tot 30 centimeter. Je hebt geen kluit als ijkpunt, dus houd de bovenste wortel ongeveer een duimnagel diep onder het maaiveld, zo'n 1,5 tot 2 centimeter. Ook hier geldt, liever iets te ondiep dan te diep.

Bij een kluitplant hangt de diepte van het plantgat af van de hoogte van de kluit, en de breedte van de breedte van de kluit. De bovenkant van de kluit komt gelijk met het maaiveld. De jutezak mag om de kluit blijven zitten, die vergaat vanzelf in de grond. Houd een klein stukje van de jute zichtbaar boven de grond. Dat is de rooilijn, de hoogte waarop de plant bij ons in de volle grond stond. Precies daarop plant je hem terug.

Hoe breed je het plantgat of de sleuf maakt, lees je bij de vraag 'Hoe breed moet mijn plantgat of plantsleuf zijn?'.

Plant in alle gevallen niet te diep. Te diep planten is een veelgemaakte fout en kan de plant schaden.

TipWerk de grond zo terug dat er een klein geultje bij de stam ontstaat, niet een bergje. Dat geultje zorgt ervoor dat water naar de wortels zakt in plaats van weg te lopen van de plant.
TipPlant je plantgoed of wortelgoed? Zet de planten vóór het planten eerst tien minuten in een kuip met water. Zo zuigen de wortels zich vol en heeft de plant een veel betere start.
TipHoud de planten tijdens het planten uit de zon en uit de wind. Blote wortels drogen veel sneller uit dan je denkt, zeker op een zonnige of winderige dag. Leg de planten die nog niet aan de beurt zijn in de schaduw, eventueel afgedekt met een vochtige doek.
TipDruk na het planten de grond rond het plantgoed licht aan. Zo sluit de grond goed aan op de wortels en blijven er geen luchtzakken zitten waar de wortels in uitdrogen. Niet te hard stampen, want dan pers je alle lucht uit de grond en maak je het de wortels juist moeilijker.
Kort antwoordEen losse plant zet je in een ruim gat, iets breder dan de kluit. Een haag plant je in een doorgaande sleuf. De juiste breedte hangt af van de maat, en de grond eronder maak je altijd goed los.

Het hangt ervan af wat je plant. Een losse taxus zet je in een apart plantgat. Een haag plant je niet in losse gaten, maar in een doorgaande sleuf, zodat de wortels van plant tot plant dezelfde losse grond delen.

Voor een losse plant maak je het gat iets ruimer dan de kluit. Een kluit van zo'n 30 centimeter breed zet je in een gat van ongeveer 50 centimeter. Zo zit er rondom losse grond waar de wortels makkelijk in groeien.

Voor een haag graaf je een sleuf. Hoe breed die per plantmaat minimaal moet zijn, staat in het schema bij de vraag 'Welke plantafstand moet ik aanhouden voor een taxushaag?'. Daar vind je ook hoe diep je de grond losmaakt.

In beide gevallen maak je de grond onder en naast de planten goed los. Zit er een vaste of storende laag, spit dan dieper om. De plant komt niet dieper te staan, je maakt alleen de grond eromheen beter doorwortelbaar.

TipMocht de kluit groter zijn uitgevallen, dan is er werk aan de winkel. Houd je schop dus altijd paraat.
Kort antwoordNee, jute laten zitten, die vergaat vanzelf in de grond. Zit er nylon om de kluit, haal dat er wel af.

Nee, de jutezak mag gewoon om de kluit blijven zitten. Dat is zelfs beter. De jute houdt de kluit bij elkaar tijdens het planten en vergaat vanzelf in de grond. De wortels groeien er zonder problemen doorheen. Wij krijgen deze vraag heel vaak, want het voelt tegenstrijdig om een verpakking in de grond te stoppen. Maar jute is een natuurproduct en breekt binnen een paar maanden af.

Let op. Heel soms zit er een nylon jutezak om de kluit in plaats van echte jute. Die moet wel verwijderd worden voor het planten, want nylon vergaat niet in de grond en blokkeert de wortelgroei. Wij geven het altijd expliciet aan als dit het geval is. Twijfel je? Voel aan het materiaal. Echte jute voelt ruw en vezelig, nylon voelt gladder en strakker.

TipBij ons zit er nooit plastic om de kluit, alleen jute of heel soms nylon. Meer verpakking dan dat kom je niet tegen.
Kort antwoordPlantgoed: 5 per meter. Kluitplanten: 2,5 tot 4 per meter. Liever iets ruimer dan te krap.

Dat hangt af van de maat van de planten:

  • Plantgoed (20 tot 30 cm en 30 tot 50 cm). 5 planten per strekkende meter
  • Planten met kluit. 3 tot 4 planten per strekkende meter
  • Zeer grote planten met kluit. ongeveer 2,5 planten per strekkende meter

Wil je het per maat precies weten, dan kun je dit schema aanhouden. Het laat ook zien hoe diep je de grond losmaakt en hoe breed je de plantsleuf minimaal maakt.

Type & maatDiepte losmakenMinimale breedte sleufAantal planten per meter
Blote wortel 20 tot 30 cm50 cm20 cm5 stuks
Blote wortel 30 tot 50 cm50 cm25 cm5 stuks
Kluit 40 tot 60 cm50 tot 60 cm30 cm4 stuks
Kluit 60 tot 80 cm50 tot 60 cm35 cm3,5 tot 4 stuks
Kluit 80 tot 100 cm50 tot 60 cm40 cm3 stuks
Kluit 100 tot 120 cm50 tot 60 cm45 cm3 stuks
Kluit 120 tot 140 cm50 tot 60 cm50 cm2,5 stuks
Kluit 140 tot 160 cm50 tot 60 cm55 cm2,5 stuks

Bij kluit hangt het aantal stuks ook af van de breedte van de plant en van de grootte van de kluit.

En we leveren natuurlijk geen halve planten. Zie dit zo. Wil je twee strekkende meter planten van 140 tot 160 cm, dan gaan er 5 planten op.

Reken je aantal uit

Vul je maat en haaglengte in, dan reken je het aantal planten uit. Dit gebruikt dezelfde verdeling als de tabel hierboven.

25 planten nodig
TipLiever iets ruimer planten dan te krap. Taxus groeit dicht genoeg om gaten te vullen, maar te dicht op elkaar leidt later tot kale plekken aan de onderkant doordat de planten elkaars licht wegnemen.
TipLet bij het planten op de vorm van elke plant, zeker bij jong plantgoed. De ene is wat breder en platter, de andere wat compacter. Wil je meteen een dichter ogende haag, draai de planten dan zo dat de vollere kant naar voren wijst. Vanaf de straatkant lijkt de rij dan al dicht, terwijl de dunnere kanten naar de buren in de rij wijzen en daar vanzelf dichtgroeien. Als je de planten ophaalt, dan laten we het je precies zien.
Kort antwoordBij plantgoed, 5 per meter, zet je ze op ongeveer 10, 30, 50, 70 en 90 cm. De middelste staat mooi in het midden op 50 cm. Het hoeft niet op de centimeter.

Dit speelt vooral bij plantgoed, waar je 5 planten per meter zet. Het helpt om even voor je te zien hoe je die over de meter verdeelt.

Meet vanaf het begin. De eerste plant zet je rond de 10 cm, daarna elke 20 cm een nieuwe. Je komt dan ongeveer uit op 10, 30, 50, 70 en 90 cm. Aan het begin en aan het eind blijft zo'n 10 cm over.

Een makkelijk ankerpunt: de middelste plant staat precies in het midden, op 50 cm. Van daaruit zet je er twee naar links en twee naar rechts, telkens 20 cm uit elkaar.

Die marge aan weerszijden zorgt ervoor dat de volgende meter er netjes op aansluit. Van de laatste plant naar de eerste van de volgende meter is het dan weer zo'n 20 cm, zonder dat er twee te dicht op elkaar bij de naad komen.

Het komt niet zo nauw. Taxus groeit dicht genoeg om kleine verschillen weg te werken. Zie het vooral als richtlijn zodat je rij gelijkmatig oogt.

Kort antwoordHoe groter de plant, hoe minder je er nodig hebt. Voor een blok van een meter bij een meter loopt dat van zo'n 22 tot 24 kleine plantjes, via 12 tot 14 of 7 tot 9 bij de tussenmaten, tot 4 of 5 grote planten met kluit. Grote planten staan meteen op hoogte, kleine zijn goedkoper maar vragen geduld. En je plant altijd om en om, zodat het blok sneller dicht groeit.

Hoeveel planten je nodig hebt, hangt vooral af van de maat. Voor een blok van een meter bij een meter houd je ongeveer dit aan:

  • Klein, blote wortel tot 40 cm. 22 tot 24 planten
  • 40 tot 60 cm, met kluit. 12 tot 14 planten
  • 60 tot 80 cm, met kluit. 7 tot 9 planten
  • 80 tot 120 cm, met kluit. 4 tot 5 planten

Een taxusblok bouw je op twee manieren op, met een paar grote planten of met een groepje kleine. Allebei werkt prima, het is vooral een kwestie van budget en geduld. Grote planten staan meteen op hoogte, je betaalt er meer voor maar je blok ziet er ook direct uit als een blok. Kleine planten zijn goedkoper, alleen moet je ze de tijd geven om vol te groeien. Kun je niet wachten, begin dan groot. Heb je geduld en wil je de kosten in de hand houden, dan zijn kleine planten slim.

Zet de planten niet in kaarsrechte rijtjes recht achter elkaar. Veel mooier en sneller dicht is het driehoeksverband, waarbij je elke rij ten opzichte van de vorige laat verspringen, dus om en om. Dat heeft drie voordelen. De planten vullen elkaars gaten meteen op, je kunt niet door het blok heen kijken, en iedere plant krijgt van alle kanten licht. Dat geeft gezondere groei van onderaf.

Hoe je ze precies neerzet, hangt van de maat af. Kleine planten zet je in een paar rijen die om en om verspringen. Bij de grootste maten lukt zigzaggen niet eens meer, want de kluiten zijn zo dik, vaak al 30 tot 40 centimeter breed, dat er geen rijen meer op een vierkante meter passen. Dan werk je met een vierkant. Bij vier planten zet je er een op elke hoek, bij vijf planten vier op de hoeken en een in het midden, net als de vijf op een dobbelsteen. Je blok is dan vanaf dag een overal even vol.

Planten met kluit slaan sneller en veiliger aan dan blote wortel, omdat de fijne haarworteltjes beschermd in de aarde zitten. Vanaf maat 60 tot 80 heb je na het planten en een eerste snoeibeurt meteen een herkenbaar, compact blok staan.

TipKnip vlak na het planten de bovenste puntjes van alle plantjes op dezelfde hoogte af, de hoofdscheuten dus. Daarmee dwing je de jonge taxus om in de breedte te vertakken in plaats van alleen de hoogte in te schieten. Snoei meteen de zijkanten licht bij, dan wordt je blok van onder tot boven dicht.
TipWerk je met blote wortel, plant die dan alleen tussen november en april, als de plant in rust is. Nooit in de warme zomermaanden, want dan drogen de wortels uit. Houd de kale wortels tot het laatste moment afgedekt met een vochtige doek of jute, ook tijdens het sjouwen. Die fijne haarworteltjes drogen in wind of zon binnen een paar minuten onherstelbaar uit. Liever geen plastic, want daaronder gaan ze broeien als ze er te lang onder liggen.
TipWerk je met de grootste maten, graaf dan voor die vier of vijf planten niet losse gaten, maar in een keer een vierkant vlak van een meter bij een meter, zo'n 40 centimeter diep. Dat plant een stuk makkelijker.
TipTwijfel je over de maat? Bel of mail ons gerust, dan denken we even mee.
Kort antwoordJa, maar verstandig. Meng compost of goede tuinaarde altijd door de bestaande grond. Bemeste tuinaarde nooit puur in het plantgat, en bij najaarsaanplant liever helemaal niet.

Op de meeste tuingronden is grondverbetering niet strikt nodig, maar het helpt wel. Meng de uitgegraven grond met rijpe compost of goede tuinaarde, zodat de bodem luchtiger wordt en beter doorwortelbaar. Op zware klei voeg je grof zand of lavakorrels toe voor de drainage. Op arme zandgrond is juist extra organische stof belangrijk, om vocht en voeding langer vast te houden.

Bemeste tuinaarde gebruik je nooit puur in het plantgat. Dat is te scherp voor jonge wortels en kan ze verbranden. Meng het altijd goed door de bestaande grond, zodat de overgang naar de omringende bodem geleidelijk blijft. Anders blijven de wortels hangen in een klein, rijk zakje grond en groeien ze de tuin niet in.

Bij najaarsaanplant gebruiken wij geen bemeste tuinaarde. Dan wil je rust en structuur in de bodem, geen groeiprikkel. Gebruik compost of onbemeste tuinaarde. Bij voorjaarsaanplant mag bemeste tuinaarde wel gemengd worden met arme grond, alleen wel met mate.

TipGooi nooit pure potgrond, turf of bemeste tuinaarde in het plantgat. Pure bemeste tuinaarde is te scherp en kan jonge wortels verbranden. Potgrond en turf houden te veel vocht vast. Meng alles door de bestaande grond, dan groeien de wortels naar buiten in plaats van in een te rijke kuil te blijven hangen.
Kort antwoordTaxus verdraagt geen natte voeten. Zorg voor goede drainage voordat je plant. Welke aanpak het beste werkt, hangt af van je grondsoort en situatie. Elke tuin is anders.

Taxus stelt één harde eis aan de bodem. Het water moet weg kunnen. Staat de plant langdurig met natte wortels, dan gaat hij achteruit en uiteindelijk dood. Goede drainage is daarom geen luxe maar een voorwaarde.

Hoe je dat aanpakt, hangt af van je situatie. Zandgrond is van nature goed doorlatend en geeft zelden problemen. Kleigrond houdt water vast en vraagt bijna altijd om extra maatregelen. Een laagte in de tuin is lastiger dan een helling, waar het water vanzelf wegloopt.

Hieronder een globaal overzicht van de mogelijkheden.

MaatregelWanneer geschikt
Ophogen van het plantvakBij licht tot matig slechte afwatering
Grond over een groter vlak verbeteren, niet alleen het plantgatBij kleigrond, kleine schaal
Verhogen met een border of keerwandBij structureel hoge grondwaterstand
Drainagebuizen leggenBij grotere percelen of ernstige wateroverlast
Andere locatie kiezenAls drainage niet haalbaar of te kostbaar is

Voor kleine aanplant kun je vaak zelf iets doen door de grond plaatselijk te verbeteren of op te hogen. Bij grotere hagen of structureel natte grond is het verstandig een hovenier of grondspecialist te laten kijken voordat je begint. Dat voorkomt teleurstellingen achteraf.

Elke situatie is anders, en uiteindelijk ken jij je eigen tuin het best. Wij adviseren graag bij de plantenkeuze. De grond is jouw eigen verantwoordelijkheid.

TipMeer over de ideale grond voor taxus lees je bij 'Welke grond is het beste voor taxus?'. Over het verbeteren van de grond in het plantgat gaat 'Moet ik de grond verbeteren bij het planten?'.
Kort antwoordDat kan, maar ververs eerst de grond in de plantsleuf. Een oude haag laat de grond vermoeid achter, dat heet bodemmoeheid. Met verse grond, een andere plek of een andere soort geef je de nieuwe haag een eerlijke start.

Als er jarenlang dezelfde planten op een plek hebben gestaan, raakt de grond als het ware uitgewerkt. Bepaalde voedingsstoffen zijn op, en er hopen zich ziektekiemen, schimmels en aaltjes op die juist op die soort azen. Dat noemen we bodemmoeheid. Het speelt niet alleen bij taxus, maar bij vrijwel elke haag die je vervangt door dezelfde of een verwante soort. Een nieuwe haag op precies dezelfde plek groeit dan moeizaam, ook al doe je verder alles goed.

De zekerste oplossing is de grond verversen waar de nieuwe planten komen. Graaf de plantsleuf ruim uit en verwijder ook de oude wortels goed, want achtergebleven wortels kunnen schimmels herbergen en de nieuwe wortels in de weg zitten. Vul aan met verse, schone grond, eventueel gemengd met rijpe, schone compost. Gebruik geen compost van het snoeisel van de oude haag, want daar kunnen dezelfde kiemen in zitten. Zo starten de wortels in schone grond.

Kun of wil je de grond niet verversen, dan zijn er twee andere wegen. Plant de nieuwe haag een stuk naast de oude lijn, in grond waar niet eerder diezelfde soort stond. Of kies een andere soort dan er stond, want bodemmoeheid is grotendeels soortgebonden. Een andere haagplant heeft veel minder last van de kiemen die op de vorige soort azen.

TipVervang je een oude haag? Reken de verse grond meteen mee in je plan. Het is een kleine moeite vooraf, en het scheelt je een haag die jaren blijft kwakkelen.
Kort antwoordBij het tuincentrum staan ze door elkaar, maar het zijn verschillende producten. Potgrond is gemaakt voor potten en bakken, niet voor de volle grond. Tuinaarde en aanplantgrond zijn bedoeld om je tuingrond mee te verbeteren. Bemeste tuinaarde is tuinaarde met mest erdoor, krachtiger maar ook scherper. Voor het planten van taxus meng je alles door je eigen grond, en bemeste tuinaarde gebruik je nooit puur.

De zakken lijken op elkaar en de namen ook, maar het zijn verschillende dingen voor verschillende doelen. Pak je de verkeerde, dan kan je taxus er last van krijgen. Hieronder zie je per soort wat het is en waarvoor je het gebruikt.

SoortWat het isWaarvoor je het gebruikt
PotgrondLuchtige grond met vaak turf, houdt veel vocht vastAlleen voor potten en bakken. In de volle grond wordt het een natte spons waar de wortels in blijven hangen
TuinaardeSteviger grond, bedoeld voor buitenJe bestaande tuingrond aanvullen of verbeteren. Maakt zware grond luchtiger en arme grond wat rijker
AanplantgrondTuinaarde die is samengesteld voor een goede start, met extra organische stofPrima om door het plantgat te mengen bij het planten van taxus
Bemeste tuinaardeTuinaarde met mest erdoor, krachtiger maar scherperAlleen gemengd door je eigen grond en met mate. Puur is te heftig voor jonge wortels, en bij najaarsaanplant niet gebruiken
CompostVerteerd organisch materiaal, geen grond en geen mestDe beste allround bodemverbeteraar voor taxus. Door het plantgat mengen of in het voorjaar een laagje strooien

Eén rode draad loopt er doorheen. Meng altijd door je eigen uitgegraven grond en gooi nooit iets puur in het plantgat. Hoe je dat bij het planten precies aanpakt, lees je bij de vraag 'Moet ik de grond verbeteren bij het planten?'.

TipAls vuistregel gebruik je in een pot potgrond, eventueel luchtiger gemaakt met grof zand of perliet. In de volle grond werk je met je eigen grond, gemengd met compost, tuinaarde of aanplantgrond. Bemeste tuinaarde alleen gemengd en met mate, nooit puur in het gat.
TipVoor aanplantgrond gebruiken wij eigenlijk standaard Vivimus, een bekende soort van fabrikant DCM. De naam is trouwens Latijn voor wij leven, en dat past wel bij wat goede grond met je planten doet.
Kort antwoordDat gevoel klopt. Door milieueisen zit er steeds minder veen in potgrond en tuinaarde, en dat verandert hoe de grond zich gedraagt. De vervangers houden vaak minder water en voeding vast, dus een zak van nu kan sneller uitdrogen of anders aanvoelen dan je gewend was. Niet per se slechter, wel anders.

De grote verschuiving is het terugdringen van veen, ook wel turf. Veen houdt water en voeding stabiel vast en was jarenlang de basis van bijna elke potgrond. Maar het afgraven van veengebieden kost natuur en stoot veel CO2 uit, en daarom is in Nederland afgesproken om er steeds minder van te gebruiken. In plaats daarvan zit er nu vaker compost, houtvezel, kokos of boomschors in de zak.

Die vervangers zijn prima bruikbaar, maar ze reageren anders. Ze houden vaak minder water en voeding vast dan veen, klinken soms sneller in en drogen sneller uit. Een grond met veel houtvezel kan na een droge periode zelfs waterafstotend worden aan de bovenkant, terwijl een ouderwetse veenrijke grond makkelijker weer vocht opneemt. Het voelt dan alsof de grond slechter is, terwijl hij vooral anders reageert. En tussen zakken en merken zit meer verschil dan vroeger.

Voor taxus is dat het opletten waard, want taxus reageert gevoelig op de waterhuishouding en de lucht in de grond. Vooral bij taxus in een pot of bak betekent het dat je niet blind op de zak vertrouwt, maar zelf voelt of de grond nog vochtig is en op tijd water geeft.

TipKijk op de zak naar de samenstelling, niet alleen naar de naam. Staat er veel houtvezel of kokos in, dan droogt de grond sneller uit dan een ouderwetse veenrijke grond, dus voel wat vaker of hij nog vochtig is.
TipIs een houtvezelrijke grond eenmaal kurkdroog, dan neemt hij water moeilijk weer op. Giet je er in een keer veel op, dan loopt het langs de droge grond weg en wordt de kluit nauwelijks natter. Geef daarom rustig en in kleine beetjes, met steeds even tijd ertussen zodat het kan intrekken. Of zet een pot een halfuur in een bak water, tot de kluit zich weer volzuigt. Zo wordt de grond van binnenuit vochtig in plaats van alleen bovenop.
Kort antwoordJa, maar niet in wit ophoogzand of kale bouwgrond. Verbeter eerst de bodem. Bij najaarsaanplant geen bemeste tuinaarde gebruiken.

Dat kan, maar let goed op de grond. In nieuwbouwwijken is de tuin vaak kale bouwgrond, aangestampt door zwaar materieel, doorspekt met puin, en bedekt met een laag wit ophoogzand. Op dat witte zand groeit vrijwel niets. Het bevat geen voedingsstoffen, houdt nauwelijks vocht vast en wordt in de zomer gloeiend heet. We zien het vaak. Mensen planten hun haag in het witte zand dat de stratenmaker heeft achtergelaten en vragen zich af waarom alles doodgaat.

Een probleem dat vaak over het hoofd wordt gezien is de verdichting van de ondergrond. Als er maandenlang zwaar materieel over de grond heeft gereden, is de bodem ingeklonken. Die verdichte laag laat nauwelijks water door. Je kunt er bovenop prima tuinaarde leggen, maar als de ondergrond dicht zit, blijft het water staan en rotten de wortels weg. Grondbewerking tot op voldoende diepte is daarom essentieel, niet alleen om het witte zand en puin te verwijderen, maar juist ook om die ingeklonken laag open te breken zodat het water kan afvoeren.

Graaf het witte zand en eventueel puin weg tot je bij de oorspronkelijke grond komt, of vervang het door goede tuinaarde. Meng de grond flink met compost en maak hem goed los, minstens zo diep als bij een gewone aanplant, dus zo'n 50 tot 60 centimeter. Bij nieuwbouw mag dat gerust dieper, want het zware materieel heeft de ondergrond flink samengedrukt. Werk door tot je weer losse, doorwortelbare grond hebt. Taxus is niet kieskeurig, maar in dode grond kan zelfs een taxus niet groeien. Plant je in het najaar, gebruik dan compost of onbemeste tuinaarde en geen bemeste tuinaarde. Die geeft een groeiprikkel die je vlak voor de winter niet wilt.

TipLaat bij een nieuwbouwtuin eerst de grond verbeteren voordat je gaat planten. Dat kost een dagje werk en een paar kuub goede grond, maar het scheelt je een mislukte eerste aanplant en de frustratie die daarbij hoort.
Kort antwoordMinimaal 50 centimeter volgens het burenrecht. Check altijd je lokale gemeentelijke verordening.

Volgens het Nederlandse burenrecht (artikel 5:42 BW) moet een haag minimaal 50 centimeter van de erfgrens staan, tenzij er een gemeentelijke verordening is die iets anders bepaalt of de buren onderling andere afspraken maken. Controleer dus altijd even je lokale APV. Plant je op precies 50 cm, houd er dan rekening mee dat je de haag aan de kant van de buren ook moet kunnen snoeien.

TipMaak afspraken met je buren vóór je gaat planten, niet erna.
Kort antwoordNeem op tijd contact op om het ophalen te verzetten, en wacht daar niet mee tot het laatste moment.

Het weer is plaatselijk. Het kan bij ons droog en vorstvrij zijn terwijl het bij jou, aan de andere kant van het land, nog hard vriest. Andersom net zo goed. Jouw weer en ons weer lopen dus niet altijd gelijk.

Bij flinke vorst kunnen wij de planten zelf ook niet rooien. Uit bevroren grond komen de wortels niet heel mee. Na veel regen is het veld te nat om te rooien. Rijden we er dan met materieel overheen, dan klinkt de bodem in en beschadigen we de structuur. En ligt er een dik pak sneeuw, dan kunnen we ook niet het veld op.

Kun je de taxus niet planten, of kunnen wij niet rooien? Neem dan tijdig contact met ons op, of met de kweker waar je besteld hebt, en vraag of het ophalen verzet kan worden. Doe dat niet op het allerlaatste moment, want dan zijn de planten vaak al gerooid en liggen ze klaar om opgehaald te worden.

Heb je de taxus al opgehaald en kun je thuis nog niet de grond in? Dan kun je de planten een tijdje opkuilen. Hoe je dat doet, lees je bij de vraag 'Ik haal mijn taxusplanten op maar kan ze niet meteen planten. Hoe bewaar ik ze?'.

TipHoud de weersverwachting in de gaten in de dagen voor je ophaalafspraak. Zie je vorst, sneeuw of veel regen aankomen, bel dan even, dan kiezen we samen een beter moment.
Kort antwoordUit de zon en wind, afdekken met een vochtig laken. Geen plastic, dat verstikt de planten.

Leg de planten zo snel mogelijk uit de zon en uit de wind, bij voorkeur in een schuur, garage of ander beschut plekje. Dek de wortels af met een vochtig laken of een oude deken, zodat ze niet uitdrogen. Gebruik geen plastic. Daaronder kan het broeien en krijgen de planten geen lucht, met verstikking en schimmel als gevolg.

Kun je de planten een paar dagen niet planten, zet ze dan tijdelijk in de grond. Dat heet opkuilen. Graaf een ondiepe geul, leg de wortels erin en gooi er vochtige grond overheen. Zo blijven de wortels beschermd en vochtig tot je ze definitief kunt planten.

TipHoe korter de tijd tussen ophalen en planten, hoe beter. Elke dag dat de wortels boven de grond zijn, is een dag achterstand bij het aanslaan. Plan je aanplant daarom liefst op de dag dat je de planten ophaalt.
Kort antwoordJa, altijd. Geef meteen na het planten een flinke gietbeurt, ook als het regent of de grond al vochtig lijkt. Dat zet de grond aan rond de wortels en haalt de luchtholtes eruit.

Dit is de stap die het vaakst wordt overgeslagen, en juist de belangrijkste. Als je een taxus plant, blijven er altijd holtes met lucht tussen de kluit en de grond eromheen zitten. Wortels die in zo'n holte hangen, drogen uit en groeien niet. Een flinke gietbeurt spoelt de grond tussen de wortels en sluit die holtes.

Doe dit meteen op de dag van planten, en niet zuinig. Laat het water echt de grond in zakken en herhaal het zo nodig. Ook als het die dag regent, geef je water. Regen maakt alleen de bovenste laag nat en zet de grond rond de kluit niet zo aan als een gerichte gietbeurt dat doet. En dat de grond vochtig aanvoelt, zegt niets over de luchtholtes die er na het planten nog tussen zitten.

Daarna geldt het volgende. Het eerste jaar regelmatig water geven, zeker als het droog is. Maar die eerste beurt, direct na het planten, is de beurt die je niet mag overslaan.

TipMaak met je voet of wat losse grond een laag walletje (een gietrand) rondom de plant. Dan blijft het water staan waar het moet, recht boven de wortels, in plaats van weg te lopen.
Kort antwoordWekelijks goed water geven, mulchen en alleen licht bijsnoeien. Of je al voedt, hangt af van het plantseizoen en de grondsoort. Na het eerste seizoen kan taxus veel meer hebben.

Het eerste groeiseizoen is het kwetsbaarst. De wortels zijn nog niet diep genoeg om zelf water te vinden en de plant heeft al zijn energie nodig om aan te slaan. Waar je op moet letten:

  • Water. Geef wekelijks een flinke gietbeurt, zeker bij droog of warm weer. Niet elke dag een beetje, maar één keer per week goed doordrenken. Controleer regelmatig op 10 cm diepte of de grond nog vochtig is.
  • Snoeien. Snoei in het eerste jaar alleen licht bij aan de zijkanten om vertakking te stimuleren, of knip hooguit een enkele spriet weg die eruit steekt. Snoei nog niet bovenin als de haag de gewenste hoogte nog niet heeft bereikt. Een harde verjongingssnoei in het eerste jaar is uit den boze.
  • Bemesting. Of je voedt, hangt af van wanneer je plantte. Bij najaarsaanplant geef je in het plantseizoen geen extra mest. De plant gaat met een rustige, verbeterde bodem de winter in. Bij voorjaarsaanplant mag je licht bijvoeden, maar alleen op arme grond en alleen als je niet al compost of bemeste tuinaarde hebt verwerkt. Overdrijf nooit met stikstof. Dat geeft slappe, kwetsbare groei.
  • Mulchen. Breng direct na het planten een laag mulch van 5 tot 8 cm aan rondom de haag. Dat houdt de bodem vochtig, beschermt de jonge wortels tegen hitte en kou, en onderdrukt onkruid dat anders met de nieuwe planten om water en voeding concurreert.
TipDenk in het eerste jaar in deze volgorde: eerst drainage en structuur, dan water, en pas daarna voeding.
TipZie je na het eerste groeiseizoen dat alle planten groen zijn en nieuwe scheuten hebben gemaakt? Dan ben je er. Vanaf het tweede jaar kan een taxushaag veel meer hebben en is het onderhoud een stuk eenvoudiger.
TipHoud rekening met natuurlijke uitval. Bij plantgoed (kale wortel) is een uitvalpercentage van ongeveer 10% normaal in de branche. Bij kluitplanten ligt dat rond de 5% of minder. Dat is geen teken van slechte kwaliteit, maar hoort bij het verplanten van levend materiaal. Gaat er een plant dood in het eerste jaar? Geen paniek. Achterhaal de oorzaak, en bestel een vervangende plant in het volgende plantseizoen. Bij grote bestellingen kan het handig zijn om een paar extra planten mee te nemen als reserve, als je daarvoor de ruimte hebt, maar noodzakelijk is het niet.
TipSchrik niet als je het eerste jaar bovengronds weinig ziet gebeuren. Een pas geplante taxus stopt zijn energie eerst in de wortels, niet in nieuwe scheuten. Onder de grond gebeurt het werk, ook al lijkt de plant stil te staan. Pas als de wortels stevig zitten, meestal vanaf het tweede jaar, schiet hij echt in de groei.
↑ Terug naar de inhoud
Kort antwoordJa, zonder problemen. In de zon groeit taxus zelfs compacter en dichter.

Ja, zonder problemen. In volle zon groeit taxus compacter en dichter, wat juist mooi is voor hagen en vormsnoei. Wel is de vochtbehoefte hoger dan in de schaduw, dus houd daar rekening mee bij het watergeven.

Kort antwoordJa, zelfs in diepe schaduw. Een van de weinige haagplanten die dat kan.

Taxus is een van de weinige coniferen die ook in diepe schaduw nog goed groeit. Dat maakt hem ideaal voor plekken onder bomen, aan de noordzijde van gebouwen, of in besloten tuinen met weinig direct zonlicht. De groei is iets losser en langzamer dan in de zon, maar de plant blijft gezond.

TipTaxus is daarmee een van de weinige haagplanten die je kunt gebruiken op plekken waar buxus, liguster of de meeste coniferen het opgeven.
Kort antwoordJa, beter dan de meeste haagplanten. De schaduw is het probleem niet, daar houdt taxus van. Het lastige onder bomen is de wortelconcurrentie en de droogte. Geef de eerste jaren extra water, dan lukt het.

Taxus is een van de weinige haagplanten die het in diepe schaduw goed doet. Dat hij onder bomen kan staan, ligt dus niet aan het licht. Daarover lees je meer bij de vraag 'Kan taxus in de schaduw staan?'.

Het echte probleem onder een boom zijn de wortels van die boom. Die nemen veel vocht en voeding weg, en vlak onder de kroon komt bovendien weinig regen op de grond. Daardoor is het er vaak droger dan je denkt, zeker dicht bij de stam. Een jonge taxus moet daar tegenop wortelen, en dat kost tijd.

Geef de eerste twee tot drie jaar daarom ruim water, bij droogte geregeld een flinke gietbeurt. Hoeveel dat ongeveer is, lees je bij de vraag 'Hoe vaak moet ik taxus water geven?'. Een laag mulch rond de planten houdt de grond langer vochtig. Plant niet pal tegen de stam aan, maar een halve meter of meer naar buiten, waar de worteldruk minder is.

Reken er wel op dat taxus onder een boom langzamer groeit en wat ijler blijft dan op een open plek. Hij redt het, maar je moet hem in het begin een handje helpen.

TipOnder naaldbomen, beuken en eiken is de wortelconcurrentie het sterkst. Daar is extra water in de eerste jaren echt het verschil tussen aanslaan en kwakkelen.
Kort antwoordJa, dat kan problemen geven door hitte en uitdroging. Extra mulch en water zijn dan noodzakelijk.

Dat kan zeker een probleem worden. Bestrating en betonbanden worden warm in de zon en stralen die warmte uit naar de grond ernaast, waardoor de bodem rond de wortels flink kan opwarmen. In een smalle strook is er te weinig bodemvolume om vocht vast te houden, en door wind en reflectie droogt de grond sneller uit dan in een open border. Het resultaat is chronische uitdroging van de wortels, vooral in droge zomers.

TipBreng in zo'n situatie een dikke laag mulch (boomschors of cacaodoppen) aan om de bodem koel en vochtig te houden, en geef in de zomer regelmatig water. Verbeter de grond bij het planten ruim met compost, in smalle stroken is de grond vaak arm bouwzand.
TipPlant je een haag langs het trottoir? Houd de stam minimaal 30 cm van de trottoirband. Beton en bestrating trekken via capillaire werking vocht uit de aangrenzende grond en worden in de zomer gloeiend heet. Hoe dichter de plant bij de band staat, hoe meer de wortels daar last van hebben.
Kort antwoordJa, maar houd minimaal 40 tot 50 cm afstand. Nooit vlak tegen geïmpregneerd hout planten.

Dat kan, maar let op twee dingen. Ten eerste, wees voorzichtig met taxus vlak tegen een geïmpregneerde schutting. Bij sommige impregneermiddelen (met name het oudere CCA-hout met koper en chroom) kunnen stoffen via regen en condenswater in de grond spoelen en wortelschade geven. Moderne impregneermiddelen zijn meestal minder agressief, maar het risico bestaat, zeker als er weinig bodemvolume is. Houd bij twijfel minimaal 30 tot 40 cm afstand tot de schutting.

Ten tweede, taxus heeft aan alle kanten licht nodig om vol te blijven. Zet je een taxus te dicht tegen een muur of schutting, dan krijgt de kant tegen de muur geen licht en wordt die zijde kaal. Dat herstelt zich niet, ook niet met snoeien. Houd daarom altijd voldoende afstand zodat er ook aan de achterkant nog licht bij de plant komt.

TipVuistregel: plant minimaal 40 tot 50 cm uit de muur of schutting. Dat geeft de plant ruimte om rondom te groeien en jou de ruimte om er af en toe achterlangs te snoeien.
Kort antwoordMeestal niet. In een strook van 30 à 40 cm tegen de gevel is te weinig wortelruimte, en die plek is vaak droog en warm. Smal snoeien kan wel, maar onder de grond heeft taxus ruimte nodig.

We krijgen die vraag regelmatig. Een bedje van 30 of 40 cm onder het raam, eigenlijk geen tuin, net plek voor wat plantjes. Voor taxus is dat geen fijne plek. Niet omdat de haag niet smal kan, maar omdat de wortels het probleem zijn. Taxus wortelt ondiep en breed en wil ruimte onder de grond. In zo'n smalle strook pal tegen de gevel is die ruimte er niet.

Daar komt bij dat de grond langs een gevel vaak droog, warm en arm is. De muur houdt een deel van de regen tegen en geeft in de zomer warmte af, en er is weinig grond om vocht vast te houden. Dan blijft taxus kwakkelen, hoe netjes je hem boven de grond ook snoeit. Het is hetzelfde verhaal als bij een smalle strook tussen stoep en oprit. Niet de snoeibaarheid, maar de standplaats is de beperking.

Voor zo'n plek kun je beter lage vaste planten of kruiden kiezen die met weinig wortelruimte toe kunnen. Twijfel je over een specifieke plek? Bel of mail ons even met de maten, dan denken we mee.

TipHoe smaller de strook, hoe belangrijker de vraag wordt: is er ónder de grond genoeg ruimte voor de wortels, en blijft de bodem daar ook in de zomer vochtig genoeg?
Kort antwoordLiever niet er pal voor. Zo'n buitenunit blaast lucht uit (warm in de zomer, koud in de winter) en moet zelf vrij kunnen ademen. Vlak ervoor in de tegels gaat de taxus kwakkelen en werkt de unit slechter. Op afstand, met ruimte voor de wortels, kan een schermpje wel.

Een buitenunit staat meestal op een paar tegels tegen de gevel, en daar zit het eerste probleem. Geen wortelruimte, net als bij een smalle strook tegen de muur. Daar komt de lucht bij. De unit blaast de hele dag warme of koude lucht uit, en een taxus pal voor die uitblaas droogt uit en wordt aan die kant bruin. Andersom heeft de unit vrije lucht nodig. Staat er iets te dicht voor, dan zuigt hij zijn eigen lucht weer aan en werkt hij minder goed.

Wil je de unit toch uit het zicht? Houd de vrije ruimte aan die de fabrikant voorschrijft (even in de handleiding kijken), en zet de taxus op afstand, opzij of schuin ervoor, in echte grond. Een schermpje naast de unit werkt beter dan een haag er strak omheen.

TipDe unit moet kunnen ademen en de taxus moet kunnen wortelen. Lukt allebei niet op die plek, kies dan iets anders om voor de unit te zetten.
Kort antwoordJa, taxus is opvallend tolerant voor luchtvervuiling en uitlaatgassen. Let wel op strooizout.

Ja, en taxus is daar zelfs bijzonder goed voor geschikt. In tegenstelling tot veel andere haagplanten is taxus opvallend tolerant voor luchtvervuiling en uitlaatgassen. Fijnstof, roet en andere vervuiling hebben weinig invloed op de gezondheid van de plant. Dat maakt taxus een uitstekende keuze voor hagen langs drukke straten, opritten en wegen.

TipLet wel op strooizout als de haag langs een weg staat die in de winter gestrooid wordt. Strooizout is voor taxus een groter risico dan uitlaatgassen. Spoel de haag na een strooiperiode af met schoon water als dat mogelijk is. Bij een droog voorjaar is dat extra belangrijk, want dan verdunt de regen het zout niet vanzelf.
Kort antwoordEen beetje wel, veel niet. Taxus is gevoelig voor zout, maar in de praktijk zien wij er weinig schade van. Strooi het niet vlak langs de haag en gooi geen gepekelde sneeuw tegen de voet, dan zit je goed.

Zout trekt vocht weg uit de wortels en de naalden en verstoort de wateropname, en daar krijgt de plant schade van. Te veel zout langs de haag kan daardoor bruine naalden geven, vaak het ergst aan de kant die het dichtst bij het gestrooide pad of de weg staat. Voorkomen is simpel: strooi zo min mogelijk vlak naast de haag, gooi gepekelde sneeuw niet tegen de voet, en gebruik dichtbij liever zand of split tegen de gladheid.

In de praktijk komen mensen er bij ons pas mee als de haag al bruin is. En dan is zoutschade lastig met zekerheid vast te stellen, want bruine naalden hebben veel mogelijke oorzaken. Je kunt het meestal alleen vermoeden uit de situatie: staat de haag pal langs een gepekeld pad of een drukke weg, en is de straatkant duidelijk bruiner dan de tuinkant, dan is zout een kandidaat. Maar bruine naalden komen veel vaker door natte grond, droogte of de taxuskever dan door zout. Welke oorzaken er allemaal zijn, lees je bij de vraag 'Mijn taxus wordt bruin. Wat is er aan de hand?'.

Het goede nieuws is dat zout op een doorlatende zandgrond vanzelf vrij snel wegspoelt met de regen. Is de zoutbron weg en staat de haag niet langdurig in nat, zout water, dan herstelt taxus zich meestal goed. Wacht met snoeien tot het voorjaar, dan zie je welke takken weer uitlopen en welke echt dood zijn. Knip pas daarna het dode hout weg.

TipStaat je haag langs een stoep die de gemeente pekelt, zet de planten dan niet helemaal tegen de rand. Een strook van minstens twintig tot dertig centimeter ertussen vangt het ergste op.
Kort antwoordJa. Taxus is groenblijvend en laat weinig vallen, dus je vist weinig uit het water, en een spat chloorwater verdraagt hij goed. Houd wel afstand en zorg voor afvoer.

Taxus is daar prima geschikt voor. In tegenstelling tot veel loofhagen en bomen verliest taxus nauwelijks blad. Hij is groenblijvend en laat alleen heel geleidelijk wat oude naalden vallen. Je vist er dus veel minder uit het water dan bij een berk, beuk of grove den die zijn naalden laat regenen. Dat dichte, compacte loof maakt taxus juist populair rondom terrassen en zwembaden.

Een incidentele spat chloorwater verdraagt taxus goed. Problemen ontstaan pas als de haag structureel met chloor- of zoutwater wordt natgemaakt, of als water met een hoge chloorconcentratie steeds in de wortelzone terechtkomt. Houd de haag daarom wat van de rand af, zo'n anderhalve meter, en zorg dat overloop- en spoelwater niet telkens richting de wortels loopt.

TipLaat het terugspoelwater van het zwembadfilter nooit standaard de border in lopen. Dat is het meest geconcentreerde chloorwater dat je hebt, en herhaalde gietbeurten daarmee zijn schadelijker dan een zomer lang spatten.
Kort antwoordVrijwel alles, zolang het goed doorlatend is. Stilstaand water is de grootste vijand.

Taxus is wat grond betreft een van de makkelijkste planten die er zijn. Hij groeit op vrijwel alles: zand, klei, leem, en van licht zuur tot kalkhoudend. Dat maakt taxus vrij uniek onder de coniferen, die vaak kieskeuriger zijn. De enige harde eis is dat de grond goed doorlatend is. Langdurig stilstaand water is de grootste vijand van taxus en leidt tot wortelrot.

  • Zandgrond. Taxus groeit hier prima, maar het vochthoudend vermogen is laag. Compost door de grond werken helpt, en mulchen bovenop houdt het vocht vast. Magnesium spoelt op zandgrond sneller uit, dus jaarlijks wat kieseriet strooien is hier extra zinvol.
  • Kleigrond. Uitstekend voor taxus. Klei houdt goed vocht en voeding vast. Maar zware klei die in de winter drassig wordt, is een risico. Wij zijn zelf niet echt fan van taxus in hele zware klei. Als je dat toch wilt, is dat op eigen risico, maar bewerk de grond dan altijd goed met grof zand of lavakorrels zodat het water voldoende kan afvoeren. Plant eventueel iets verhoogd.
  • Leemgrond. Eigenlijk de ideale grond voor taxus. Leem is vochthoudend maar toch doorlatend, precies wat taxus nodig heeft.
  • Veengrond. Het minst geschikt: te nat, te zuur en te weinig structuur. Niet onmogelijk, maar je moet flink verbeteren met compost en zand.

Met de natte winters van de laatste jaren is drainage belangrijker dan ooit. Veel mensen denken dat het genoeg regent, dus dat het waterprobleem is opgelost. Maar taxus verdrinkt juist bij langdurig natte grond. Staat je tuin in de winter regelmatig blank of blijft de grond wekenlang drassig, dan moet je de drainage verbeteren vóór je taxus plant.

TipTwijfel je over de drainage? Graaf een gat van ongeveer 30 cm diep, vul het met water en kijk hoe snel het wegzakt. Staat het water er na een dag nog grotendeels in, dan moet je de drainage verbeteren voordat je taxus plant.
Kort antwoordTaxus is niet kieskeurig op zuurgraad: van licht zuur tot kalkrijk groeit hij prima. Kalk is meestal niet nodig, maar kan op zure zandgrond helpen.

Taxus is wat zuurgraad betreft een van de tolerantste haagplanten. Hij groeit goed op grond van licht zuur tot kalkhoudend, en is daarmee veel makkelijker dan bijvoorbeeld rododendron, hortensia of skimmia, die juist een zure grond nodig hebben. Voor taxus hoef je dus zelden iets aan de pH te doen.

Op uitgesproken zure grond, vaak oudere zandgrond of een perceel waar lang naaldhout heeft gestaan, kan wat kalk wel helpen. Kalk maakt voedingsstoffen beter beschikbaar en verbetert de structuur. Maar overdrijven hoeft niet. Taxus vraagt geen kalkrijke grond, hij verdraagt het alleen goed. Strooi je kalk, doe dat met mate en niet in hetzelfde seizoen als een zware bemesting.

TipTwijfel je over je grond? Een eenvoudige pH-strip of bodemtest uit het tuincentrum geeft snel uitsluitsel. Voor taxus is alles tussen licht zuur en licht kalkrijk prima. Pas onder een pH van ongeveer 5 is wat kalk zinvol.
Kort antwoordHet kan, maar als kwekers zijn wij er geen fan van. Het grove wortelstelsel van taxus vraagt om volle grond.

Het kan, maar als kwekers zijn wij er geen fan van. Taxus heeft een grof, krachtig wortelstelsel dat de ruimte nodig heeft om zich te ontwikkelen. Dat is een wezenlijk verschil met bijvoorbeeld buxus, die een veel fijnere wortelstructuur heeft en daardoor beter tegen een beperkt wortelvolume kan. In een pot of bak raken de wortels van taxus al snel bekneld. De plant overleeft het wel een aantal jaar, en in een grote bak kan het best lang goed gaan, maar voor langdurig gezonde groei en een sterke plant is de volle grond duidelijk beter.

Wat je ermee doet is uiteraard aan jezelf. Kies je toch voor een pot, neem dan een ruime bak van minimaal 40 liter met drainagegaten, gebruik geen standaard potgrond maar een luchtiger mengsel met grof zand of perliet, en geef regelmatig water en voeding. Maar weet dat de plant in een pot altijd gevoeliger blijft voor droogte en vorst dan in de volle grond.

Kort antwoordJa, maar op echt winderige plekken jonge planten de eerste winters beschermen met een windscherm.

Taxus is geen windgevoelige plant en kan prima tegen een stevig briesje. Maar op echt winderige standplaatsen, denk aan open velden, hoekpercelen of plekken waar de wind vrij spel heeft, kan aanhoudende gure wind de naalden uitdrogen. Dat geldt vooral in de winter. De wind trekt vocht uit de naalden terwijl de bevroren grond geen water doorlaat naar de wortels. Het resultaat is bruinverkleuring aan de windzijde, die je pas in het voorjaar goed ziet.

Zie ook 'Mijn taxus wordt bruin. Wat is er aan de hand?' voor alle oorzaken van bruine naalden, en het hoofdstuk 'De taxuskalender voor plagen en problemen' voor wanneer winterverbranding in het jaar speelt.

TipPlant je taxus op een windvang, bescherm de jonge planten dan de eerste winters met een windscherm van jute of rietmatten. Zodra de haag is aangeslagen en een dicht bladerdek vormt, beschermt hij zichzelf.
TipMerk je elk voorjaar bruine naalden aan dezelfde kant van de haag? Dan is wind vrijwel zeker de boosdoener. Extra watergeven in de late herfst, vóór de vorst invalt, helpt de plant met een goede vochtreserve de winter in te gaan.
Kort antwoordJa. Taxus baccata is zeer winterhard en hoort bij de hardste groenblijvende planten in Nederland.

Taxus baccata is zeer winterhard in het Nederlandse klimaat. Zelfs strenge winters met temperaturen onder de min vijftien zijn geen probleem voor een aangeslagen plant. Wat wel schade kan geven is de combinatie van vorst met andere factoren: bevroren grond met gure wind (de naalden verdrogen), late nachtvorst na een zachte periode (jong schot bevriest), of langdurige droogte vóór de winter waardoor de plant met een te lage vochtreserve de vorst ingaat.

TipDe grootste vriend van taxus in de winter is een goede vochtreserve. Geef jong plantgoed water op een vorstvrij moment als de winter droog verloopt. Een aangeslagen taxus redt zich, maar ook die kan profiteren van een gietbeurt na een lange droge herfst.
Kort antwoordJa, taxus is een van de dichtste haagplanten en blijft het hele jaar groen. Een volgroeide haag dempt ook geluid.

Taxus is een van de beste haagplanten als je echt dichte afscherming wilt. Door de fijne, compacte vertakking groeit een taxushaag zo dicht dat je er nauwelijks doorheen kunt kijken, zelfs in de winter. Dat is een groot voordeel ten opzichte van bijvoorbeeld beuk. Die houdt zijn bruine blad weliswaar lang vast, maar is in het vroege voorjaar een paar weken kaal. Taxus is het hele jaar door groen en dicht.

Een volgroeide taxushaag dempt ook geluid. Langs een drukke weg of oprit merk je het verschil. Het is geen geluidsmuur, maar de dichte massa van naalden en takken absorbeert en breekt geluidsgolven, zeker in combinatie met een haag van anderhalf meter of hoger.

TipWil je maximale dichtheid? Snoei de haag van jongs af aan iets smaller aan de bovenkant dan aan de onderkant (een lichte A-vorm). Zo krijgt ook de onderkant van de haag voldoende licht en blijft hij van boven tot onder dicht.
Dichte, donkergroene taxushaag die van boven tot onder gesloten is.
Een volgroeide taxushaag: het hele jaar dicht en groen, van boven tot onder.
Kort antwoordJa, maar houd 30 tot 40 cm afstand en kies sterke vaste planten die tegen wortelconcurrentie kunnen.

Ja, maar houd rekening met een paar dingen. Taxus heeft een stevig wortelstelsel dat behoorlijk wat vocht en voeding uit de grond haalt. Planten die je vlak voor of achter een taxushaag zet, moeten daartegen kunnen. Sterke vaste planten zoals geraniums, hosta's, helleborus en siergrassen doen het goed. Planten met een zwak of oppervlakkig wortelstelsel hebben het lastiger.

Houd ook rekening met licht. De voet van een taxushaag is vaak schaduwrijk, zeker aan de noordkant. Kies daar voor schaduwplanten. Aan de zonkant heb je meer opties.

TipPlant niet te dicht tegen de haag aan. Houd minimaal 30 tot 40 cm afstand, zodat je er nog bij kunt om de haag te snoeien en de borderplanten niet beschadigt.
↑ Terug naar de inhoud
Kort antwoordTaxus is een dankbare, ongedwongen plant, dus de kalender is kort. De grote lijn is simpel. Planten en verplanten doe je in het rustseizoen van het najaar tot het vroege voorjaar, snoeien rond de langste dag in juni, en voeden in het vroege voorjaar. In de zomer is water het enige aandachtspunt bij droogte. Hieronder seizoen voor seizoen wat er speelt.

Zo ziet het taxusjaar er ongeveer uit:

jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
okt
nov
dec
Planten en verplanten
Snoeien
Voeden
Water bij droogte
Planten en verplantenSnoeienVoedenWater bij zomerdroogteWater bij droge winter of voorjaar, vooral jong plantgoed
  • Vroege voorjaar, februari tot april. De start van het seizoen. Voeden mag nu, een laag compost of milde organische mest, nooit in het najaar. Planten en verplanten kan nog zolang de plant in rust is en het niet vriest. Geef nieuwe aanplant op tijd water als het droog blijft.
  • Late voorjaar en zomer, mei tot augustus. Snoeien doe je het liefst rond de langste dag, eind mei tot eind juni, als de eerste groeispurt erop zit. Wil je een bessenvrije of strakke haag, dan knip je in juli of augustus nog een keer bij. Niet snoeien tijdens een hittegolf of in de volle zon. Houd in droge, hete periodes de watergift in de gaten, vooral bij jonge planten. En let op broedende vogels.
  • Najaar, september tot november. Het beste plantseizoen voor taxus uit de volle grond. De grond is nog warm en de plant heeft de hele winter en het voorjaar om te wortelen. Snoei na half september niet meer hard, want jong schot bevriest. Een laatste lichte vormbeurt begin september kan nog. Voeden doe je nu niet.
  • Winter, december tot februari. Rusttijd. Planten en verplanten kan op een vorstvrije dag nog steeds, zolang de grond niet bevroren is. Verder laat je de haag met rust. Vergeet jong plantgoed niet helemaal, want na een lange, droge vorstperiode zonder sneeuw kan de grond uitdrogen. Geef dan op een zachte dag een beetje water.

Dit is de grote lijn. De details per klus staan in de aparte vragen, over snoeien, bemesten, water geven, planten en verplanten. Onthoud vooral dit. Planten en verplanten in het rustseizoen, snoeien rond de langste dag, voeden in het voorjaar, en water in een droge zomer. Meer vraagt een taxus niet.

Voor wat er door het jaar aan plagen en problemen kan spelen, kijk in het hoofdstuk 'De taxuskalender voor plagen en problemen'.

TipSnoei het liefst voor de langste dag, rond 21 juni. Daarna maakt de plant nog mooi nieuw schot dat netjes uitkomt, terwijl een late snoeibeurt zacht schot geeft dat de winter slecht doorstaat.
TipEen handig ezelsbruggetje. Planten als het blad valt, snoeien als de dagen het langst zijn. De rest komt vanzelf.
Kort antwoordBij nieuwe aanplant is water het belangrijkste van alles, belangrijker dan mest. De eerste weken vaak en flink gieten, daarna langzaam afbouwen. Een aangeslagen taxus geef je alleen nog bij droogte. Hoeveel water hangt af van de grootte van de plant, de grondsoort en het weer.

Bij een vers geplante taxus, met kluit of blote wortel, is water geven het eerste jaar de belangrijkste klus. De meeste planten die het niet redden, gaan dood door te weinig water in de eerste maanden, niet door vorst en niet door gebrek aan mest. Mest doet pas later iets, water bepaalt of de plant aanslaat. Of en wanneer je voedt, lees je bij de vraag 'Moet ik taxus bemesten?'.

Dat geldt voor beide plantvormen, elk om een eigen reden. Een kluit is ouder en heeft meer wortelmassa, maar bij het rooien is de buitenste rand afgestoken, dus de plant moet eerst opnieuw inwortelen. Blote wortel is jonger en kleiner, en die kale wortels mogen na het planten niet uitdrogen. Allebei vragen ze daarom in het begin om ruim water.

Plant je in het natte rustseizoen, in de herfst of winter, dan doet de natuur een groot deel van het werk en geef je veel minder. Het schema hieronder geldt vooral voor planten in het groeiseizoen en voor droge, warme periodes.

Hoe vaak je giet, hangt af van de leeftijd van de plant en van het weer:

  • Eerste twee weken. bij droog of zonnig weer elke dag gieten. Is het koel of regent het, kijk dan om de dag en geef pas als de grond bij de kluit droog aanvoelt.
  • Week drie tot ongeveer twaalf. twee tot drie keer per week een flinke beurt. Liever in een keer veel dan elke dag een beetje, want zo zoeken de wortels de diepte op.
  • Na ongeveer drie maanden. alleen nog bij droogte of warmte. De eerste zomer blijf je controleren, ook als de plant al lijkt aan te slaan.

Een aangeslagen taxus, die langer dan twee jaar op dezelfde plek staat, redt zich in normale jaren prima zonder extra water. In een droge zomer geef je ook zo'n oudere plant gerust een keer een flinke plens, zeker als de naalden dof beginnen te worden.

Hoeveel water je per keer geeft, hangt vooral af van de grootte van de plant. Voor taxus met kluit houd je deze richtlijn aan:

Plantgrootte met kluitWater per gietbeurt
Klein, tot 80 cm10 tot 15 liter
Middel, 80 tot 120 cm15 tot 25 liter
Groot, boven 120 cm30 liter of meer

Voor een haag reken je dit door naar het aantal planten per strekkende meter. Reken een kleine kluit op drie planten per meter en 10 tot 15 liter per plant, dan kom je op 30 tot 45 liter per meter per gietbeurt. Plant je blote wortel of klein plantgoed dicht op elkaar, zo'n vijf per meter, reken dan op ongeveer 8 tot 12 liter per strekkende meter per beurt. Op zandgrond of in de hitte mag het overal wat royaler.

In de praktijk hoef je dit niet op de liter af te meten. Een flinke tuingieter is ongeveer 10 liter. Voor een kleine kluit reken je op een tot anderhalve gieter per plant, voor een middenmaat op anderhalve tot tweeënhalve gieter, en voor een grote kluit op drie gieters of meer. Belangrijker dan het precieze aantal is dat het water echt tot bij de kluit doordringt en niet alleen het oppervlak natmaakt.

De grondsoort bepaalt hoe vaak je giet. Zandgrond laat water snel door en houdt weinig vast, dus daar giet je vaker en iets royaler. Kleigrond houdt water lang vast, dus daar giet je minder vaak en let je op dat de plant niet in een badkuip komt te staan. Hoe je natte of slecht doorlatende grond aanpakt, lees je bij de vraag 'Mijn grond is nat of slecht doorlatend, wat moet ik doen voordat ik taxus plant?'.

TipGiet langzaam. Gooi je een emmer in een keer leeg, dan loopt het water langs de kluit weg in plaats van erin. Geef het rustig de tijd om in te zakken, eventueel in twee rondes met even tijd ertussen. Een laag aarden randje rond de plant houdt het water boven de wortels en scheelt veel.
TipGeef water in de vroege ochtend of in de avond, niet midden op de dag. In de volle zon verdampt een groot deel voordat het de grond in trekt. Sproei de planten in droge perioden af en toe ook over het blad. Dat frist de naalden op en spoelt stof weg.
TipVoel of de grond nog vochtig is, en kijk niet alleen bovenop. Steek je vinger een centimeter of tien de grond in, vlak naast de kluit. Droog betekent gieten, licht vochtig is goed, en dagenlang drijfnat betekent dat je het rustiger aan mag doen. De bovenkant kan kurkdroog zijn terwijl het eronder nog prima zit, en andersom.

Op sommige plekken droogt de grond veel sneller uit dan je denkt. Let extra op bij:

  • zandgrond
  • veel wind
  • volle zon
  • een plek onder een overkapping of dakrand
  • planten dicht tegen een schutting of bestrating
TipVergeet jong plantgoed niet in de winter. Na een droge vorstperiode zonder sneeuw, of na een lange droge periode in de wintermaanden, kan de grond rond jonge planten flink uitdrogen. De plant staat er bevroren bij en kan zelf geen vocht opnemen. Geef dan een bescheiden scheut op een vorstvrij moment. Dat hoeft geen tien liter te zijn zoals in de zomer, een paar liter per plant houdt de wortels al vochtig.
TipWe horen het vaak: "Maar wij hebben een druppelslang liggen." Veel particuliere druppelslangen geven te weinig water per keer. In een hete zomer is dat beetje al verdampt in de bovenste centimeters voordat het bij de wortels komt. Een professioneel ingesteld systeem dat lang genoeg draait werkt prima, maar de gemiddelde slang uit het tuincentrum geeft onvoldoende. Taxus heeft liever een keer per week een flinke plens die tot op worteldiepte doordringt, dan elke dag een dun straaltje dat alleen het oppervlak nat maakt.

De meest gemaakte fout is elke dag een klein beetje sproeien. Dan blijft alleen de bovenste laag nat, zoeken de wortels niet naar beneden, en bij de eerste hittegolf gaat de plant alsnog onderuit. Maar het kan ook andersom. Taxus heeft een hekel aan natte voeten. Blijft de kluit weken achtereen kletsnat, dan kan hij gaan rotten. De grond moet vochtig zijn, geen blijvend modderbad. Op kleigrond is dat het punt om op te letten, op zandgrond zelden.

Kort antwoordTwee keer per jaar: eind mei/begin juni en eind augustus/begin september. Bij voorkeur niet later dan half september.

Snoei taxus twee keer per jaar. De eerste keer eind mei/begin juni, de tweede keer eind augustus/begin september. Wil je vormsnoei toepassen, bijvoorbeeld bij bollen of figuren, dan kun je tussendoor nog een extra lichte snoeibeurt geven om de vorm strak te houden. Snoei bij voorkeur niet later dan half september, en zeker niet meer hard terugsnoeien laat in het seizoen. Bij een zachte herfst kan eind september nog wel, maar daarna loopt je de kans dat de taxus opnieuw gaat uitlopen. Dat jonge schot heeft dan niet meer genoeg tijd om af te harden vóór de vorst.

TipSnoei bij bewolkt weer of in de avonduren, en niet tijdens een hittegolf. Direct zonlicht op vers gesnoeide naalden kan verbranding geven: de naalden die normaal beschut zaten, zijn nog niet gewend aan direct UV-licht. Snoei ook niet bij vorst: bevroren takken zijn broos en scheuren sneller, en de plant kan zich niet herstellen zolang het vriest.
TipGebruik scherp gereedschap. Een botte schaar scheurt de naalden in plaats van ze schoon af te knippen, en dat geeft bruine, rafelige randen. Voor een gewone haag voldoet een scherpe heggenschaar (hand of elektrisch). Voor vormsnoei of kleinere figuren is een handschaar preciezer. Reinig de schaar na gebruik, zeker als je zieke takken hebt gesnoeid.
TipTaxus is een van de weinige coniferen die op oud hout terugkomt. Zelfs als je drastisch snoeit tot op kale takken, loopt hij weer uit. Dat maakt taxus ideaal voor renovatiesnoei van verwaarloosde hagen.
TipLet in het voorjaar en de zomer op broedende vogels, want een taxushaag is een geliefde nestplek. Het broedseizoen loopt grofweg van half maart tot half juli, al houdt geen vogel zich precies aan de kalender. Niet het snoeien zelf is verboden, maar het verstoren van een bezet nest, en daar geldt een zorgplicht voor onder de Omgevingswet. Kijk dus eerst of er een nest in zit. Zit er een, laat dat stuk dan met rust tot de jongen zijn uitgevlogen. Wil je zonder zorgen knippen, doe het dan buiten die periode.
Kort antwoordVoor een gewone taxushaag is een scherpe heggenschaar het belangrijkste, met de hand of elektrisch. Voor bollen, kegels en kleiner vormwerk pak je een handschaar, die snoeit preciezer. De gulden regel is dat het scherp moet zijn. Een botte schaar scheurt de naalden in plaats van ze schoon af te knippen, en dat geeft lelijke bruine randen.

Scherp is belangrijker dan duur. Wat je ook kiest, het moet scherp zijn. Een botte schaar knipt de naalden niet af maar scheurt ze kapot, en die rafelige randjes verkleuren bruin. Een goedkope maar scherpe schaar geeft een mooier resultaat dan een dure botte. Slijp of vervang dus op tijd.

De gangbare soorten op een rij:

  • Handheggenschaar. twee lange messen, met de hand bediend. Veel controle, lekker stil, voor een korte haag prima. Bij een lange haag wordt het zwaar werk voor je armen.
  • Elektrische of accu-heggenschaar. voor een wat langere haag bespaart dit veel tijd en kracht. Een accuschaar is licht en zonder snoer, netstroom is krachtiger maar je sleept een kabel mee. Voor een gemiddelde tuinhaag meestal de beste keuze.
  • Handschaar. voor vormsnoei, bollen, kegels en spiralen. Je werkt langzamer maar veel preciezer. Een bypass-schaar, met messen die langs elkaar schuiven, knipt schoner dan een aambeeldschaar en is voor levend groen de betere keuze.
  • Telescoop- of stokschaar. voor een hoge haag of hoge vorm scheelt een verlengsteel je het klimmen op de ladder. Iets minder controle, maar veiliger voor het bovenwerk.
  • Takkenschaar of snoeischaar. voor de enkele tak die te dik is voor de heggenschaar.
TipLeg een zeil of doek onder de haag, dan ruim je het giftige snoeisel in een keer op. Wat je verder met het snoeiafval doet, lees je bij de vraag 'Wat doe ik met snoeiafval van taxus?'
TipHoe je je gereedschap schoonmaakt, ontsmet en roestvrij houdt, lees je bij de vraag 'Waarmee reinig ik en ontsmet ik mijn snoeigereedschap?'. En let op het weer, niet snoeien bij vorst of in de volle zon. Waarom, en wanneer je wel snoeit, lees je in de vraag over snoeien.
TipTwijfel je tussen een bypass- en een aambeeldschaar? Bij een bypass schuiven twee gebogen messen langs elkaar, net als een gewone schaar, en dat geeft een schone, vlakke snede. Bij een aambeeldschaar komt een mes neer op een vlak plaatje, het aambeeld, en wordt de tak daar tegenaan geknipt, meer geplet dan gesneden. Voor levend groen zoals taxus is bypass de betere keuze, want een schone snede heelt sneller. Een aambeeldschaar bewaar je voor dood, droog of hard hout.
TipVoor het elektrische werk gebruiken wij in de kwekerij zelf graag Stihl. Krachtig, betrouwbaar en ze gaan jaren mee. Dat is geen wet, want het gaat uiteindelijk om scherp en goed onderhouden gereedschap, niet om het merk. Maar als je toch een elektrische of accuschaar kiest, weet je waar onze voorkeur ligt.
TipVoor een gewone tuin met niet al te veel haag hoef je trouwens niet meteen in het dure segment te zoeken. Het Parkside-tuingereedschap van de Lidl doet het voor dat werk prima, zeker als je maar een paar keer per jaar snoeit. Betaal je voor een professionele machine, dan betaal je vooral voor intensief, dagelijks gebruik.
TipEn nee, we worden niet gesponsord. We gebruiken dit gereedschap al jaren naar alle tevredenheid.
Kort antwoordReinigen en ontsmetten zijn twee dingen. Reinigen is het vuil, sap en de plakkerige hars eraf halen, ontsmetten is ziektekiemen doden zodat je ze niet van de ene plant naar de andere verspreidt. Voor het eerste volstaan warm water en wat zeep, voor het tweede pak je alcohol of een verdunde bleekoplossing. Droog het gereedschap daarna goed af, dat scheelt roest.

Begin met schoonmaken. Na een snoeibeurt zit er plantensap, vuil en bij taxus vaak kleverige hars op de messen. Veeg het grove eraf en was de messen met warm water en een beetje afwasmiddel. Hardnekkige hars krijg je los met een doek met wat wasbenzine of terpentine. Spoel na en droog de messen goed af.

Ontsmetten doe je apart, en vooral als je in ziek of aangetast hout hebt gesneden. Veeg de schone messen af met alcohol van ongeveer 70 procent, te koop als ontsmettingsalcohol of spiritus. Dat werkt snel en verdampt zonder veel achter te laten. Een verdunde bleekoplossing kan ook, maar bleek bijt het metaal aan, dus spoel en droog daarna meteen. Heb je zieke takken weggeknipt, ontsmet dan ook tussendoor, niet alleen aan het eind.

Tot slot het onderhoud. Droog gereedschap roest niet, dus berg het nooit nat op. Wrijf de messen af en toe in met een dun laagje machine- of slaolie tegen roest en om soepel te blijven knippen. En houd ze scherp. Een scherpe schaar maakt een schone snede, en een schone snede geneest sneller en is minder vatbaar voor ziekte dan een gerafelde.

TipVoor de gewone, gezonde haag hoef je niet bij elke knip te ontsmetten. Dat is vooral belangrijk bij ziek hout en als je van de ene plant naar de andere gaat. Schoonmaken en drogen na afloop is wel altijd de moeite, dan gaat je gereedschap jaren langer mee.
TipLees ook even de handleiding van je eigen gereedschap. Vooral bij een elektrische of accuschaar gelden eigen regels. Denk aan welk deel wel en niet nat mag, welke olie je gebruikt, en hoe je het mes losneemt om te reinigen. Wat de fabrikant voorschrijft gaat altijd voor.
Kort antwoordJa, bij uitstek geschikt. Bollen, kegels, spiralen: taxus kan het allemaal. Twee tot drie snoeibeurten per jaar.

Absoluut, en daar is taxus zelfs bij uitstek geschikt voor. De fijne, dichte vertakking en het trage, gelijkmatige groeipatroon maken taxus ideaal voor bollen, kegels, spiralen en andere vormen. Je ziet het in kasteeltuinen en landhuizen, maar het kan net zo goed in een gewone tuin. Begin met een jonge plant en snoei vanaf het begin in de gewenste vorm. Hoe eerder je begint met sturen, hoe mooier en strakker het resultaat.

TipVormsnoei vraagt twee tot drie snoeibeurten per jaar om de vorm strak te houden. Gebruik een scherpe heggenschaar of handschaar, afhankelijk van de grootte van het figuur. Voor complexe vormen kan een draadframe helpen als mal, zeker in het begin.
In bol gesnoeide taxus op de kwekerij.In kegelvorm gesnoeide taxus op de kwekerij.In blokvorm gesnoeide taxus op de kwekerij.
Eigen vormsnoei op de kwekerij: bol, kegel en blok. Met zijn fijne naalden laat taxus zich strak in vrijwel elke vorm knippen.
Kort antwoordDe haag wordt langzaam breed, los van structuur en kaal onderin. Altijd nog terug te zetten, want taxus loopt uit op oud hout.

Als je een taxushaag niet snoeit, groeit hij langzaam maar gestaag uit tot een brede, losse structuur. Na een paar jaar wordt de haag bovenin vol en breed, maar onderin steeds kaler doordat de binnenkant te weinig licht krijgt. Je houdt dan een haag over die van buiten groen is maar van binnen hol en bruin. Als solitaire boom of vrij groeiende struik is dat geen probleem, maar voor een strakke, dichte haag is regelmatig snoeien noodzakelijk.

TipHeb je een paar jaar niet gesnoeid en is de haag uit vorm geraakt? Geen paniek. Taxus is een van de weinige coniferen die je flink kunt terugzetten, zelfs tot op kaal hout. Hij loopt weer uit. Doe dat wel in het vroege voorjaar en niet alles in één keer.
Kort antwoordMeestal weinig. Taxus is geen veeleisende plant. Voeden doe je in het voorjaar, nooit in het najaar. Wat nodig is, hangt af van de grondsoort en van wat je bij het planten al hebt meegegeven.

Taxus wordt niet beter van veel mest. Staat de haag er eenmaal goed in, dan heeft hij vaak genoeg aan een jaarlijkse laag compost, of hooguit wat lichte organische mest in het voorjaar. Kies dan iets milds, zoals gedroogde koemestkorrels of een taxus- of coniferenmeststof. Scherpe mest zoals verse kippenmest geeft te veel stikstof en kan jonge wortels verbranden. Voeden doe je van de late winter tot de nieuwe groei begint. Najaarsbemesting is uit den boze. Doe je het toch, dan maakt de plant nog jong, zacht schot, en dat bevriest in de winter.

De grond bepaalt veel. Op zand spoelt voeding snel uit, daar is wat bijvoeden in het voorjaar eerder zinvol. Op klei of leem zit het probleem zelden in voeding maar in lucht en afwatering. Leg de nadruk daar op structuur en drainage.

Kreeg de plant bij het planten al compost of bemeste tuinaarde mee? Dan is extra mest in het begin meestal niet nodig. Overdrijf niet met stikstof. Dat geeft slap, weekgroen blad dat gevoeliger is voor vorst en ziekte.

TipZie bemesten als de laatste stap, niet de eerste. Een taxus in natte of verdichte grond knapt niet op van meer korrels.
TipCompost is de beste allround bodemverbeteraar voor taxus. Een laag van 2 tot 3 cm rondom de plant in het voorjaar doet meer dan welke kunstmest dan ook.
TipMagnesiummeststof (kieseriet) kan op zandgrond verschil maken. Magnesium maakt bladgroen aan en zorgt voor de diepgroene kleur. Een tekort geeft juist fletse of bruinige naalden, en op zand spoelt magnesium sneller uit. Zie je dat, dan helpt het om in het vroege voorjaar wat kieseriet te strooien. Kijk wel eerst naar drainage, structuur en gewone voeding: kieseriet is een aanvulling, geen wondermiddel. Voor de dosering kijk je op de verpakking. Op klei of leem mag het ook. Daar is het alleen minder vaak nodig.
TipKalk en kieseriet bijten elkaar een beetje: kalk remt de opname van magnesium. Kalken hoeft trouwens niet standaard ieder jaar, alleen als je grond zuurder is dan ongeveer pH 5. Moet je wel kalken, doe dat dan in februari en wacht een week of vier voordat je kieseriet en mest geeft.
Kort antwoordTaxus heeft niet veel nodig, dus met mest hoef je niet kwistig te zijn. Grof gezegd zijn er twee families. Organische mest, zoals compost en koemestkorrels, werkt langzaam en voedt de bodem. Kunstmest, in korrels of vloeibaar, werkt snel maar doet niets aan de grond. Voor taxus is organisch bijna altijd de betere keuze. Voeden doe je in het voorjaar, nooit in het najaar.

Een ding vooraf, want het scheelt geld. Taxus wordt niet beter van veel mest. Een jaarlijkse laag compost is voor de meeste hagen genoeg. Zie mest als een aanvulling op arme grond, niet als standaardkost. En overdrijf nooit met stikstof, want dat geeft slap, weekgroen blad dat gevoelig is voor vorst en ziekte. Hoe vaak en hoeveel, dat lees je bij de vraag 'Moet ik taxus bemesten?'.

Organische mest komt van plantaardig of dierlijk materiaal. Hij werkt langzaam, want het bodemleven moet hem eerst afbreken, en juist dat voedt de grond en verbetert de structuur. Voor taxus is dit de fijnste groep. De gangbare soorten:

Organische mestWat het isVoor taxus
CompostVerteerd organisch materiaal, geen krachtige mestDe beste allround keuze. Een laag van 2 tot 3 centimeter in het voorjaar doet meer dan welke korrel ook
Gedroogde koemestkorrelsMilde, complete mest die langzaam vrijkomtPrima, niet te scherp
StalmestRijker en groverAlleen goed verteerd gebruiken, want verse stalmest is te scherp en kan wortels verbranden
Bloedmeel, hoornmeel en verenmeelVermalen restproducten uit de slacht (gedroogd bloed, hoorn en hoeven, veren), rijk aan stikstofKan, maar voor de meeste hagen niet nodig. Bloedmeel werkt snel, hoornmeel en verenmeel langzaam

Verse kippenmest laat je staan. Die zit boordevol stikstof en is te scherp voor jonge wortels.

Kunstmest, ook wel minerale mest, geeft de voeding in directe vorm, zonder dat het bodemleven eraan te pas komt. Hij werkt snel, maar doet niets aan de structuur van je grond. Op de zak zie je vaak drie getallen, de NPK-waarde. Stikstof (N) is voor blad en groei, fosfor (P) voor de wortels, kalium (K) voor de stevigheid. Voor taxus heb je kunstmest zelden nodig. Wil je hem toch gebruiken, kies dan een langzaam vrijkomende korrel en wees zuinig met de stikstof.

Daarnaast zijn er gerichte producten. Een taxus- of coniferenmeststof is een kant-en-klare korrel die op coniferen is afgestemd, veilig gedoseerd en handig. Kieseriet is geen gewone voeding maar puur magnesium, dat helpt bij fletse of bruinige naalden op zandgrond. En kalk is geen voeding maar iets om de zuurgraad te verhogen, wat taxus zelden nodig heeft. Over kieseriet en kalk lees je meer bij de vragen 'Moet ik taxus bemesten?' en 'Heeft taxus kalk nodig en houdt het van zure grond?'.

Tot slot het verschil tussen korrel en vloeibaar. Korrelmest werkt geleidelijk en is voor een haag in de volle grond meestal het handigst, je strooit en klaar. Vloeibare mest werkt sneller maar is kort van duur, en is vooral praktisch voor planten in een pot. Voor taxus in de tuin houd je het op korrels of gewoon compost.

TipVoed van de late winter tot de nieuwe groei begint, dus ruwweg februari tot april. Najaarsbemesting is uit den boze, want dan maakt de plant nog jong, zacht schot, en dat bevriest in de winter. Plantte je in het najaar, geef dan dat seizoen geen mest en beoordeel pas het voorjaar daarna of voeden nodig is.
TipDenk aan de volgorde. Eerst drainage en structuur, dan water, en pas daarna voeding. Een taxus in natte of verdichte grond knapt niet op van meer korrels.
TipStrooi je korrels, geef dan meteen water. Ze lossen pas op en bereiken de wortels als de grond vochtig is, dus op droge of bevroren grond hebben ze geen zin en spoelt de voeding eerder weg. Bij een laag compost speelt dit niet, die werkt vanzelf met de regen mee.
Kort antwoordIn het plantseizoen zelf niet. Verbeter de bodem met compost of onbemeste tuinaarde en beoordeel pas in het voorjaar daarna of lichte voeding nodig is.

Plant je in het najaar, dan wil je dat de wortels rustig aanslaan in koele, vochtige grond. Geen bemeste tuinaarde en geen extra mest dus. Werk compost of onbemeste tuinaarde door de bodem. In het voorjaar kijk je hoe de haag uitloopt. Staat hij frisgroen, dan is voeding vaak niet nodig. Alleen op arme zandgrond of bij zichtbaar trage groei is wat bijvoeden in het voorjaar zinvol.

Kort antwoordLicht, en alleen als het nodig is. Op arme grond kan wat bijvoeden in het voorjaar helpen. Heb je al compost of bemeste tuinaarde verwerkt, dan is extra mest meestal overbodig.

Bij voorjaarsaanplant gaat de plant meteen het groeiseizoen in, dus je mag licht bijvoeden. Doe het met beleid. Alleen op arme of zichtbaar zwakke grond, en met een gewone organische meststof, niet zwaar met stikstof. Is er al genoeg compost verwerkt, dan heeft de plant voorlopig voldoende. Bemeste tuinaarde nooit puur, en niet opjagen. Een rustige start met goede grond en water werkt beter dan veel mest.

Kort antwoordNiet verplicht, maar wel slim. Houdt de bodem vochtig, koel en onkruidvrij.

Mulchen is het bedekken van de kale grond rondom de plant met een laag organisch materiaal, bijvoorbeeld boomschors, houtsnippers of cacaodoppen. Het is niet verplicht, maar wel slim. Zo'n laag van 5 tot 8 cm houdt de bodem vochtig, onderdrukt onkruid en buffert temperatuurschommelingen. Vooral bij jonge aanplant en op droge zandgrond maakt mulch een groot verschil.

TipHoud de mulch een paar centimeter weg van de stam. Direct contact tussen mulch en stam kan schimmelvorming bevorderen. En leg de laag niet te dik, meer dan 10 cm verstikt de wortels en werkt rot juist in de hand.
Kort antwoordDirect opruimen, niet laten liggen. Giftig voor dieren, ook als het gedroogd is. Mag bij het groenafval.

Snoeiafval van taxus is giftig en mag niet blijven liggen op plekken waar kinderen of dieren bij kunnen. Gedroogde naalden zijn minstens zo giftig als verse, dus ook op de composthoop is het een risico als er huisdieren of vee in de buurt komen. Het snoeiafval mag in de meeste gemeenten wel bij het groenafval of naar de milieustraat. Twijfel je? Neem even contact op met je gemeente.

Misschien heb je gehoord dat je taxussnoeisel kon inleveren voor de aanmaak van kankermedicijn. Dat klopte jarenlang, want de naalden van de Taxus baccata bevatten een grondstof voor chemotherapie. Die inzameling is in 2025 gestopt. Voor de medicijnen wordt nu een andere taxussoort gebruikt die hier niet groeit en veel meer werkzame stof bevat. Je hoeft je snoeisel er dus niet meer voor apart te houden.

TipHark het snoeiafval direct bij elkaar en ruim het op. Laat het niet een paar dagen liggen "omdat het toch nog moet drogen". Zeker bij paarden en andere landbouwhuisdieren is dat een reëel risico.
Kort antwoordEen aangeslagen taxus is verrassend taai. Nieuwe aanplant is kwetsbaar en heeft extra water nodig.

Een aangeslagen taxus (langer dan twee jaar op dezelfde plek) is taaier dan de meeste mensen denken. Taxus komt van nature voor in droge bosranden en op kalkrotsen, en kan behoorlijk wat hebben. Maar bij langdurige hitte en droogte, zoals we de laatste jaren steeds vaker zien, kan ook een volwassen taxus stress krijgen. Let op de vroege signalen. De naalden worden dof en verliezen hun glans, jonge scheuten voelen slap aan, en het groen krijgt een licht grijzige waas. Grijp je dan in met water, dan voorkom je dat de naalden bruin verkleuren.

Bij nieuwe aanplant is het een ander verhaal. Jonge planten hebben nog geen diep wortelstelsel en zijn volledig afhankelijk van water dat jij geeft. Zeker in hete zomers is dat het verschil tussen aanslaan en afsterven.

Een factor die vaak wordt onderschat is wind. Gure of aanhoudende wind droogt de naalden uit, ook als de grond vochtig genoeg lijkt. In de winter is dat extra verraderlijk. De grond is bevroren, de wortels kunnen geen vocht opnemen, maar de wind trekt wel vocht uit de naalden. Staat je taxus op een windvang, houd daar dan rekening mee bij het watergeven en overweeg een windscherm in de eerste jaren.

TipMulch is je beste vriend bij droogte. Een laag van 5 tot 8 cm boomschors rondom de plant houdt de bodem koel en vochtig, ook als het wekenlang niet regent. Combineer dat met één keer per week flink gieten in plaats van elke dag een beetje.
↑ Terug naar de inhoud
Kort antwoordGemiddeld 15 tot 25 cm per jaar. Langzamer dan veel haagplanten, maar daardoor compact en weinig snoei nodig.

De groeisnelheid van taxus ligt gemiddeld op 15 tot 25 cm per jaar, afhankelijk van de standplaats, grondsoort en verzorging. Dat is langzamer dan veel andere haagplanten, maar het voordeel is dat een taxushaag compact en dicht groeit en minder snoei nodig heeft om in vorm te blijven.

TipWil je sneller een dichte haag? Kies dan voor grotere startmaten in plaats van te hopen dat kleine planten sneller groeien met extra bemesting. Taxus laat zich niet opjagen.
TipTaxus wortelt relatief ondiep en breed, meestal in de bovenste 40 tot 60 cm van de grond. Daardoor geeft taxus zelden problemen met leidingen of funderingen, maar concurreert hij wel met planten die vlak ernaast staan. Wortelopslag of woekeren doet taxus niet: hij blijft netjes op zijn plek.
Kort antwoordMeer dan duizend jaar. In een tuin gaat een taxushaag generaties mee.

Taxus is een van de langstlevende bomen van Europa. Er staan exemplaren in Engeland en Wales die geschat worden op meer dan duizend jaar oud. In een gemiddelde tuin zal een taxushaag generaties meegaan. Het is letterlijk een investering voor het leven.

Grote, vrij uitgegroeide taxus van tientallen jaren oud in een veld.
Een vrij uitgegroeide taxus van tientallen jaren oud. Laat je hem zijn gang gaan, dan wordt hij vanzelf zo fors en dicht.
Kort antwoordZo hoog als je wilt. Meestal 1 tot 2,5 meter, maar zelfs 3 tot 4 meter is beheersbaar.

In theorie kan Taxus baccata uitgroeien tot een boom van 15 meter of meer. Als haag wordt taxus meestal op 1 tot 2,5 meter gehouden, maar je kunt hem op elke gewenste hoogte snoeien. Zelfs hagen van 3 tot 4 meter zijn goed beheersbaar.

Kort antwoordJa, taxus is op 30 cm breed te houden. Ideaal voor smalle tuinen en paden.

Een taxushaag kun je op vrijwel elke breedte houden, dat is een van de grote voordelen ten opzichte van bijvoorbeeld laurier of conifeer. Een gangbare breedte is 40 tot 60 cm, maar je kunt taxus ook op 30 cm breed houden als je consequent snoeit. Dat maakt taxus bij uitstek geschikt voor smalle tuinen, paden en plekken waar je geen centimeter wilt missen.

Laat je een taxushaag helemaal vrij groeien, dan wordt hij vanzelf breder. Een volwassen, ongesnoeid exemplaar kan makkelijk anderhalve meter breed worden. Maar dat is zelden de bedoeling bij een haag. Met twee snoeibeurten per jaar houd je hem precies zo smal als je wilt.

TipSnoei de haag iets smaller aan de bovenkant dan aan de onderkant (een lichte A-vorm). Zo krijgt ook de onderkant voldoende licht en blijft de haag van boven tot onder dicht en groen.
Kort antwoordNee. Taxus is groenblijvend en houdt zijn naalden het hele jaar door.

Nee. Taxus is wintergroen (of groenblijvend, zoals dat heet) en houdt zijn naalden het hele jaar door. Dat is precies wat taxus zo geschikt maakt als haagplant. Je hebt ook in de winter privacy en een groene aanblik. Wel verliest taxus in het najaar een deel van zijn oudere naalden aan de binnenkant van de plant. Die worden geel en vallen af. Dat is normaal en hoort bij de natuurlijke verversing van het blad.

Het is wel normaal dat taxus er in de winter iets anders uitziet dan in de zomer. De kleur wordt vaak iets matter en donkerder, en het groen kan een tikkeltje bruinig of bronzig worden. Dat is geen ziekte maar een natuurlijke reactie op kou en kort daglicht. Zodra het voorjaar begint en de temperatuur stijgt, trekt de kleur vanzelf weer bij.

Close-up van de platte, donkergroene naalden van taxus.
De platte, donkergroene naalden blijven het hele jaar zitten.
Kort antwoordPas in april of mei, later dan de meeste planten. Geen paniek als de rest van de tuin al groen is.

Taxus is een late starter. Waar veel andere planten al in maart of april uitlopen, begint taxus pas ergens in april of mei met nieuwe scheuten, afhankelijk van het weer en de standplaats. Die nieuwe uitloop is herkenbaar aan de lichtgroene, zachte naaldpuntjes aan de uiteinden van de takken.

Veel mensen schrikken in het vroege voorjaar omdat hun taxus er nog precies zo uitziet als in de winter, terwijl de rest van de tuin al groen wordt. Dat is normaal. Zolang de naalden donkergroen en stevig zijn, is er niets aan de hand. Taxus neemt gewoon zijn tijd.

TipMaak je je zorgen of een taxus nog leeft na de winter? Krab met je nagel aan een takje. Is het hout eronder groen, dan leeft de plant en komt de uitloop vanzelf.
Taxus met lichtgroene voorjaarsuitloop tegen donkergroen ouder blad.
De lichtgroene voorjaarsuitloop steekt fris af tegen het donkere, oudere blad.
Kort antwoordPlantgoed: drie tot vier jaar. Grote kluitplanten: één à twee seizoenen. Grotere startmaten vaak al in het eerste jaar.

Dat hangt af van de startmaat en de plantafstand. Bij klein plantgoed (20 tot 50 cm) met 5 planten per meter duurt het ongeveer drie tot vier jaar voordat de haag echt dicht is. Bij grotere planten met kluit (60 tot 100 cm) met 3 planten per meter kun je binnen één à twee seizoenen al een gesloten haag hebben. Grotere startmaten van een meter of hoger sluiten zich vaak al in het eerste groeiseizoen.

TipSnoei je jonge haag in de eerste jaren licht bij aan de zijkanten, ook als hij de gewenste breedte nog niet heeft bereikt. Dat stimuleert vertakking en zorgt ervoor dat de haag van onderaf dicht wordt. Wie te lang wacht met de eerste snoeibeurt, krijgt een haag die bovenin vol zit maar onderin kaal blijft.
Kort antwoordKan, maar duurt jaren en niet elke stek slaat aan. Professioneel gekweekt uit volle grond is een veel betere start.

Dat kan, maar het is een zaak van lange adem. Taxusstekken wortelen langzaam, vaak pas na zes tot twaalf maanden, en niet elke stek slaat aan. Na het bewortelen duurt het nog jaren voordat je een plant hebt die groot genoeg is voor een haag. Professioneel gekweekte taxus uit de volle grond heeft een voorsprong van jaren en een wortelstelsel dat veel beter ontwikkeld is.

TipWil je het toch proberen? Neem in het najaar halfhoutstekken van 15 tot 20 cm, verwijder de onderste naalden en zet ze in een mengsel van scherp zand en potgrond. Houd ze vorstvrij en vochtig. Geduld is het sleutelwoord.
↑ Terug naar de inhoud
Kort antwoordTaxus is van alle haagplanten de veelzijdigste. Hij is groenblijvend, kan zowel laag als hoog, loopt weer uit op oud hout en gaat het langst mee. In de tabel hieronder zie je in één oogopslag hoe taxus zich verhoudt tot de andere veelgebruikte haagplanten.

Hieronder staan de meestgebruikte haagplanten naast taxus, op de punten waar het bij een keuze meestal om draait.

PlantGroenblijvendHoogteGroeiSnoeienOud houtGiftig
TaxusJaLaag tot hoogLangzaam1xJaJa
BuxusJaLaagLangzaam2xJaJa
LaurierJaHoogSnel2xJaJa
HaagbeukNeeHoogSnel1 tot 2xRedelijkNee
BeukNeeHoogSnel1 tot 2xBeperktNee
HulstJaLaag tot hoogLangzaam1 tot 2xJaLicht
LigusterHalfHoogSnel2 tot 3xJaJa
Conifeer (thuja, leylandii)JaHoogSnel2 tot 3xNeeJa
Lonicera nitidaJaLaagSnel2 tot 3xJaNee
Ilex crenataJaLaagLangzaam1 tot 2xJaLicht

Haagbeuk en beuk houden in de winter dood blad vast. Ze zijn niet wintergroen, maar ook niet kaal.

TipWil je twee planten echt naast elkaar afwegen? Onder deze tabel vind je per plant een uitgebreide vergelijking met taxus.
Kort antwoordAbsoluut. Groenblijvend, compact, geen last van buxusmot of buxusziekte. Duurzamer en onderhoudsarmer.

Absoluut. Sinds de buxusmot en buxusschimmel steeds meer buxushagen verwoesten, stappen veel tuinbezitters over op taxus. Taxus is net als buxus groenblijvend, uitstekend geschikt voor vormsnoei en groeit compact en dicht. Het grote verschil is dat taxus geen last heeft van buxusmot of buxusziekte en daarmee een onderhoudsarmer en duurzamer alternatief is.

TipTaxus groeit iets sneller dan buxus en kan ook op plekken in diepe schaduw staan waar buxus het moeilijk krijgt. Voor lage haagjes en borders is Taxus baccata een uitstekende vervanger.
Kort antwoordTaxus groeit compacter, is zeer winterhard, beter snoeibaar en gaat langer mee. Laurier groeit sneller maar is gevoeliger voor vorst en wordt al snel te breed.

Veel mensen twijfelen tussen taxus en laurierkers (Prunus laurocerasus). Hieronder zie je ze naast elkaar.

KenmerkTaxusLaurier
GroeisnelheidLangzamer, maar compact en dichtSnel, je hebt snel een dichte haag
BreedteSlank, neemt weinig ruimte inWordt al snel breed en moet regelmatig fors terug
SnoeienStrak met de heggenschaar, zonder lelijke bladschadeGrote bladeren verkleuren bruin bij de heggenschaar, dus een handschaar nodig en meer werk
WinterhardheidZeer winterhardGevoeliger voor strenge vorst, vooral de soort 'Rotundifolia'
LevensduurGaat langer mee, generaties bij goed onderhoudKorter

Voor een slanke, strakke haag die weinig ruimte inneemt is taxus de betere keuze. Wil je snel een brede, groene wand en maakt de breedte niet uit, dan kan laurier een optie zijn.

Kort antwoordTaxus is het hele jaar groen, ideaal voor strakke vormen en geeft weinig opruimwerk. Haagbeuk en beuk groeien sneller, maar houden in de winter bruin blad vast dat je in het voorjaar moet opruimen. Wil je jaarrond een groen scherm, kies dan taxus. Wil je snel hoogte, kijk dan naar haagbeuk of beuk.

Het grootste verschil zit in het blad door het jaar heen. Taxus is groenblijvend en houdt het hele jaar zijn groene naalden, ook in de winter. Haagbeuk en beuk verliezen hun blad, maar houden het verdorde bruine blad vaak de hele winter vast, zeker als jonge of gesnoeide haag. Pas als het nieuwe blad in het voorjaar uitloopt, valt het oude eraf. Dat afgevallen blad moet je dan opruimen. Bij taxus heb je dat voorjaarsbladafval niet.

Haagbeuk en beuk worden vaak met elkaar verward, maar het zijn twee verschillende planten. Haagbeuk hoort bij de berkenfamilie, beuk is een echte beuk. Allebei bestaan ze in een groene en een rode vorm, en de rode haagbeuk kleurt van begin af aan roodbruin. Je herkent ze aan het blad. Dat van haagbeuk is kleiner, wat getand en gerimpeld. Dat van beuk is groter, gladder en heeft een glanzende rand.

Haagbeuk en beuk groeien sneller en zijn daardoor eerder op hoogte. Taxus groeit langzamer, maar wel gestaag en dicht. Heb je haast met een hoog scherm, dan ben je met haagbeuk of beuk vaak sneller klaar. Wil je een strakke, fijne haag die je jarenlang in vorm houdt, dan is taxus op zijn plek.

Ook de grond en het vocht spelen mee, en daarin verschillen de drie behoorlijk. Haagbeuk is het veelzijdigst. Hij verdraagt zwaardere en nattere grond het best van de drie, en kan ook drogere periodes redelijk goed aan. Taxus en beuk willen allebei goed doorlatende grond en hebben weinig aan natte voeten, elk om hun eigen reden. Bij taxus is dat het risico op wortelrot, bij beuk het ondiepe wortelgestel dat slecht tegen zuurstofarme, natte grond kan. Bij droogte ligt het anders. Taxus houdt het dan het best vol. Beuk is daar het gevoeligst, met bruine bladranden en vroegtijdig bladverlies, en staat in de drogere zomers van de laatste jaren onder druk.

Snoeien hoort er bij alle drie bij. Een haag blijft alleen strak als je hem regelmatig snoeit, of dat nu taxus, haagbeuk of beuk is. Het verschil zit in hard terugsnoeien op kaal oud hout. Taxus loopt daar het betrouwbaarst weer op uit. Haagbeuk doet dat ook redelijk, maar minder voorspelbaar. Beuk loopt op kaal oud hout slecht uit. Houd er verder rekening mee dat taxus sterk giftig is, zeker voor paarden en vee. Haagbeuk en beuk vormen dat gevaar niet.

Tot slot de levensduur. Taxus kan honderden jaren oud worden, en in Europa staan taxussen van meer dan duizend jaar. Beuk en haagbeuk worden lang niet zo oud. Als haag zijn ze prima voor een mensenleven, maar een taxushaag kan generaties mee.

TipKijk bij je keuze vooral naar wat je het hele jaar wilt zien en hoeveel onderhoud je wilt. Een groen scherm in de winter met weinig opruimwerk wordt taxus. Snel hoogte, met bruin winterblad en wat opruimwerk in het voorjaar, wordt haagbeuk of beuk.
Kort antwoordAllebei zijn ze het hele jaar groen. Taxus heeft zachte naalden en laat zich tot een fijne, strakke haag snoeien. Hulst heeft hard, stekelig blad en is juist sterk als ondoordringbare haag, met rode bessen als sierwaarde. Wil je een strakke, aaibare haag, kies dan taxus. Wil je een prikkelige barrière met bessen, dan is hulst het overwegen waard.

Anders dan haagbeuk en beuk zijn taxus en hulst allebei groenblijvend. Ze houden het hele jaar hun blad, dus je hebt winter en zomer een groen scherm en geen bruin winterblad om in het voorjaar op te ruimen.

Het grootste verschil zit in het blad. Taxus heeft zachte, fijne naalden waar je zo langs kunt lopen. Hulst heeft hard, glanzend blad dat bij de meeste haagsoorten stekelig is. Dat maakt hulst minder prettig langs een pad of speelplek, maar juist sterk als ondoordringbare, inbraakwerende haag. Een taxushaag is fijn waar mensen dichtbij komen, een hulsthaag houdt mens en dier juist op afstand.

Snoeien kan bij allebei, maar het resultaat verschilt. Taxus geeft met zijn fijne naalden het strakste, egaalste snijvlak en is dé plant voor vormsnoei. Bij hulst worden de grotere bladeren door de heggenschaar deels doorgeknipt, wat tijdelijk wat rommelig oogt met bruine sneeranden. Wil je hulst echt strak, dan werk je liever met een snoeischaar dan met een heggenschaar. Snoei hulst bij voorkeur in het late voorjaar, vlak voordat de nieuwe groei hard wordt, dan vallen de sneeranden minder op.

Hulst staat bekend om zijn rode bessen, een mooie wintersierwaarde en geliefd bij vogels. Die bessen komen alleen aan vrouwelijke planten, en dan nog alleen als er een mannelijke hulst in de buurt staat. Taxus heeft ook rode besjes aan vrouwelijke planten. Wat dat precies zijn, lees je bij de vraag 'Wat zijn die rode besjes aan mijn taxus?'. Houd er rekening mee dat de bessen en zaden van allebei giftig zijn, bij taxus sterker dan bij hulst.

Wil je hulst als haag, dan is de blauwe hulst een veelgevraagde keuze, de Ilex meserveae 'Blue Prince' en 'Blue Princess'. Die zijn extra winterhard en hebben blauwgroen, glanzend blad. De 'Blue Princess' draagt rode bessen, maar alleen als er een 'Blue Prince' in de buurt staat om te bestuiven. Qua standplaats lijken taxus en hulst op elkaar. Allebei kunnen ze in zon en halfschaduw, en allebei willen ze goed doorlatende grond zonder natte voeten.

TipKijk naar de functie van je haag. Voor een fijne, strakke en aaibare haag is taxus de klassieker. Wil je een prikkelige, ondoordringbare haag met rode bessen voor de vogels, dan is hulst, en zeker de blauwe hulst, het overwegen waard.
Kort antwoordLiguster groeit razendsnel en is goedkoop, maar verliest in koude winters zijn blad en vraagt vaak snoeien. Taxus is het hele jaar groen, blijft met weinig snoei strak en gaat veel langer mee. Wil je snel en goedkoop een haag, dan is liguster een optie. Wil je jaarrond groen en op termijn weinig onderhoud, kies dan taxus.

Taxus is het hele jaar groen. Liguster is halfwintergroen. In een zachte winter houdt liguster het grootste deel van zijn blad, maar in een koude winter laat hij flink wat vallen. Voor een scherm dat ook in de winter dicht en groen blijft, is taxus betrouwbaarder.

Liguster is een van de snelste haagplanten die er is, en goedkoop. Je hebt er snel een groene wand mee. Taxus groeit langzamer en is duurder, maar dat haal je terug in jaren rust en een haag die strak blijft.

Juist door die snelle groei vraagt liguster meer onderhoud. Snoei je hem niet twee tot drie keer per jaar, dan wordt hij snel ijl en kaal onderin. Taxus groeit rustiger en blijft met één snoeibeurt per jaar vaak al netjes en dicht. Op de lange duur is taxus dus de minder bewerkelijke van de twee.

Liguster is verder weinig kieskeurig en kan tegen vrijwel elke grond, ook in de stad. Wel heeft liguster sterke, gulzige wortels die water en voeding weghalen bij de planten ernaast. Taxus wil goed doorlatende grond zonder natte voeten, maar laat de border eromheen meer met rust.

Een verschil dat je niet altijd verwacht, is de bloei. Liguster bloeit in juni en juli met witte pluimen die sterk geuren. De een vindt dat heerlijk, de ander te zwaar, en voor sommige mensen is die geur een reden om geen liguster te nemen. Taxus heeft geen opvallende bloei en geen geur.

Houd er rekening mee dat allebei giftig zijn, taxus in alle delen op het rode vruchtvlees na, liguster in blad en zwarte bessen. Die zwarte bessen zijn voor mensen giftig, maar vogels eten ze graag. En waar een ligusterhaag het een aantal decennia doet, kan een taxushaag generaties mee.

TipKies op basis van budget en geduld. Heb je snel en goedkoop een haag nodig en vind je regelmatig snoeien geen punt, dan kan liguster prima. Wil je jaarrond groen, weinig snoei en een haag die lang meegaat, dan is taxus op termijn de prettigere keuze.
Kort antwoordConiferen als thuja en leylandii groeien razendsnel tot een groene wand, maar je kunt ze niet hard terugsnoeien, want op kaal hout lopen ze niet meer uit. Taxus groeit rustiger, blijft fijn en strak, en loopt juist wel weer uit op oud hout. Wil je snel hoogte en houd je hem strak bij, dan kan een conifeer. Wil je een haag die je kunt bijsturen en die lang meegaat, kies dan taxus.

Net als taxus zijn thuja en leylandii het hele jaar groen. Het grote verschil zit in wat er gebeurt als je ze terugsnoeit.

Taxus loopt weer uit op oud, kaal hout. Snoei je te ver terug, of is een stuk kaal geworden, dan komt het meestal gewoon weer dicht. Bij thuja en leylandii kan dat niet. Snoei je in het kale, bruine hout, dan blijft die plek kaal. Een conifeer die vanonderen of vanbinnen kaal is, krijg je niet meer groen. Daarom is taxus veel vergevingsgezinder en kun je hem na jaren nog terugbrengen in vorm.

Leylandii is een van de allersnelste haagplanten en wordt zonder strak bijhouden razendsnel hoog en breed. Veel burenruzies over te hoge hagen gaan over leylandii. Thuja groeit ook hard. Coniferen als leylandii hebben bovendien gulzige, oppervlakkige wortels die veel water en voeding wegzuigen bij de planten ernaast. Taxus groeit langzamer en blijft daardoor beter beheersbaar voor een nette, afgemeten haag.

Er bestaan ook rustiger groeiende thuja's, zoals de Thuja occidentalis 'Smaragd', die populair zijn als nette haag. Die zijn beter te beheersen, maar ook zij lopen niet uit op kaal hout, dus het nadeel bij hard terugsnoeien blijft.

Coniferen kunnen lelijk verkleuren. Thuja kleurt in de winter vaak brons tot bruin, en bij droogte of ziekte ontstaan er kale bruine plekken die niet meer herstellen. Taxus blijft het hele jaar diepgroen en herstelt zich wel.

Houd er rekening mee dat taxus sterk giftig is. Ook thuja bevat een giftige stof, thujon, al is die minder acuut gevaarlijk dan taxus. En waar een coniferenhaag het meestal een aantal decennia doet en dan vervangen moet worden, kan een taxushaag generaties mee.

TipWil je snel een hoge groene wand en ben je bereid die twee tot drie keer per jaar strak te scheren, dan kan een conifeer. Wil je een haag die je in vorm kunt blijven houden, die niet kaal blijft na een snoeibeurt en die lang meegaat, dan is taxus de veiliger keuze.
Kort antwoordVoor een laag haagje, bijvoorbeeld in de voortuin, kan Lonicera nitida prima, en hij groeit sneller en goedkoper dan taxus. Maar hij blijft laag, meestal 1 tot 1,5 meter en zelden hoger dan 2 meter. Taxus kun je net zo goed laag houden, maar ook optrekken tot 3, 4 meter of hoger. Wil je hoog, of wil je vrij zijn in de hoogte, dan is taxus de keuze.

Het grootste verschil is de hoogte. Lonicera nitida blijft van nature laag en wordt zelden hoger dan twee meter, ook als je er niet in snoeit. Daarmee is het een mooie plant voor een laag haagje, bijvoorbeeld in de voortuin. Maar verder dan dat komt hij niet. Taxus kun je net zo goed laag houden voor zo'n voortuinhaagje, en tegelijk optrekken tot drie, vier meter of hoger voor een stevige privacyheg. Weinig haagplanten kunnen dat allebei. Die veelzijdigheid is een van de sterke punten van taxus.

Voor een laag haagje is Lonicera nitida een prima optie. Hij heeft klein, donkergroen blad, groeit snel en is goedkoop, en wordt in tuincentra vaak als alternatief voor buxus aangeboden.

Op twee punten scoort Lonicera nitida juist iets ruimer dan taxus. Hij groeit op vrijwel elke grondsoort, van zand tot klei en veen, zolang er maar geen water blijft staan. Taxus is daarin wat kieskeuriger, zeker op zware, natte klei. En Lonicera nitida verdraagt schaduw nog iets beter dan taxus. Voor een donkere plek, bijvoorbeeld langs een noordmuur of onder bomen, is hij zelfs net iets geschikter.

Bij snoeien lijken ze meer op elkaar dan je zou denken. Allebei lopen ze weer uit op oud hout, dus je kunt ze allebei hard terugzetten en ze komen terug. Het verschil zit in het ritme. Lonicera nitida groeit zo hard dat je hem twee tot drie keer per jaar moet knippen om hem strak te houden, en hij gaat snel slordig openliggen, zeker onder een pak sneeuw. Taxus houdt zijn vorm veel langer en is met één snoeibeurt per jaar vaak al netjes.

Qua ziektes en ongedierte zijn allebei vrij gezond. Taxus is opmerkelijk robuust zolang de grond goed doorlatend is, met wortelrot bij natte grond als belangrijkste zwakte. Bij Lonicera nitida is het zwakke punt niet zozeer ziekte, maar dat hij vanonderen kaal en slordig kan worden en dan lastig weer mooi dicht te krijgen is. Bladluizen kunnen voorkomen en zorgen voor krullende bladpunten, maar zijn zelden een ernstig probleem.

Dat openliggen heeft ook met de levensduur te maken. Een knipheg van Lonicera nitida wordt vaak na tien tot vijftien jaar slordig en dan vervangen. Een taxushaag kan vijftig of honderd jaar mee en wordt met de jaren juist steviger en mooier. Wil je eenmalig planten en daarna tientallen jaren een strakke heg, dan is taxus de keuze.

Nog een verschil. Taxus is giftig, Lonicera nitida niet. Voor een tuin met dieren of jonge kinderen kan dat meewegen.

TipTwijfel je tussen de twee? Wil je alleen een laag haagje, dan kan Lonicera nitida prima. Wil je hoger, of dezelfde haagplant op verschillende hoogtes in de tuin, dan is taxus de veelzijdiger en duurzamer keuze.
Kort antwoordAllebei worden ze als vervanger van buxus verkocht. Ilex crenata lijkt met zijn kleine blad het meest op buxus en is ideaal voor een laag, strak haagje of bolletjes. Taxus kan dat ook, maar groeit bovendien door tot een hoge heg en is minder kieskeurig op de grond. Wil je puur de buxuslook in het klein, dan komt Ilex crenata het dichtst in de buurt. Wil je veelzijdigheid en een plant die overal aanslaat, dan is taxus de zekerdere keuze.

Ilex crenata, de Japanse hulst, heeft klein, glanzend blad dat sterk op buxus lijkt. Daarmee is het de bekendste buxusvervanger voor een laag, strak haagje, bolletjes of vormsnoei. Maar net als buxus blijft Ilex crenata laag. Voor een hoge heg of erfafscheiding is hij niet de plant. Taxus kun je net zo goed laag en strak houden, en tegelijk optrekken tot een hoge heg. Die hele range van laag tot hoog haal je met taxus uit één plant. Of taxus zelf een goede buxusvervanger is, lees je bij de vraag 'Is taxus een goed alternatief voor buxus?'.

Op de grond is taxus de makkelijkste van de twee. Taxus verdraagt veel grondsoorten, ook kalkrijke, zolang het maar niet te nat is. Ilex crenata is kieskeuriger. Hij wil goed doorlatende, eerder zure en humusrijke grond, en heeft een hekel aan kalk en aan natte voeten. Op de verkeerde grond gaat hij geel zien of krijgt hij wortelproblemen. Let hierbij op een valkuil. Buxus houdt juist van kalk, Ilex crenata niet. Plant je Ilex crenata in de oude buxusgrond zonder die eerst goed te verbeteren, dan kan hij daar slecht op gedijen.

Allebei laten ze zich goed knippen en in vorm houden, en allebei lopen ze weer uit op oud hout. Ilex crenata groeit langzaam, net als buxus, en blijft daardoor mooi compact. Taxus groeit ook rustig en houdt zijn vorm lang.

Uit eigen ervaring weten we dat een jonge Ilex crenata na het planten vaak een paar jaar stilstaat voordat hij goed wegloopt, en dat hij gevoelig is voor strenge vorst. Taxus is duidelijk winterharder en pakt na aanplant doorgaans ook sneller door.

Nog een verschil. Taxus is sterk giftig, en de bessen van Ilex crenata zijn licht giftig. Voor een tuin met dieren of jonge kinderen kan dat meewegen.

TipWil je precies de buxuslook terug, klein en strak, op goede grond? Dan is Ilex crenata de naaste vervanger. Wil je een buxusvervanger die ook hoger kan, op vrijwel elke grond groeit en nauwelijks omkijken vraagt, dan is taxus de veiliger keuze.
Kort antwoordJa. Er zijn geelgroene, goudgele en zuilvormige varianten, maar die groeien langzamer.

Ja. Taxus baccata 'Semperaurea' heeft geelgroen blad en geeft een lichter accent in de tuin. Taxus baccata 'Fastigiata Robusta' groeit zuilvormig met donkergroen blad. Er zijn ook vormen met goudgele naaldpunten, zoals 'Elegantissima'. Deze gekleurde vormen groeien meestal iets langzamer dan de gewone groene taxus.

Kort antwoordBaccata groeit compacter en dichter, ideaal voor hagen. Media groeit losser en breder. Wij kweken baccata.

Taxus baccata is de inheemse Europese taxus, die hier van nature voorkomt en al eeuwenlang voor hagen en vormsnoei wordt gebruikt. Taxus media is een kruising tussen Taxus baccata en de Japanse Taxus cuspidata. Het verschil zit vooral in de groeiwijze.

KenmerkTaxus baccataTaxus media
HerkomstInheemse Europese taxus, komt hier van nature voorKruising tussen Taxus baccata en de Japanse Taxus cuspidata
GroeiwijzeCompact en dichtBreder en losser
NaaldenKorter, vormt een dichte haagLangere naalden
Geschikt voor een strakke haagIdeaalMinder geschikt

Wij kweken en verkopen Taxus baccata, omdat die voor haagdoeleinden in het Nederlandse klimaat simpelweg de beste keuze is.

TipZie je ergens "taxus" aangeboden zonder soortnaam? Vraag dan altijd welke soort het is. Het verschil in groeiwijze en eindresultaat is groter dan je denkt.
Kort antwoordMinder dan je zou denken. Botanici verschillen erover, maar het gaat om zo'n negen tot twaalf echte soorten wereldwijd, verspreid over Europa, Azië en Noord-Amerika. Dat er in de winkel tientallen namen langskomen, komt doordat het grotendeels cultivars zijn, selecties van een paar soorten, geen aparte soorten. Wij kweken de Taxus baccata, de enige die hier van nature thuishoort.

Over het exacte aantal zijn botanici het niet eens. De meesten houden het op een soort of negen, een veelgebruikte lijst komt op tien of twaalf, en één onderzoeker telde er zelfs vierentwintig. Het probleem is dat de soorten sterk op elkaar lijken en vooral op hun herkomst uit elkaar worden gehouden. Vroeger zag men ze daarom soms als ondersoorten van één taxus.

De bekendste soorten op een rij:

  • Taxus baccata. de gewone of Europese taxus, inheems in Europa tot in Noord-Afrika en West-Azië. Dit is de onze.
  • Taxus cuspidata. de Japanse taxus, uit Japan, Korea en het noordoosten van Azië. Goed bestand tegen strenge kou.
  • Taxus brevifolia. de Pacifische taxus, uit het westen van Noord-Amerika. Uit de bast hiervan werd ooit het kankermedicijn taxol gehaald.
  • Taxus wallichiana. de Himalaya-taxus, uit de bergen van Azië.
  • Taxus canadensis. de Canadese taxus, een lage struik uit het noordoosten van Noord-Amerika.

Daarnaast zijn er nog een paar zeldzamere soorten uit China, Mexico en Florida. En er is een veelgebruikte kruising, de Taxus media. Die ontstond rond 1900 in Amerika uit de Europese baccata en de Japanse cuspidata, en vormt de basis van veel tuincultivars.

Het echte werk zit in de cultivars. Er zijn er meer dan vierhonderd benoemd, bijna allemaal afgeleid van baccata of cuspidata. Een paar die je vaak hoort:

  • Taxus baccata 'Fastigiata', de Ierse zuiltaxus. een smalle, rechtopstaande zuil. Ontdekt rond 1780 door een boer in Ierland en sindsdien via stek vermeerderd. Omdat de oorspronkelijke plant vrouwelijk was, dragen alle echte Ierse taxussen bessen.
  • Taxus media 'Hicksii'. een populaire zuilvorm voor smalle hagen, meestal vrouwelijk en dus met bessen.
  • Taxus media 'Hillii'. vrijwel dezelfde vorm, maar mannelijk, dus zonder bessen. Die kwam al langs bij de bessenvrije haag.
  • Gouden taxussen. selecties met geelgroen of goudgeel blad. Meer daarover lees je bij de vraag 'Zijn er taxussoorten met een andere kleur?'.

En wij? Wij houden het bij de wilde Taxus baccata uit de volle grond. Niet omdat het niet anders kan, maar omdat dat de soort is die hier van nature thuishoort. Hij is gemaakt voor ons klimaat en onze grond, winterhard, schaduwverdragend en wordt eeuwenoud. Geen veredelde verrassing, maar de beproefde basis voor een haag die generaties meegaat.

TipEen handige vuistregel bij het lezen van etiketten. Staat er een naam tussen aanhalingstekens achter de soort, zoals Taxus baccata 'Fastigiata', dan heb je een cultivar te pakken, een selectie die via stek wordt vermeerderd. Zaai je de zaden ervan, dan komt er gewoon weer een wilde taxus uit.
TipWil je het verschil tussen de baccata en de hybride media uitgebreider weten? Kijk dan bij de vraag 'Wat is het verschil tussen Taxus baccata en Taxus media?'
Kort antwoordBij structureel natte grond, in smalle bakken of potten, pal naast een weiland met paarden, of als je binnen twee jaar een hoge haag verwacht. Dan is taxus niet de juiste keuze.

Wij verkopen graag taxus, maar niet als het de verkeerde plant voor jouw situatie is. Eerlijk is eerlijk, in een paar gevallen kun je beter iets anders kiezen.

Op structureel natte grond die in de winter lang drassig blijft of onder water staat. Taxus verdraagt veel, maar geen wortels die permanent in het water staan. In zulke grond gaan ze rotten. Verbeter eerst de drainage, of kies een plant die wel tegen natte grond kan.

In smalle plantenbakken of potten. Taxus heeft een grof, krachtig wortelstelsel dat de volle grond nodig heeft. In een krappe bak blijft hij achter en wordt hij gevoelig voor droogte en vorst.

Pal naast een weiland met paarden, schapen of geiten. Taxus is voor deze dieren dodelijk giftig, ook het snoeiafval. Grenst je perceel direct aan een weide, dan is taxus het risico simpelweg niet waard.

En tot slot als je verwacht binnen twee jaar een dichte haag van drie meter te hebben. Taxus groeit gestaag, niet hard. Wil je heel snel hoogte, dan is taxus een teleurstelling. Voor wie geduld heeft is hij juist een aanwinst voor generaties.

TipTwijfel je of taxus bij jouw grond of situatie past? Vraag het ons gewoon. Een eerlijk advies om het ergens níet te doen bespaart je een mislukte aanplant, en dat vinden wij belangrijker dan een verkochte plant.
TipTwijfel je, vraag het ons gerust. We verkopen je liever niets dan iets verkeerds. Een haag die niet bij je past, levert alleen maar gedoe op, voor jou en voor ons.
Kort antwoordJa, taxus is niet alleen een haagplant. Als solitair, vormfiguur of vrijgroeiende struik is het een prachtige blikvanger.

Veel mensen kennen taxus alleen als haagplant, maar taxus doet het minstens zo goed als losstaande plant in de tuin. Een solitaire taxus kan uitgroeien tot een statige, groenblijvende boom die tientallen jaren meegaat. Je kunt hem ook als gesnoeide bol, kegel, spiraal of een andere vorm in het gazon of de border zetten. Dat geeft je tuin het hele jaar door structuur en groen, ook in de winter als de rest van de tuin kaal is.

Als je een taxus vrij laat groeien, ontwikkelt hij zich tot een brede, dichte struik of boom met een mooie, natuurlijke vorm. Dat vraagt nauwelijks onderhoud. Af en toe een dode tak eruit en verder laten groeien. Wil je een strakke vorm, dan snoei je hem twee tot drie keer per jaar bij, net als bij een haag.

TipEen solitaire taxus is ook een mooi alternatief als je geen ruimte hebt voor een hele haag maar wel iets groenblijvends wilt bij de voordeur, op een hoek van het terras of als rustpunt in een border.
Solitaire taxus als groenblijvende blikvanger in een tuin.
Een solitaire taxus als groenblijvend rustpunt in de tuin.
Kort antwoordBuiten de bloeitijd zie je het niet. Aan de naalden of de vorm valt niets af te lezen. Het enige kijkmoment is het vroege voorjaar, februari tot april. Mannelijke planten krijgen dan kleine gele bolletjes die stuifmeel geven, vrouwelijke hebben onopvallende groene bloempjes. Omdat wij de wilde Taxus baccata kweken, kun je een jonge plant niet vooraf op geslacht kiezen. Het blijft dus een beetje een verrassing.

Taxus is tweehuizig, er zijn aparte mannelijke en vrouwelijke planten, en alleen de vrouwelijke krijgen de rode besjes. Maar aan de naalden, de kleur of de vorm van de plant zie je dat niet. Het grootste deel van het jaar is het geslacht simpelweg onzichtbaar.

Is de plant oud genoeg om te bloeien, dan kun je in het vroege voorjaar aan de onderkant van de takken kijken. Mannelijke planten hebben dan duidelijke, ronde, lichtgele bolletjes van een paar millimeter. Tik je ertegen, dan komt er een wolkje geel stuifmeel vanaf. Vrouwelijke planten hebben heel kleine, groene bloempjes van amper een millimeter, net minuscule dennenappeltjes. Die vallen nauwelijks op en geven geen stuifmeel. Zie je in maart of april geen gele bolletjes terwijl de plant wel volwassen is, dan heb je vrijwel zeker een vrouwtje.

Wij kweken de wilde Taxus baccata, geen geselecteerde cultivar. Mannetjes en vrouwtjes staan dus gewoon door elkaar in het veld. Bij jonge planten, zoals wortelgoed of kleine potplanten, is het geslacht fysiek nog niet te bepalen, want die zijn nog niet volwassen genoeg om te bloeien. We kunnen vooraf dus niet garanderen of een jonge baccata mannelijk of vrouwelijk wordt. Eerlijk is eerlijk.

TipEen baccata-haag is altijd een natuurlijke mix van mannelijke en vrouwelijke planten, dus er kunnen bessen in komen. Wil je die zoveel mogelijk voorkomen, dan snoei je twee tot drie keer per jaar strak. Hoe je dat precies aanpakt, lees je bij de vraag 'Hoe houd ik mijn taxushaag bessenvrij?'. Wil je juist bessen voor de vogels, dan komt dat met een gemengde haag vanzelf goed.
TipBij grotere baccata met kluit kunnen we in het najaar zien welke planten op dat moment bessen dragen. Die zijn dan zeker vrouwelijk. Heb je een voorkeur, vraag er gerust naar, dan kijken we samen wat er in de kwekerij staat.
Kort antwoordEen taxus zet alleen bloemknoppen op twijgen die het jaar ervoor gegroeid zijn. Knip je die nieuwe scheuten consequent weg, dan krijgt de plant geen kans om bessen te maken. Snoei daarvoor twee tot drie keer per jaar strak. Bij onze Taxus baccata, een natuurlijke mix van mannelijke en vrouwelijke planten, houd je het zo nagenoeg bessenvrij.

Een taxus bloeit en draagt alleen op het hout van vorig jaar. De nieuwe scheuten van dit jaar leveren pas het volgende voorjaar bloemknoppen op. Knip je die scheuten er telkens af voordat ze knoppen zetten, dan komt het nooit zover. Geen bloem, geen bes.

Waar een gewone taxushaag prima toe kan met een of twee snoeibeurten, knip je een bessenvrije haag minstens drie keer per jaar strak. Het ritme ziet er zo uit:

  • Eerste beurt, mei of juni. Snoei direct na de eerste groeispurt, het liefst nog voor de langste dag rond 21 juni.
  • Tweede beurt, juli of augustus. Knip tussendoor strak zodra je nieuwe scheuten ziet uitsteken.
  • Derde beurt, september. Een laatste onderhoudsbeurt, zodat de haag strak de winter in gaat en geen knoppen aanlegt voor het voorjaar.

Onze baccata is de wilde soort, geen geselecteerde cultivar. In een partij staan mannelijke en vrouwelijke planten gewoon door elkaar, en alleen de vrouwelijke krijgen bessen. Een baccata-haag is dus van nature een mix, en er kunnen altijd wat bessen in komen. Met het snoeiregime hierboven houd je dat terug tot bijna niets.

TipWil je gegarandeerd geen enkele bes, en dan zonder dat strakke snoeiritme? Er bestaat een mannelijke cultivar, Taxus media 'Hillii', die via stek altijd mannelijk wordt doorgekweekt en dus nooit bessen maakt. Let wel, dat is een ander gewas dan de gewone baccata, met een eigen groeivorm. Voor de meeste hagen is een goed gesnoeide baccata gewoon prima.
TipHeb je maar een klein haagje of een enkel boompje? Dan kun je in het vroege voorjaar, maart of april, de minuscule bloemetjes met de hand van de takken rissen. Geen bloem, geen bes. Voor een lange haag is dat onbegonnen werk, dan blijft snoeien de weg.
↑ Terug naar de inhoud
Kort antwoordZelden tot nooit. Taxus is een sterke, weinig ziektegevoelige plant. De meeste problemen voorkom je met een goede plek en gezonde grond, en als er dan toch iets is, kom je met biologische of simpele middelen meestal een heel eind. Chemie is hooguit een laatste redmiddel, en bijna nooit nodig.

Het begint met voorkomen. Een taxus op een plek die hem past, met goede afwatering en niet te natte voeten, en niet overvoerd met stikstof, heeft gewoon weinig last van ziekten en plagen. Veel problemen zijn eigenlijk standplaatsproblemen, geen plaag die je weg moet spuiten.

Komt er toch iets, dan is er bijna altijd een zachte oplossing. Tegen de larven van de taxuskever zet je aaltjes in, een biologisch bestrijdingsmiddel. Wolluis veeg of spuit je weg, of je dept het met wat alcohol. Spint pak je met water en zo nodig roofmijten. En bruine of gele plekken wijzen meestal op de grond of de wortels, niet op een plaag, dus daar helpt geen gif maar betere drainage of voeding. De aparte vragen in dit hoofdstuk lopen dat stuk voor stuk na.

Een chemisch middel is dus zelden nodig, en voor particulieren is het aanbod sowieso beperkt. Grijp er hooguit naar als alles faalt en de plant er echt aan onderdoor dreigt te gaan, en lees dan altijd eerst goed de verpakking. In de meeste tuinen blijft de spuitbus in de kast, en dat is maar goed ook, voor jou en voor de beestjes die je juist wilt houden.

TipDe beste plaagbestrijding is een gezonde plant. Een taxus die goed staat, genoeg maar niet te veel voeding krijgt en niet in natte grond wegkwijnt, redt zich tegen de meeste kwaaltjes prima zelf. Zorg dus eerst voor de plant, dan hoef je zelden te bestrijden.
Kort antwoordVan binnenuit bruin = meestal te nat of wortelrot. Van buitenaf bruin = droogte, wind of verbranding. Meerdere oorzaken mogelijk.

Bruinverkleuring is het meest voorkomende probleem bij taxus, en er zijn meerdere mogelijke oorzaken:

  • Te natte voeten. De nummer één oorzaak. Taxuswortels rotten bij langdurig stilstaand water. De naalden verkleuren bruin van binnenuit en vanaf de basis van de plant naar boven toe. Controleer de drainage.
  • Droogte. Vooral bij jonge planten of taxus in smalle stroken naast bestrating. De naalden worden eerst dof, dan bruin. Bij droogte begint de verkleuring aan de buitenkant en de toppen van de plant, omdat daar de meeste verdamping plaatsvindt.
  • Strooizout. Taxus langs wegen of opritten kan schade oplopen door strooizout in de winter. De schade wordt pas zichtbaar in het voorjaar.
  • Vorstschade. Na een strenge winter kunnen naalden bruin kleuren, maar taxus herstelt zich hier meestal vanzelf van in het voorjaar.
  • Gure wind. Aanhoudende koude wind droogt de naalden uit, zeker in de winter wanneer de grond bevroren is en de wortels geen vocht kunnen opnemen. Samen met felle winterzon heet dit winterverbranding, al verbrandt er niets. De naalden verdampen vocht dat de bevroren grond niet kan aanvullen, dus de plant droogt uit. De schade lijkt op droogteschade en zit vooral aan de wind- of zonkant.
  • Phytophthora. Een agressieve wortelrot die hele planten kan doden. Herkenbaar aan een bruinverkleuring die zich snel uitbreidt, vaak in combinatie met een natte standplaats.
TipKrab met je nagel aan een bruine tak. Is het hout eronder nog groen? Dan leeft de tak nog en is herstel mogelijk. Is het hout bruin en droog, dan is die tak verloren.
TipKnip bruine plekken na de winter niet meteen weg. Wacht tot mei of juni. Taxus loopt uit op oud hout, dus vaak groeit er gewoon nieuw groen door de bruine naalden heen. Blijft een tak na de krabtest droog en bruin vanbinnen, dan kan die er in het voorjaar uit.
TipDe plek waar de verkleuring begint zegt veel over de oorzaak. Wordt de taxus bruin van binnenuit en vanaf de basis? Dan is het vrijwel zeker een wortelprobleem: te natte grond, wortelrot of taxuskeverlarven. Begint het bruin worden juist aan de buitenkant en de toppen? Dan wijst dat op droogte, verbranding door zon na het snoeien, of schade door strooizout of wind.
Kort antwoordDe taxuskever (lapsnuitkever). De kevers zelf zijn onschuldig, de larven in de grond vreten de wortels op. Bestrijden met aaltjes.

Dat is de taxuskever, oftewel de gegroefde lapsnuitkever (Otiorhynchus sulcatus). De volwassen kevers zijn nachtactief en vreten halfronde happen uit de naaldranden. Dat is lelijk maar niet levensbedreigend. Het echte gevaar zijn de larven, dikke witte C-vormige beestjes die ondergronds de wortels opvreten. Een zware larvenaantasting kan een hele plant doen afsterven.

TipBestrijding doe je biologisch met aaltjes (nematoden, soort Heterorhabditis). Die spoel je met water in de grond, waarna ze de larven opzoeken en doden. Belangrijk: de bodemtemperatuur moet minimaal 12°C zijn, dus pas toe in het late voorjaar of vroege najaar.
TipGa op een warme zomeravond met een zaklamp langs je taxus. De volwassen kevers zijn dan actief en kun je met de hand verzamelen. Dat klinkt ouderwets, maar het werkt.

Naast de taxuskever kunnen ook engerlingen (larven van de meikever en andere bladsprietkevers) de wortels van taxus aantasten. Engerlingen zitten vooral in gazons, maar staat je taxushaag naast het gazon en heb je daar engerlingen, dan is de kans groot dat ze ook aan de taxuswortels gaan vreten. De schade is vergelijkbaar. De plant verzwakt, wordt dof en kan uiteindelijk afsterven.

TipHoe herken je het verschil? Taxuskeverlarven zijn wit, C-vormig en hebben geen poten. Engerlingen zijn ook wit en C-vormig, maar hebben wel zes pootjes vooraan. De bestrijding is in beide gevallen hetzelfde: biologisch met aaltjes (Heterorhabditis bacteriophora). Bodemtemperatuur minimaal 12°C, het liefst boven de 18°C. Beste periode is augustus tot september. Grond na toepassing vochtig houden en na twee tot drie weken herhalen.
Kort antwoordWaarschijnlijk wolluis. Kleine witte wattenpropjes op de twijgen en in de oksels van de takjes. Vervelend, maar zelden dodelijk. Afspoelen met een stevige waterstraal en de plant gezond en luchtig houden.

Die witte propjes lijken op kleine plukjes watten en zitten meestal op de twijgen, in de oksels van de takjes of dicht bij de stam. Dat is de wasachtige bescherming van de wolluis, met de beestjes eronder. Ze zuigen sap uit de plant, waardoor de scheuten vergelen en hij minder fris groeit.

Vaak zie je er meer omheen. De takken worden plakkerig van de honingdauw die de luizen uitscheiden, en daarop komt soms een zwarte roetdauw. Lopen er mieren over de plant, dan is dat ook een teken. Die houden de luizen als melkvee en beschermen ze.

Wolluis komt op taxus minder vaak voor dan de taxuskever of schimmel, maar uitgesloten is het niet. Hij duikt vooral op bij beschutte plekken met weinig luchtbeweging, bij planten die al verzwakt zijn, na een lange droge periode, en bij taxus in een pot of strak tegen een muur of schutting.

Aanpakken doe je het liefst zonder zware middelen. Bij een lichte aantasting veeg je de propjes weg of spoel je ze eraf met een stevige waterstraal. Zitten er takjes vol, knip die er dan uit. Helpt dat niet genoeg, dan kun je de plant inzetten met lauwwarm water en een beetje groene zeep. Doe dat niet in de volle zon. En geef natuurlijke vijanden zoals lieveheersbeestjes en sluipwespen de ruimte, want die ruimen wolluis voor je op.

TipKijk bij een aangetaste taxus ook naar de basis. Wolluis grijpt zijn kans op een plant die al onder druk staat. Staat hij te nat, krijgt hij te weinig voeding of is de wortelkluit juist kurkdroog, los dat dan eerst op. Een plant die lekker in zijn vel zit, heeft veel minder last.
Kort antwoordJa, vooral op warme, droge en beschutte plekken. Spint is een piepklein spinnetje dat aan de onderkant van de naalden zuigt. Je ziet eerst een grauwe, fletse waas over het groen, en bij een zware aantasting heel fijn spinrag tussen de takjes. Een gezonde, niet te droge taxus heeft er zelden last van. Water geven en de plant af en toe natspuiten is de beste rem.

Spint, of spintmijt, is geen insect maar een heel klein spinachtig beestje van amper een halve millimeter. Met het blote oog zie je de diertjes nauwelijks, wel het gevolg van hun werk. Ze zuigen plantensap uit de naalden, waardoor het groen zijn frisse kleur verliest en grauw, grijzig of bronsachtig wordt. Houd je een wit vel papier onder een takje en tik je erop, dan zie je de minuscule stipjes bewegen.

Spint houdt van warm, droog en stoffig. Een taxus tegen een warme muur, onder een afdak of op een beschutte hoek waar weinig regen komt, loopt het meeste risico. Vooral in een droge, hete zomer kan het snel gaan. Een taxus op een normale, niet te droge plek heeft er zelden last van, want spint en vocht gaan slecht samen.

Verwar spint niet met andere problemen. Een grauwe waas met fijn spinrag wijst op spint. Een witte, pluizige prop is wolluis, daarover lees je bij de vraag 'Er zit een witte, pluizige waas op mijn taxus. Wat is dat?'. Wordt de hele plant geel of dof zonder spinrag, kijk dan bij de vraag waarom een taxushaag geel of dof wordt, want dan zit het vaak in de grond of de voeding.

TipDe simpelste aanpak is water. Spint heeft een hekel aan vocht. Spuit de plant in een droge periode een paar keer flink nat, ook aan de onderkant van de takken, en zorg dat de wortels niet uitdrogen. Vaak is dat al genoeg om het de kop in te drukken.
TipHelpt dat niet bij een zware aantasting, dan kun je naar een biologisch middel op basis van plantaardige olie of zeep grijpen, of roofmijten inzetten die spint opeten. Chemische bestrijding is bij taxus zelden nodig en gebruik je pas als laatste.
Kort antwoordJa, met name Pestalotiopsis (taxussterfte). Zieke takken ruim wegsnoeien en schaar desinfecteren.

Naast Phytophthora (zie hierboven) komt Pestalotiopsis voor, ook wel taxussterfte genoemd. Je ziet dan individuele takken die bruin worden en afsterven, vaak na een periode van stress (droogte, beschadiging, slechte drainage). Snoei aangetaste takken ruim weg en verbeter de groeiomstandigheden.

TipDesinfecteer je snoeischaar na het wegsnoeien van zieke takken (met alcohol of een scheut bleekwater). Zo voorkom je dat de schimmel zich verspreidt naar gezonde delen.
Kort antwoordJa, de zouten in urine verbranden de naalden. Naspoelen met water helpt. Bij katten is de schade meestal minder zichtbaar.

Ja, dat kan. Hondenurine is geconcentreerd en bevat veel stikstof en zouten. Op de plek waar steeds tegen dezelfde planten geplast wordt, kunnen naalden bruin verkleuren en takken afsterven. Vooral lage haagjes en de onderkant van grotere hagen zijn kwetsbaar.

Bij katten is de schade meestal minder zichtbaar. Katten plassen niet tegen de haag zoals honden dat doen, maar graven een kuiltje aan de voet van de plant. Kattenurine is wel geconcentreerder dan die van honden. Als meerdere katten steeds dezelfde plek gebruiken, kan de grond daar verzuren en kunnen de wortels schade oplopen.

TipSpoel de plek na met een flinke scheut water als je ziet dat er geplast is. Dat verdunt de urine voordat het de wortels bereikt. Een vaste plaslijn van de buurhond? Overweeg een lage afscherming of een rij tegels aan die zijde. Dat lost meer op dan achteraf herstellen. Bij katten helpt het om de grond rond de haag af te dekken met grove mulch of grind. Daar graven katten minder graag in.
Kort antwoordJa, glyfosaat (Roundup) is een stille doodsoorzaak. Houd chemische onkruidbestrijding weg bij de haag.

Ja, en dit is een stille doodsoorzaak die we vaker zien dan je zou denken. Middelen op basis van glyfosaat (zoals Roundup) zijn niet-selectief. Ze doden alles wat groen is. Als je onkruidverdelger spuit in de buurt van je taxushaag en er waait een beetje nevel richting de planten, is dat genoeg om schade te veroorzaken. De naalden verkleuren geel tot bruin, vaak vlekkerig en ongelijkmatig, en het kan weken duren voordat je de schade ziet.

Ook via de grond kan het misgaan. Spuit je onkruidverdelger op onkruid vóór de haag, dan neemt de taxus het middel via de wortels op.

Denk ook niet dat natuurlijke middelen vanzelf veilig zijn. Azijn wordt vaak als groen alternatief tegen onkruid gebruikt, maar taxus kan er niet tegen. Het verbrandt het blad en verzuurt de grond rond de wortels.

TipGebruik geen chemische onkruidbestrijding in de buurt van je taxushaag. Wie het onkruid rond de haag wil aanpakken, kan beter handmatig wieden, schoffelen of een laag mulch aanbrengen. Dat is veiliger voor de planten en beter voor de bodem.
Kort antwoordMeestal voedingstekort (compost of kieseriet helpt) of te natte wortels. Geel aan de binnenkant is vaak gewoon natuurlijke naaldval.

Geelverkleuring is iets anders dan bruinverkleuring en heeft vaak andere oorzaken:

  • Stikstofgebrek. De meest voorkomende reden. De plant krijgt te weinig voeding, vooral op arme zandgronden. Wat compost of organische mest in het voorjaar lost dit meestal op.
  • Magnesiumgebrek. Naalden worden lichtgroen tot geelachtig, vooral de oudere naalden. Herkenbaar doordat de verkleuring niet vlekkerig is maar gelijkmatig. Strooi kieseriet (magnesiummeststof) in het voorjaar.
  • Chlorose door te natte voeten. Bij langdurig te natte grond kunnen de wortels geen voedingsstoffen meer opnemen, ook al zitten die wel in de bodem. Het blad wordt dan vaal en gelig. Verbeter de drainage.
  • Natuurlijke naaldval. Taxus verliest in het najaar een deel van zijn oudere naalden aan de binnenkant. Die worden geel en vallen af. Dat is volkomen normaal en geen reden tot zorg.
TipGele naalden aan de binnenkant van de plant zijn meestal natuurlijke naaldval of een teken van te natte wortels. Gele of dorre naalden aan de buitenkant en de toppen wijzen eerder op een voedingsprobleem of droogtestress. Dat onderscheid helpt bij het bepalen van de oorzaak.
TipVerander niet alles tegelijk. Bij een plant die er slap bij staat is de verleiding groot om in een keer kalk, mest, extra water en een snoeibeurt los te laten. Doe dat niet. Dan weet je naderhand niet wat hielp en wat schaadde, en je kunt de plant juist te veel voeding geven. Verander een ding tegelijk, geef het een paar weken, en kijk dan pas verder.
Kort antwoordNaalden worden snel dof en geelbruin, vaak aan één kant. Wortels zijn bruin, zacht en ruiken muf. Oorzaak: te natte grond.

Wortelrot (meestal veroorzaakt door de schimmel Phytophthora) begint ondergronds en is daardoor lastig vroeg te herkennen. De eerste signalen bovengronds zijn naalden die dof worden en verkleuren van groen naar geelbruin, vaak in korte tijd. De verkleuring begint meestal aan één kant of bij een paar planten in de rij, niet gelijkmatig over de hele haag. Trek je voorzichtig aan een aangetaste plant, dan geeft het wortelstelsel makkelijk mee. Gezonde wortels zitten stevig, rotte wortels zijn bruin, zacht en breken af.

TipRuik aan de kluit. Wortelrot heeft een typische muffe, zurige geur die je bij gezonde wortels niet ruikt. Dat klinkt simpel, maar het is een van de betrouwbaarste checks.
TipPhytophthora gedijt in natte grond. Zit het probleem bij één of twee planten, verwijder die dan inclusief de grond rondom de kluit. Plant niet meteen een nieuwe taxus op dezelfde plek terug zonder de drainage te verbeteren.
Kort antwoordTaxus verdraagt droogte beter dan langdurige nattigheid. Blijft de grond weken drassig, dan krijgen de wortels zuurstoftekort en kunnen ze gaan rotten. Drainage is dan de oplossing.

Met de nattere winters van de laatste jaren is dit een steeds belangrijker punt. Taxus is verrassend goed bestand tegen droge zomers, maar veel slechter tegen een bodem die wekenlang verzadigd of drassig blijft. Het probleem is niet het water zelf, maar zuurstofgebrek. In een verzadigde bodem zit geen lucht meer, en wortels die niet kunnen ademen sterven af. Daar komt vaak wortelrot achteraan.

Het verraderlijke is dat de schade lijkt op droogteschade. Een taxus met verdronken, rottende wortels kan geen water meer opnemen en kleurt dof en bruin, precies zoals een plant die uitdroogt. Mensen geven dan nog meer water, terwijl de bodem al verzadigd is. Kijk daarom bij bruinverkleuring in een natte periode niet naar de naalden maar naar de grond. Staat die plasnat of ruikt de bodem zuur, dan is verdrinking de oorzaak en niet droogte.

De oplossing zit in afvoer, niet in minder regen. Op grond die structureel nat blijft, moet je vóór het planten de drainage verbeteren of de taxus verhoogd planten.

TipTest je drainage vóór het planten: graaf een gat van ongeveer 30 cm, vul het met water en kijk hoe snel het wegzakt. Staat het water er na een dag nog grotendeels in, verbeter dan eerst de afvoer. In natte winters is dat het verschil tussen een gezonde en een verdronken haag.
Kort antwoordMeestal wortelherstel na aanplant, droogtestress, te natte grond of voedingstekort. Geef de plant tijd en controleer de basis.

Een taxus die niet groeit is bijna altijd een taxus die stress heeft. De meest voorkomende oorzaken:

  • Net aangeplant. In het eerste jaar stopt taxus zijn energie in wortelherstel, niet in zichtbare groei bovengronds. Dat is normaal. Pas in het tweede seizoen zie je de planten echt groeien. Geduld is hier het sleutelwoord.
  • Droogtestress. Te weinig water remt de groei direct. De plant overleeft wel, maar doet het minimale. Controleer of de grond op 10 cm diepte nog vochtig is.
  • Te natte grond. Bij langdurig natte wortels kan de plant geen voeding opnemen en stagneert de groei. Controleer de drainage.
  • Voedingstekort. Vooral op arme zandgrond of in uitgeputte bouwgrond krijgt taxus te weinig voeding. Wat compost of organische mest in het voorjaar helpt.
  • Te veel schaduw. Taxus groeit in de schaduw, maar in zeer diepe schaduw (onder dichte bomen of tegen een noordmuur) gaat de groei wel flink langzamer.
  • Wortelconcurrentie. Staat de taxus vlak naast een grote boom of dichte begroeiing? Dan pikken de buren het water en de voeding in.
TipGroeit één plant in de haag duidelijk slechter dan de rest? Dan zit het probleem waarschijnlijk lokaal. Denk aan een puinplek in de grond, een plek waar steeds geplast wordt, een schaduwhoek, of een storende laag in de bodem. Zo'n laag, bijvoorbeeld een leemlaag, kan ervoor zorgen dat water op die ene plek niet goed wegzakt terwijl de rest van de haag prima draineert. Een leemlaag hoeft niet onder de hele haag te lopen: hij kan maar onder een paar meter zitten, en juist dáár gaan de planten dood. Dit komt ook voor bij zandgrond waar op enige diepte een leemlaag zit. Graaf voorzichtig naast de plant en kijk hoe de grond en de wortels erbij staan.
Kort antwoordBijna altijd door verschillen in de bodem: een plek met puin, een verdichte laag, nattere grond of meer wortelconcurrentie. Zelden ligt het aan de plant zelf.

Dit is een veelgehoorde vraag. De planten kwamen samen van het veld, staan in dezelfde rij, en toch loopt de ene voor op de andere. Meestal ligt dat niet aan de planten, maar aan wat er onder de grond gebeurt. Over een haag van een paar meter kan de bodem flink verschillen.

De gebruikelijke oorzaken zijn een verborgen puinplek of bouwzand waar de wortels niet doorheen komen, een verdichte (ingeklonken) laag die water en wortels tegenhoudt, een plek die natter is dan de rest, of meer wortelconcurrentie van een nabije boom of struik. Ook licht speelt mee. Een plant die meer in de schaduw of in de wind staat, groeit trager dan zijn buurman in de zon en luwte.

Het hoeft trouwens niet altijd aan de grond te liggen. Soms zit er onder één plant een storende laag of een verborgen obstakel waar de wortels niet langs kunnen. En heel soms vreten de larven van de taxuskever aan de wortels van juist die ene plant, waardoor hij achterblijft. Blijft er één achter terwijl de rest goed doorgroeit, kijk dan ook naar de wortels en naar mogelijke vraat.

Meestal trekt dat ongelijke groeien zich na een paar jaar recht, zeker als je de achterblijvers wat extra aandacht geeft. Blijft een enkele plant duidelijk achter, graaf dan voorzichtig in de wortelzone om te kijken of er puin, een storende laag of natte grond zit.

TipGeef de achterblijvers gerichte hulp: wat extra compost in het voorjaar en in droge perioden een gietbeurt méér dan de rest. Vaak overbrug je zo een plaatselijk bodemprobleem, in plaats van dat het een zwakke plant is.
Kort antwoordMeestal door het licht. Taxus groeit richting de lichtste kant. Staat hij tegen een muur, schutting of in halfschaduw, dan wordt de lichtkant voller en kan de haag iets gaan leunen. Met snoei houd je hem recht.

Taxus groeit richting het licht. De kant die de meeste zon of het meeste open licht krijgt, maakt meer groei en wordt dichter. De schaduwkant blijft achter. Daardoor kan een haag schever gaan staan of aan één kant boller worden, zeker als hij tegen een muur, schutting of gebouw staat.

Soms zit het niet in het licht maar in de grond. Een kant die natter, droger of armer is dan de rest groeit anders. En aan een hoek of het uiteinde van een haag staat vaak meer licht en lucht, waardoor die plek harder loopt. Gaat het om losse planten die uit de pas lopen in plaats van één kant, kijk dan bij de vraag 'Waarom groeit de ene taxus sneller dan de andere in dezelfde haag?'.

Je stuurt het bij met snoei. Snoei de sterke, volle kant wat steviger terug en de zwakke kant licht. De zwakke kant krijgt dan relatief meer licht en groeiruimte en haalt zijn achterstand langzaam in. Doe dat een paar jaar achter elkaar, dan trekt de haag recht. Hoe en wanneer je snoeit, lees je bij de vraag 'Wanneer en hoe moet ik taxus snoeien?'.

TipZet bij een nieuwe haag de lijn meteen goed en knip vanaf het begin recht. Een haag die je van jongs af strak houdt, gaat veel minder snel scheef dan een die je laat lopen en achteraf moet corrigeren.
Kort antwoordZiet er dramatisch uit, maar taxus herstelt zich meestal vanzelf. Voorzichtig afvegen bij zware sneeuw.

Bij zware sneeuwval of ijzel kan het gewicht de takken van een taxushaag uit elkaar drukken of naar beneden buigen. Dat ziet er dramatisch uit, maar taxus is veerkrachtig en herstelt zich in de meeste gevallen vanzelf zodra de sneeuw smelt. Bij echt zware sneeuwlast kunnen takken wel scheuren of breken, vooral bij bredere hagen die bovenop veel sneeuw vangen.

TipVeeg zware sneeuw voorzichtig van de haag af met een bezem, van onderaf naar boven. Niet slaan of schudden, want bevroren takken zijn broos en breken sneller. Bij ijzel kun je beter niets doen en wachten tot het dooit.
TipEen haag die iets smaller is aan de bovenkant (de A-vorm) vangt minder sneeuw op en heeft daardoor minder last van sneeuwdruk. Nog een reden om die snoei-vorm aan te houden.
↑ Terug naar de inhoud

Taxus is een sterke plant, maar in de loop van het jaar kan er van alles spelen. De ene plaag werkt boven de grond, de andere eronder. Hieronder zie je per probleem wanneer de kans op schade of activiteit het grootst is en waar je op let.

Houd er rekening mee dat dit een richtlijn is. Het precieze moment hangt af van de temperatuur, het verloop van de winter en je grondsoort. In een warm voorjaar loopt alles voor, na een koude winter juist achter.

Wil je weten wat je wanneer aan onderhoud doet, kijk dan bij de vraag 'Wat moet ik wanneer doen, een taxuskalender door het jaar?'.

jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
okt
nov
dec
Bovengronds
Taxuskever
Spint
Wolluis
Winterverbranding
Droogtestress en zon
Ondergronds
Taxuskeverlarven
Engerlingen
Wortelrot
Plaaginsecten en keversTe natte grondDroogte en zonVorst en wind

Donker is de piek, lichter is mogelijk risico. De maanden tonen wanneer de kans op schade of activiteit het grootst is, niet de exacte data.

Dit zijn de plagen en de schade die je aan de plant zelf ziet.

ProbleemWanneer de kans het grootst isWaar je op let
Taxuskever (de volwassen kever)Mei tot oktober, vooral 's nachtsKleine hapjes uit de randen van de naalden, vaak laag bij de grond
SpintJuni tot augustus, warm en droogDof, grijzig of bronzig blad. Kijk aan de onderkant van de naalden naar fijn spinrag of een korrelige waas
WolluisVooral de zomerWitte, pluizige propjes op warme, beschutte plekken. Eronder soms een kleverige laag of een zwarte schimmel (roetdauw)
Winterverbranding en uitdrogingFebruari tot aprilBruine toppen, vooral aan de wind- of zonkant na een koude, droge periode
Droogtestress en zonverbrandingJuli tot augustusGeel of bruin blad aan de zonkant in een droge, hete periode

Dit speelt zich onder de grond af, aan de wortels.

ProbleemWanneer de kans het grootst isWaar je op let
TaxuskeverlarvenTwee pieken. Half juli tot eind oktober, als de jonge larven het kwetsbaarst zijn. En half maart tot eind mei, als de overwinterde larven weer actief wordenSlappe planten, groeistilstand, afgevreten wortels. De larve is wit met een bruinrode kop, heeft geen poten en ligt vaak opgerold in een C-vorm
EngerlingenJonge larven actief van ongeveer juni tot september. In het voorjaar komen overwinterde larven weer omhoogPlanten die loslaten in de grond, slechte beworteling. De engerling is groter en heeft wel zes poten, en daaraan herken je hem van de taxuskeverlarve
Wortelrot en schimmelDe schimmel is actief in warme, natte grond, grofweg boven de tien graden, denk aan een natte nazomer of herfst. De schade zie je vaak pas later, als het droger wordt en de plant niet meer hersteltNaalden die dof worden en wegkwijnen, vaak op plekken met slechte drainage of stilstaand water

Engerlingen en taxuskeverlarven lijken op elkaar en vreten allebei aan wortels, maar het zijn andere beestjes. De engerling is de larve van een bladsprietkever, zoals de meikever of junikever, en heeft zes poten. De taxuskeverlarve is de larve van een snuitkever en heeft geen poten. Voor de plant maakt het weinig uit, voor de bestrijding soms wel. Wanneer engerlingen actief zijn, verschilt bovendien per keversoort.

Wil je de larven van de taxuskever of engerlingen biologisch aanpakken met aaltjes, dan moet de bodem warm genoeg zijn. Sommige aaltjes, zoals Steinernema kraussei, werken al vanaf ongeveer 5 tot 6 graden bodemtemperatuur en zijn daardoor ook in het vroege voorjaar of de late herfst inzetbaar. Heterorhabditis bacteriophora heeft minimaal 16 graden nodig en werkt het best in de nazomer, vanaf een graad of negentien.

Het beste moment voor beide plagen is augustus tot oktober, als de jonge larven net zijn uitgekomen en nog klein en kwetsbaar zijn. Een tweede moment voor taxuskeverlarven is half maart tot eind april, wanneer de overwinterde larven weer actief worden maar nog verzwakt zijn.

↑ Terug naar de inhoud
Kort antwoordJa, zelfs op latere leeftijd. Beste periode: november tot maart. Grote kluit meegraven.

Ja, taxus laat zich goed verplanten, zelfs op latere leeftijd. De beste periode is van november tot maart, als de plant in rust is. Graaf een zo groot mogelijke kluit mee en snoei de plant boven flink terug om het wortelverlies te compenseren.

TipHoud de kluit bij het verplanten vochtig, maar niet kletsnat, want een grote kluit wordt dan loodzwaar om te tillen. Plant zo snel mogelijk weer in de grond en geef daarna water. Een taxus die een dag met blote wortels in de wind staat, heeft weken nodig om te herstellen.
Kort antwoordJa. Taxus loopt zelfs op kaal hout weer uit. Flink terugsnoeien in het vroege voorjaar.

Ja, en dat is een van de grote voordelen van taxus ten opzichte van andere coniferen. Waar een conifeer zoals Leylandii of Thuja nooit meer uitloopt op kaal hout, komt taxus wel terug. Snoei de haag flink terug, desnoods tot op het kale hout, en geef de plant licht en ruimte. Binnen een tot twee groeiseizoenen loopt hij weer uit met vers groen.

TipDoe een drastische renovatiesnoei bij voorkeur in het vroege voorjaar (februari tot maart), zodat de plant het hele groeiseizoen heeft om te herstellen. Bemest na de snoei met compost en een organische meststof om het herstel te ondersteunen.
Kort antwoordVrijwel altijd. Taxus loopt zelfs op kaal hout weer uit. Snoei flink terug in februari/maart.

Vrijwel altijd, en dat is precies wat taxus zo bijzonder maakt. Waar andere coniferen zoals Leylandii of Thuja nooit meer uitlopen op kaal hout, komt taxus wel terug. Zelfs een haag die jarenlang niet gesnoeid is en er hopeloos uitziet, kun je terugsnoeien tot op het oude hout. Binnen één à twee groeiseizoenen loopt hij weer uit met vers groen.

TipDoe een drastische renovatiesnoei bij voorkeur in februari of maart, zodat de plant het hele groeiseizoen heeft om te herstellen. Bemest daarna met compost en een organische meststof, en geef de eerste zomer extra water. De plant moet veel energie steken in nieuw blad en heeft daar voeding en vocht voor nodig.
TipVerwacht niet dat beide kanten tegelijk kunnen. Snoei het eerste jaar één zijde flink terug en laat de andere kant met rust. Het jaar erna doe je de andere kant. Zo houdt de plant altijd genoeg blad over om te functioneren.
Verwilderde, niet gesnoeide taxus die dicht en gezond is gebleven.
Een taxus die jaren ongesnoeid groeide en toch dicht en gezond bleef. Vergeten is bij taxus zelden fataal.
Kort antwoordEerst de oorzaak achterhalen. Dan oude wortels en grond verwijderen, verse grond erin, en de nieuwe plant extra water geven.

Probeer eerst te achterhalen waarom die ene plant het niet gered heeft. Was het wortelrot door slechte drainage? Schade door onkruidverdelger? Taxuskeverlarven? Als je de oorzaak niet oplost, loopt de vervangende plant hetzelfde risico. Verwijder de dode plant inclusief zo veel mogelijk van het oude wortelstelsel en de grond eromheen, zeker als je wortelrot vermoedt.

Kijk daarna hoeveel ruimte er werkelijk is tussen de buurplanten. Je wilt misschien dezelfde maat terugplanten, maar de vraag is of de kluit van een grote plant nog in het gat past. De wortels van de omliggende planten hebben zich inmiddels uitgebreid en nemen ruimte in. Soms is een iets kleinere plant de betere keuze. Die past makkelijker en groeit vanzelf bij.

Werk de grond in het plantgat extra goed bij met compost of verse tuinaarde. De oude grond is uitgeput en de nieuwe plant moet juist een goede start krijgen. Plant in het reguliere plantseizoen (september tot april) en niet in de zomer.

TipGeef de nieuwe plant in de haag extra aandacht bij het watergeven. De aangeslagen planten ernaast hebben een veel beter ontwikkeld wortelstelsel en nemen het beschikbare water sneller op. De nieuwkomer moet daar tegenop concurreren. Geef dus gericht water bij de nieuwe plant, niet alleen de hele haag in één keer. Maar overdrijf niet: te nat is ook voor een nieuwe plant funest.
TipVerwacht dat de vervangende plant er een seizoen of twee anders uitziet dan de rest. De kleur kan iets afwijken en de vertakking is minder vol. Dat trekt vanzelf bij als de plant eenmaal is aangeslagen en meegroeit met de haag.
↑ Terug naar de inhoud
Kort antwoordJa, alle delen behalve het rode vruchtvlees zijn giftig, net als bij veel tuinplanten. Niet opeten en voorzichtig zijn met kinderen en dieren.

Ja, taxus is giftig. Alle delen van de plant bevatten taxine, een giftige alkaloïde die al in kleine hoeveelheden gevaarlijk kan zijn voor mens en dier. Alleen het rode vruchtvlees van de taxusbessen is niet giftig, maar de zaden binnenin wel. Eet dus nooit naalden, zaden of bast van een taxus.

Het is wel goed om dit in verhouding te zien. Giftig zijn is onder sierplanten eerder regel dan uitzondering. Oleander, vingerhoedskruid, monnikskap, goudenregen en lelietje-van-dalen staan in talloze tuinen en zijn stuk voor stuk giftig, sommige minstens zo erg als taxus. Taxus is dus niet uitzonderlijk gevaarlijk. Het vraagt simpelweg hetzelfde gezonde verstand als veel andere planten. Niet opeten en snoeiafval netjes opruimen.

TipIn de praktijk komt vergiftiging bij mensen zelden voor, omdat je bewust een flinke hoeveelheid zou moeten innemen. Wees wel voorzichtig met jonge kinderen die rode bessen in hun mond stoppen. Let ook op bij paarden en andere landbouwhuisdieren: voor hen kan taxus dodelijk zijn, zelfs in kleine hoeveelheden.
Kort antwoordJa. Bij vermoeden van inname direct contact opnemen met de dierenarts.

Ja, taxus is ook giftig voor huisdieren. Honden en katten bijten zelden op taxusnaalden, maar het risico bestaat, zeker bij jonge honden die overal op kauwen. De giftige stof taxine zit in naalden, bast en zaden. Bij vermoeden van inname neem direct contact op met de dierenarts.

TipRuim snoeiafval van taxus altijd op en laat het niet op de composthoop liggen waar huisdieren bij kunnen. Gedroogde taxusnaalden zijn minstens zo giftig als verse.
Kort antwoordJa, extreem gevaarlijk. Al een handje naalden kan voor een paard dodelijk zijn. Er is geen tegengif.

Ja, en dit kan niet genoeg benadrukt worden. Paarden zijn extreem gevoelig voor taxine, de gifstof in taxus. Zelfs een klein handje naalden of een paar takjes snoeiafval kan voor een paard dodelijk zijn, en dat binnen enkele uren. Er is geen effectief tegengif. Ook koeien, geiten en schapen lopen gevaar, al zijn die iets minder gevoelig dan paarden.

Het risico zit niet alleen in een taxushaag die aan het weiland grenst. Snoeiafval dat over de schutting in het weiland waait, of takken die bij het groenafval naast het hek worden gelegd, zijn minstens zo gevaarlijk. Gedroogde takken en naalden blijven giftig. Ook voor konijnen geldt ditzelfde gevaar, lees daarvoor de vraag 'Is taxus gevaarlijk voor konijnen?'.

TipHeb je paarden of ander vee in de buurt? Zorg dat er geen enkele taxustak in of bij het weiland terechtkomt. Gooi snoeiafval nooit los op de composthoop of bij het groenafval als er dieren bij kunnen. In het buitengebied is dit echt een zaak van leven of dood.
Kort antwoordJa, zeer. Taxus is voor konijnen dodelijk giftig, ook in kleine hoeveelheden en ook gedroogd. Houd konijnen en taxussnoeisel altijd gescheiden.

Ja, en net als bij paarden kan het snel misgaan. Konijnen zijn erg gevoelig voor taxine, de gifstof die in de naalden, bast en zaden zit. Al een kleine hoeveelheid kan dodelijk zijn, en er is geen tegengif. Gedroogde naalden en takjes blijven net zo giftig als verse.

Wilde konijnen laten een taxus meestal met rust, juist omdat de plant giftig is. Het grootste risico zijn huiskonijnen die los in de tuin lopen of die je vers groen voert. Geef een konijn dus nooit taxussnoeisel als groenvoer, en zorg dat een loslopend konijn niet bij de haag of bij het snoeiafval kan.

Wees vooral voorzichtig met snoeiafval. Een paar takjes die bij het konijnenhok of in de ren belanden, zijn al gevaarlijk. Ruim snoeisel direct op en gooi het niet op een composthoop of een plek waar konijnen bij kunnen. Het verhaal rond snoeiafval is hetzelfde als bij grotere dieren, dat lees je bij de vraag 'Is taxus gevaarlijk voor paarden en andere landbouwhuisdieren?'.

TipVermoed je dat je konijn bij taxus of snoeisel is geweest? Neem meteen contact op met de dierenarts en wacht niet op symptomen. Bij taxusvergiftiging kan een dier plotseling en snel achteruitgaan.
Kort antwoordVruchten van vrouwelijke taxusplanten. Het rode vruchtvlees is niet giftig, het zaad erin wel. Niet eten.

Dat zijn de vruchten van de taxus, felrode bekerachtige vruchtvleesjes (arilli) die in het najaar verschijnen. Taxus is tweehuizig. Er zijn mannelijke en vrouwelijke planten. Alleen de vrouwelijke planten dragen bessen. Heb je een haag zonder bessen, dan staan er waarschijnlijk alleen mannelijke planten in, of ontbreekt er een mannelijke bestuiver in de buurt. Het rode vruchtvlees zelf is niet giftig en smaakt licht zoet. Maar het zaad dat erin zit is wel giftig, net als de naalden en de bast. Eet ze dus niet, en leer kinderen dat ze er vanaf moeten blijven.

De bes bestaat trouwens uit twee delen, en alleen het rode vruchtvlees is ongiftig. De harde pit in het midden is het zaadje en zit juist vol taxine, dezelfde gifstof als in de naalden. Slim bedacht van de plant, want een vogel eet de hele bes, verteert het zoete vruchtvlees en poept die keiharde pit verderop weer uit zonder dat het gif vrijkomt. Een hele pit die per ongeluk wordt doorgeslikt gaat bij mensen meestal ook gewoon weer mee naar buiten. Stukbijten of opeten moet je echter nooit doen. Wil je vanwege kinderen of dieren amper bessen, snoei dan strak, zoals beschreven bij de vraag 'Hoe houd ik mijn taxushaag bessenvrij?'.

TipVogels zijn dol op taxusbessen en verspreiden de zaden via hun ontlasting. Dat is overigens de reden dat taxus van nature op de meest onverwachte plekken opduikt: tussen stoeptegels, in oude muren, onder hekken. De vogel doet het werk.
Felrode besjes aan een vrouwelijke taxus.
Het rode zaadrokje (arillus) is zacht en zoet. Het zaadje erin is wel giftig.
Kort antwoordJa. Schuilplaats voor vogels en egels, bessen als voedsel, stuifmeel voor vroege bestuivers.

Ja, en dat wordt vaak over het hoofd gezien. Een taxushaag is een van de betere schuilplekken voor tuinvogels. De dichte, groenblijvende structuur biedt beschutting tegen wind, regen en predatoren, het hele jaar door. Merels, heggenmus, roodborst en winterkoning nestelen graag in een taxushaag. In het najaar zijn de rode bessen een voedselbron voor lijsters, merels en andere bessenliefhebbers.

Daarnaast trekt taxus nuttige insecten aan. De kleine, onopvallende bloempjes in het voorjaar leveren stuifmeel voor vroege bestuivers. En de dichte ondergroei van een taxushaag biedt schuilgelegenheid voor egels, padden en andere tuindieren.

TipWil je de natuurwaarde van je taxushaag vergroten? Snoei dan niet alle planten op exact dezelfde dag. Door gespreid te snoeien houd je altijd een deel van de haag als rustplek beschikbaar voor dieren.
Bedauwd spinrag in een taxushaag, teken van leven in de haag.
Spinrag met dauw in de haag: een taxushaag zit vol leven.
Kort antwoordAlleen mannelijke taxussen maken stuifmeel, en dat doen ze rijkelijk. Van februari tot april stuift het met de wind mee, soms in zichtbare gele wolken. Het loof en de zaden van taxus zijn giftig, maar van het stuifmeel zelf raak je niet zomaar vergiftigd. Wel kan het in het voorjaar meespelen bij hooikoorts.

Taxus is tweehuizig, er zijn aparte mannelijke en vrouwelijke planten. Het stuifmeel, ook wel pollen genoemd, komt van de mannelijke. De rode besjes zitten alleen aan de vrouwelijke. Voor een haag maakt dat niets uit, die groeit even mooi dicht. Het verschil telt pas als je per se bessen wilt, of juist geen bessen vanwege kinderen of dieren.

De bloei valt tussen februari en april. Taxus doet aan windbestuiving, dus het stuifmeel moet de lucht in. Tik in het voorjaar eens tegen een mannelijke tak en je ziet een gele rookwolk opstijgen. En het is niet weinig. Een oude taxus van honderd jaar geeft per seizoen zo'n 16 tot 20 kilo stuifmeel af. In Groot-Brittannië hoort de soort daarmee bij de tien grootste stuifmeelproducenten. De bijen zijn er trouwens blij mee, want zij halen dat vroege stuifmeel op voor hun broed in een tijd dat er nog weinig anders bloeit.

Taxus staat bekend als giftig, en terecht. Het loof en de zaden bevatten taxine, daar moet je echt vanaf blijven. Met het stuifmeel ligt het anders. Er zitten dezelfde stoffen in, maar uit onderzoek blijkt dat je er door inademen niet zomaar acuut ziek van wordt. Geen reden tot paniek dus als een taxus in het voorjaar naast je staat te stuiven.

Wat wel kan, is overgevoeligheid. Taxusstuifmeel kan in het voorjaar meespelen bij hooikoorts. Er is ook een kruisreactie met berkenpollen bekend, en berk bloeit in dezelfde periode. Wie in maart al loopt te niezen, geeft dus niet altijd terecht de berk de schuld. De taxus kan ook een handje helpen.

Tot slot nog een hardnekkig verhaal. Je leest soms dat taxus zijn stuifmeel wegschiet als een katapult. Dat klopt niet. Die truc hebben andere planten, zoals de moerbei en de kornoelje. Taxus houdt het bij gewone windbestuiving. Niet spectaculair, maar wel effectief, zoals je aan die twintig kilo per boom merkt.

TipLoop je in maart al te niezen, dan hoeft niet altijd de berk de boosdoener te zijn. Ook taxus stuift dan volop. Handig om te weten als je niet goed weet waar je hooikoorts vandaan komt.
Kort antwoordNiet wrijven, dat is het allerbelangrijkste. Spoel je oog rustig uit met lauw, schoon kraanwater. Komt de naald los, dan is het meestal met de schrik gebeurd. Zit hij vast, of houd je pijn, wazig zicht, lichtschuwheid of een rood, tranend oog, bel dan je huisarts of de huisartsenpost. Plantmateriaal in het oog kan een krasje op het hoornvlies geven en infectie veroorzaken, dus wees er op tijd bij.

De reflex is om te wrijven, en dat is precies wat je niet moet doen. Wrijven duwt de naald dieper en kan je hoornvlies krassen. Houd je handen weg en blijf rustig.

Spoel het oog vijf tot tien minuten met een zachte straal lauw, schoon kraanwater. Houd je hoofd schuin met het aangedane oog naar beneden, zodat het vuil naar buiten loopt en niet naar je andere oog. Knipper rustig tijdens het spoelen. Vaak komt de naald hier al mee los. Draag je contactlenzen, doe die er dan meteen uit.

Zie je dat de naald echt vastzit, op het oog zelf of op het gekleurde deel, trek hem er dan niet zelf uit. Dek het oog losjes af met een schoon gaasje of een plastic bekertje, zodat je er niet in wrijft, en laat er meteen een arts naar kijken.

Bel je huisarts, of buiten kantooruren de huisartsenpost, als een van deze dingen speelt:

  • De naald zit nog vast of je krijgt hem er niet uit.
  • Je houdt pijn of een scherp, stekend gevoel.
  • Je ziet waziger of minder scherp.
  • Je bent overgevoelig voor licht en knijpt je oog dicht.
  • Het oog blijft rood, traant hevig of er komt pus uit.
  • Het voelt alsof er nog iets in zit, ook nadat je hebt gespoeld.

Twijfel je? Bel dan toch. Bij plantmateriaal in het oog is een keer te vaak laten kijken beter dan een keer te weinig.

Even voor de duidelijkheid, het gaat hier niet om vergiftiging. Een naald in je oog levert geen gifprobleem op, daarvoor zou je taxus moeten binnenkrijgen. Het gaat om twee andere dingen. Een naald kan een klein krasje op het hoornvlies achterlaten, en plantmateriaal brengt bacteriën en schimmels mee die een ooginfectie kunnen geven. Allebei goed te behandelen, vaak met druppels of zalf, maar juist daarom wil je er op tijd bij zijn.

TipMaak geen zelfgemaakte zoutoplossing om te spoelen. Een verkeerde hoeveelheid zout prikt of beschadigt het oog juist, en zelf aangemaakt water is niet steriel. Lauw, schoon kraanwater is veiliger en altijd bij de hand. Een kant-en-klaar, steriel oogspoelmiddel uit de apotheek kan ook.
TipBij planten en snoeien schiet er zo een takje terug. Een goedkope veiligheidsbril, of gewoon een bril of zonnebril, houdt de meeste naalden tegen. Zeker als je laag bij de grond tussen de takken door werkt, is dat het overwegen waard.
TipDit is algemene informatie en geen vervanging voor een arts. Twijfel je over je oog, neem dan contact op met je huisarts of kijk op thuisarts.nl.
↑ Terug naar de inhoud
Kort antwoordBeter wortelstelsel, slaat sneller aan in de tuin. Vers gerooid in het plantseizoen voor de beste start.

Taxus uit de volle grond heeft een natuurlijk gegroeid wortelstelsel dat zich in de tuin snel thuis voelt. In tegenstelling tot potplanten zijn de wortels niet rondgedraaid in een beperkte ruimte, maar breed uitgegroeid in de grond. Dat geeft een betere start na het planten. Planten uit de volle grond worden gerooid in het plantseizoen (september tot april), als de taxus in winterrust is. Dat is ook meteen de ideale plantperiode.

TipPlan je aanplant vanaf halverwege september, zodra het niet meer te warm is. Dan hebben de wortels de tijd om aan te slaan voordat het groeiseizoen begint, en heb je de beste keuze uit het beschikbare sortiment.
Kort antwoordDonkergroene kleur, stevig vertakt vanaf de basis, stevige kluit. Geen bruine vlekken of vraatsporen.

Let op een gezonde, donkergroene kleur zonder bruine of gele vlekken. De plant moet stevig vertakt zijn vanaf de basis. Een taxus die alleen bovenin vol zit, wordt nooit meer een mooie volle haagplant. Controleer of de kluit stevig is en niet uiteenvalt. En kijk of er geen vraatsporen van de taxuskever zichtbaar zijn op de naalden.

TipAl onze taxusplanten worden vers uit de volle grond gerooid en zo snel mogelijk geleverd. Dat maakt een groot verschil met planten die wekenlang in een overdekte hal bij een bouwmarkt of tuincentrum hebben gestaan, die hebben een achterstand die je in de tuin pas maanden later terugziet.
TipGoedkope taxus is soms uiteindelijk duurder. Planten van slechte kwaliteit, te lang in de pot gestaan, of met een zwak wortelstelsel vallen vaker uit en moeten vervangen worden. Een paar euro meer per plant bij een kweker scheelt je een mislukte eerste aanplant en de frustratie die daarbij hoort.
Kort antwoordWij rooien je planten pas na bestelling. Zo is de tijd tussen rooien en opnieuw planten zo kort mogelijk, en dat is het beste voor de plant.

Wij zijn een kwekerij, geen tuincentrum. Onze taxusplanten staan in de volle grond en worden pas gerooid nadat je ze besteld hebt. Dat doen we bewust. Hoe korter de tijd tussen rooien en opnieuw planten, hoe beter de plant aanslaat. Een taxus die vers uit de grond komt en dezelfde dag bij je in de tuin staat, heeft de beste start.

Dat betekent wel dat je niet zomaar langs kunt komen en planten mee kunt nemen. Wij moeten ze eerst voor je rooien, en dat kost tijd. In het hoogseizoen kan het voorkomen dat we een aantal gangbare maten gerooid op het erf hebben staan, maar dat zijn er nooit heel veel. Bestel daarom altijd van tevoren, dan zorgen wij dat je planten klaarstaan op de afgesproken dag.

Het kan ook voorkomen dat wij het rooien even uitstellen. Heeft het een paar dagen hard geregend, dan gaan wij niet het land op. We wachten tot de grond is opgedroogd, om te voorkomen dat de tractoren de bodem inklinken. Bij vorst rooien we ook niet. Bevroren grond en bevroren wortels leveren geen goede planten op. En als het in het vroege voorjaar onverwacht een paar dagen erg heet is, stellen we het rooien ook uit, want dat is beter voor de planten. Kwaliteit gaat bij ons voor snelheid.

Kort antwoordNee. We rooien in het plantseizoen, ruwweg van september tot april. In de zomer staat de taxus volop in groei en is het te warm om te rooien. Binnen het seizoen schuiven we soms een paar dagen op als het weer niet meewerkt.

Onze taxus staat op de volle grond, en die rooi je alleen als de plant in rust is. Dat is ruwweg van september tot april, hetzelfde seizoen waarin je hem ook plant. In de zomer staat de taxus in volle groei en verdampt hij volop water. Vers gerooid zou hij die hitte slecht doorstaan. Daarom rooien en leveren we niet in de zomermaanden.

Ook binnen het seizoen rooien we niet onder alle omstandigheden. Na een paar dagen flinke regen, bij vorst of sneeuw, of bij een onverwacht warm vroeg voorjaar wachten we tot het weer meewerkt. Waarom dat beter is voor de plant lees je bij "Waarom moet ik mijn taxusplanten van tevoren bestellen?".

Het komt erop neer dat we rooien wanneer het goed is voor de plant, niet wanneer de kalender het toevallig zegt. Soms vragen we je daarom een paar dagen geduld. Dat scheelt je een haag die staat te kwakkelen.

TipWil je in een bepaalde periode planten? Bestel dan ruim op tijd en geef door wanneer je ongeveer wilt ophalen, dan stemmen we het rooimoment af op het weer.
Kort antwoordAllebei kan prima, het hangt af van wanneer je plant en wat je wilt uitgeven. Planten uit de volle grond, met kluit of met blote wortel, zijn steviger geworteld en voordeliger, maar je plant ze in het rustseizoen. Een taxus in pot kun je het hele jaar door planten, handig als je later wilt beginnen, maar hij is duurder en vraagt na het planten meer aandacht voor water en wortels dan mensen denken. Een potplant is dus niet automatisch makkelijker of sterker.

Uit de volle grond komen twee vormen. Met kluit wordt de plant met een bal aarde om de wortels gerooid en in jute verpakt, stevig en geschikt voor grotere maten en een volle haag in een keer. Blote wortel, ook wel wortelgoed, is dezelfde vollegrondsplant zonder grond om de wortels, veruit de voordeligste vorm voor veel meters haag. Beide plant je in het rustseizoen, grofweg van het najaar tot het vroege voorjaar, en niet bij vorst. Het grote pluspunt zit in de wortels. Doordat ze in echte grond zijn gegroeid, is de wortelmassa groot en maken de planten een sterke start.

Een taxus in pot is opgegroeid in potgrond. Het grote voordeel is de vrijheid in tijd. Je kunt het hele jaar door planten, ook buiten het plantseizoen, zolang het niet vriest en je extreme hitte mijdt. Handig voor kleine aantallen, voor een tuinproject dat niet op het seizoen kan wachten, of als je het planten wilt uitstellen.

Daar staat wel het nodige tegenover. Pot is duidelijk duurder, want zo'n plant vraagt jaren extra arbeid, water en voeding in de kwekerij. En er zijn twee dingen die mensen vaak onderschatten. Het eerste is potgedrag. Een plant die lang in een pot staat, laat de wortels rond de potvorm cirkelen, en die blijven na het planten soms in dat kringetje groeien in plaats van de tuin in. Dan wortelt hij trager door en staat hij minder stevig. Het tweede is uitdrogen. Potgrond is luchtiger dan tuingrond, droogt sneller uit en neemt, eenmaal kurkdroog, maar moeilijk weer water op. Juist omdat je een potplant graag in de zomer poot, gaat dat mis als je daarna te weinig water geeft. En er is een grens aan het formaat. In pot kweek je een taxus nooit zo hoog en fors als in de volle grond, dus voor een meteen hoge haag of een grote solitair schiet pot al gauw tekort. De grootste maten zijn er alleen met kluit.

En let op een valkuil bij de aankoop. Een potplant kan er bovengronds prachtig uitzien, groen, strak en verkoopklaar, terwijl hij ondergronds minder stevig is ontwikkeld dan een goede vollegrondsplant met kluit. Vooral bij de grotere maten. Mooi boven de grond zegt niet alles over wat eronder zit.

Kortom, een potplant is niet vanzelf makkelijker of beter, het blijft draaien om de standplaats, de grond en de nazorg. Wil je flexibel zijn met het moment, dan is pot fijn. Wil je een stevige, voller wortelende en goedkopere haag, dan kies je voor de volle grond. Daarom werken wij op de kwekerij met vollegrondsplanten.

TipKoop je in pot, kijk dan eerst naar de wortels. Zitten ze als een dichte spiraal rond de kluit gedraaid, maak de buitenste dan voorzichtig los of snijd ze licht in voordat je plant. Anders blijven ze in die cirkel groeien.
TipPlant je in pot in het voorjaar of de zomer, geef dan de eerste weken royaal water, ook als de grond er bovenop niet droog uitziet. De potkluit kan vanbinnen al kurkdroog zijn.
Kort antwoordLage haag of border? Klein plantgoed. Privacy? Grotere kluitplanten. Twijfel? Bel ons, wij rekenen mee.

Dat hangt af van je situatie. Wil je een lage haag van 40 tot 60 cm, bijvoorbeeld in een voortuintje of als border langs een pad? Dan is klein plantgoed (20 tot 50 cm) niet alleen de voordeligste keuze, maar ook de meest logische. Die planten groeien op die hoogte mooi compact in en hoeven niet ver omhoog. Wil je juist een hogere haag voor privacy, dan geven grotere planten met kluit (60 tot 100 cm of meer) sneller resultaat.

Reken er wel mee dat je van klein plantgoed meer stuks per meter nodig hebt (5 per meter, tegenover 2 tot 3 bij grotere maten), dus het prijsverschil per strekkende meter valt vaak mee.

Hoe we die hoogtes meten, lees je in de vraag 'Hoe bepalen jullie de hoogte van de taxus?'.

TipKies je voor klein plantgoed, plant dan bij voorkeur in het najaar. Dan hebben de planten het hele voorjaar om aan te slaan en te groeien. Het voorjaar kan ook. Bij grotere planten maakt het seizoen minder verschil, die staan er meteen.
TipTwijfel je? Bel of mail ons met de lengte van je haag, de gewenste eindhoogte en de situatie (voortuin, achtertuin, schaduw, zon). Wij rekenen graag even mee welke maat bij jouw situatie het slimst is.
Kort antwoordWe meten vanaf het maaiveld, dus de hoogte boven de grond. De kluit en de wortels tellen niet mee.

Veel mensen denken dat we de kluit of de blote wortels meerekenen bij de hoogte. Dat doen we niet. De maat die je bij ons ziet, is de hoogte van de plant boven de grond, gemeten van het maaiveld tot de top.

Dat komt doordat we de planten op het veld meten. Daar staan ze gewoon in de grond, met de wortels eronder. We meten van de grond tot de top. Bij planten met kluit is dat dus vanaf de bovenkant van de kluit. Bij wortelgoed komt het op hetzelfde neer, want ook die planten stonden met hun wortels in de grond toen we maten.

TipHoud er bij het planten rekening mee dat de kluit straks onder de grond verdwijnt. De hoogte boven de grond blijft dan gelijk aan de maat die je besteld hebt.
Kort antwoordPlantgoed is goedkoper maar je wacht langer. Kluit van 60 tot 80 cm is de tussenweg: betaalbaar en snel dicht.

Dat is een afweging tussen tijd en geld. Jong plantgoed is goedkoper per stuk, maar je wacht twee tot vier jaar op een dichte haag. Grotere planten geven direct resultaat, maar kosten meer. Een tussenweg zijn planten van 60 tot 80 cm met kluit. Die zijn betaalbaar, geven binnen één à twee seizoenen een gesloten haag, en slaan goed aan.

Wij leveren bewust geen kant-en-klare haagelementen. Onze planten komen vers uit de volle grond en worden los geplant. Dat geeft de beste start en het mooiste eindresultaat, omdat elke plant zijn eigen wortelstelsel ongestoord kan ontwikkelen.

TipEen haag van losse planten groeit binnen een paar jaar net zo dicht als een kant-en-klaar element, maar is robuuster op de lange termijn. Geduld loont.
Kort antwoordDat hangt af van de maat en het aantal planten. Op onze website reken je het zelf uit: met de rekenhulp zie je hoeveel planten je nodig hebt, en bij het assortiment en op de bestelpagina staan de prijzen.

Dat verschilt per maat en per aantal planten per meter. Klein plantgoed (zo'n 5 stuks per meter) is de voordeligste optie. Grotere planten met kluit kosten meer per stuk, maar je hebt er minder van nodig (2 tot 3 per meter). Over de hele linie is taxus vergelijkbaar met andere populaire haagplanten, met het verschil dat een taxushaag bij goed onderhoud generaties meegaat. Die investering verdient zichzelf daarmee ruimschoots terug.

TipReken het zelf even uit op onze website. In de rekenhulp vul je de gewenste hoogte en het aantal meters in, en je ziet meteen hoeveel planten je nodig hebt. De prijzen per maat staan bij het assortiment, en op de bestelpagina zie je het totaalbedrag zodra je de aantallen invult.
Kort antwoordOmdat taxus langzamer groeit en de kweker dus meer jaren grond, arbeid en verzorging kost. Daar staat tegenover dat hij dichter, sterker en veel langer meegaat dan een snelle conifeer.

Dat klopt. Taxus is per plant vaak duurder dan een snelgroeiende conifeer zoals de Leyland-cipres of thuja. Dat zit niet in de marge, maar in de teelt. Taxus groeit gestaag en heeft simpelweg meer jaren op het veld nodig voordat hij op maat is. Al die tijd kost grond, water, snoeien en verzorging. Een snelle conifeer staat in een fractie van die tijd op leverhoogte en is daardoor goedkoper te kweken.

Daar krijg je veel voor terug. Taxus groeit dichter en compacter, laat zich strak snoeien, en komt zelfs na een harde snoei weer terug op oud hout, iets wat de meeste coniferen niet kunnen. Snoei je een thuja of cipres te ver terug, dan blijft daar een kale, bruine plek die niet meer dichtgroeit. Een taxushaag gaat bij goed onderhoud generaties mee, terwijl snelle coniferen vaak na vijftien tot twintig jaar van onderaf verkalen en vervangen moeten worden.

Per jaar gerekend is taxus daardoor vaak juist voordeliger. Je betaalt één keer meer, niet om de twintig jaar opnieuw.

TipReken niet de prijs per plant, maar de prijs per jaar dat je er plezier van hebt. Een taxushaag die vijftig jaar staat, is per saldo goedkoper dan een snelle conifeer die je twee of drie keer moet vervangen.
Kort antwoordDat hangt af van de maat, het aantal en de grootte van je auto. Bel ons gerust, wij denken mee.

Dat is een vraag die we vaak krijgen, en het antwoord is dat het verschilt. Klein plantgoed (gebundeld per 10 stuks) past zonder problemen in de kofferbak van een gewone auto, ook bij grotere aantallen. Bij kluitplanten hangt het af van de maat van de plant, het aantal dat je nodig hebt en de grootte van je auto. Een paar kluitplanten van 60 tot 80 cm passen nog wel achterin, maar bij grotere maten of grotere aantallen heb je al snel een aanhanger of busje nodig.

TipTwijfel je of het past? Bel of mail ons van tevoren met de maat en het aantal planten dat je wilt ophalen. Wij vertellen je dan precies wat je kunt verwachten en of je een aanhanger mee moet nemen.
Kort antwoordPlantgoed altijd in de kofferbak, nooit op een open aanhanger. Kluitplanten kunnen wel op een aanhanger.

Klein plantgoed (20 tot 50 cm) is licht en past makkelijk in de kofferbak van een gewone auto. Wij bundelen plantgoed met blote wortel per 10 planten, dus dat neemt weinig ruimte in. Vervoer ze altijd in de auto, niet op een open aanhanger. Zelfs bij een kort ritje drogen de onbeschermde wortels uit in de rijwind, en dat herstel je niet meer. Bang voor zand in de auto? Leg plastic in de kofferbak om de auto te beschermen. Maar stop de planten zelf niet in dichte plastic zakken, want dan verstikken ze. Een natte doek over de wortels is prima.

Grotere planten met kluit zijn een ander verhaal qua gewicht. Een taxus van een meter hoog met kluit weegt al snel 15 tot 25 kilo per stuk, en bij grotere maten loopt dat verder op. Als je twintig of dertig van die planten meeneemt, heb je het over honderden kilo's. Neem dan een aanhanger of busje mee en iemand om te helpen laden. Kluitplanten kunnen wel tegen de wind op een open aanhanger, omdat de wortels beschermd worden door het zand van de kluit.

Onze planten zijn uitsluitend op te halen bij de kwekerij. Wij helpen uiteraard mee met laden.

TipRij je met een personenauto? Leg de kofferbak en de achterbank af met een oud zeil of plastic. Kluitplanten zitten in vochtige grond die flink kan kruimelen. Een beetje voorbereiding scheelt een grote schoonmaakbeurt achteraf.
↑ Terug naar de inhoud

We zien ze elk jaar terugkomen. Dit zijn de fouten die het vaakst tot teleurstelling leiden, en ze zijn allemaal te voorkomen:

  • Planten in wit ophoogzand of pure bouwgrond. Taxus is niet kieskeurig, maar in dode grond groeit niets. Vervang het witte zand door goede tuinaarde en werk compost door de grond.
  • Te diep planten. Bij een kluitplant hoort de bovenkant van de kluit gelijk te liggen met het maaiveld, met een klein stukje jute nog zichtbaar (de rooilijn). Bij plantgoed houd je de bovenste wortel een duimnagel diep (1,5 tot 2 cm). Te diep planten verstikt de stam en is een van de meest voorkomende oorzaken van uitval.
  • Te weinig water in het eerste jaar. Nieuwe aanplant redt zich niet zelf. Reken op één flinke gietbeurt per week, niet elke dag een scheutje. En vertrouw niet blind op een druppelslang.
  • Planten in de zomer. Taxus uit de volle grond plant je in het plantseizoen (september tot april). In de zomer is de kans op uitdroging en mislukking veel te groot.
  • Snoeiafval laten liggen. Taxus is giftig. Laat snoeiafval niet rondslingeren waar kinderen, honden of andere dieren bij kunnen.
  • Onkruidverdelger langs de haag spuiten. Glyfosaat maakt geen onderscheid. Nevel die de haag raakt of middel dat via de grond bij de wortels komt, kan een taxus doden.
  • Te dicht tegen een geïmpregneerde schutting planten. Bij sommige impregneermiddelen kunnen stoffen in de grond spoelen die de wortels beschadigen. Houd bij twijfel minimaal 30 tot 40 cm afstand.
  • Te laat in het seizoen snoeien. Snoei bij voorkeur niet na half september, en zeker niet meer hard terugsnoeien. Nieuw schot dat daarna uitloopt, bevriest bij de eerste vorst.

Houd je aan de basis (goede grond, genoeg water, op tijd snoeien, niet te diep planten), dan heb je jarenlang plezier van je taxushaag.

↑ Terug naar de inhoud

Verhalen, mythes en bijgeloof rond een van de oudste bomen van Europa.

De rest van deze Taxuspedia vertelt hoe je taxus plant, snoeit en verzorgt. Dit laatste hoofdstuk is het toetje, en gaat over de taxus als cultuurboom, mythische boom, gifboom, levensboom en oorlogsboom. Leuk om te bladeren, en handig als je kind een spreekbeurt over de taxus moet houden. Bij cijfers en jaartallen houden we bewust een slag om de arm, want juist daar gaat op internet veel mis. Waar iets onzeker of omstreden is, zeggen we dat erbij.

Kort antwoordDe Clacton-speer, een aangepunte taxustak van zo'n 400.000 jaar oud, is het oudste bewerkte stuk hout dat ooit is gevonden.

In 1911 vond een amateurarcheoloog bij het Engelse kustplaatsje Clacton-on-Sea een puntig stuk hout. Het bleek de punt van een speer, gesneden uit taxushout, en naar schatting zo'n 400.000 jaar oud. Het Natural History Museum in Londen houdt het zelfs op 420.000 jaar. Daarmee is het het oudste bewerkte stuk hout dat we kennen, gemaakt door een vroege mensensoort, lang voor de moderne mens. Dat het uitgerekend taxus is, is geen toeval. Het hout is sterk en tegelijk veerkrachtig, precies wat je voor een wapen wilt.

WeetjeEr is ook een jongere speer van taxushout bekend, gevonden bij het Duitse Lehringen, zo'n 120.000 jaar oud. Neanderthalers gebruikten hem bij de jacht op een olifant.
Kort antwoordDe beroemde Engelse langboog werd van taxushout gemaakt, eigenlijk een natuurlijke composietboog. De vraag was zo enorm dat de Europese taxus er eeuwenlang voor werd weggekapt, met wetten die schepen verplichtten boogstaven mee te brengen.

Taxushout is hard en tegelijk soepel, en de boom levert als het ware een kant-en-klare composietboog. Het lichte spinthout aan de buitenkant rekt goed mee als je de boog spant, terwijl het harde rode kernhout aan de binnenkant de druk opvangt. Precies die combinatie maakt een boog krachtig en veerkrachtig. Geen wonder dat de Engelse langboog, eeuwenlang het geduchtste wapen op de Europese slagvelden, van taxus werd gemaakt.

De honger naar goede boogstaven was zo groot dat Engeland door zijn eigen taxus heen raakte. Er kwam wetgeving aan te pas. Vanaf 1472 moest elk schip dat een Engelse haven binnenliep boogstaven meebrengen, een vast aantal per ton lading, en onder Richard III liep dat op tot tien staven per vat ingevoerde wijn. Zo werd er taxushout uit heel Europa aangesleept, vooral uit de Alpen en Midden-Europa. De kaalslag werd zo erg dat de hertog van Beieren in 1562 keizer Ferdinand I smeekte het kappen te stoppen. De wilde taxus is in grote delen van Europa daar nooit helemaal van hersteld.

WeetjeNiet overal liet men het zover komen. In Polen verbood koning Wladyslaw Jagiello al in 1423 het kappen van taxus, vaak genoemd als een van de vroegste boombeschermingsregels ter wereld. De aanleiding was wel vooral dat de boom door de uitvoer zo schaars werd, en niet de natuurbescherming zoals wij die nu kennen.
Kort antwoordIn zijn verslag van de Gallische oorlog beschrijft Julius Caesar hoe Catuvolcus, leider van de Eburonen, zichzelf met taxus van het leven beroofde. Die stam woonde tussen Maas en Rijn, ongeveer onze contreien.

In De Bello Gallico, Caesars eigen verslag, staat hoe de bejaarde Catuvolcus, koning van de halve Eburonen, in het jaar 53 voor Christus liever stierf dan zich aan de Romeinen over te geven. Hij vergiftigde zichzelf met taxus, waarvan, zo schrijft Caesar erbij, in Gallië en Germanië een grote hoeveelheid groeit.

De naam Eburonen wordt vaak verklaard als het volk van de taxus, naar het Keltische woord eburos voor taxus. Of dat helemaal klopt is onder taalkundigen omstreden, er is ook een verklaring richting everzwijn, maar het past wel mooi bij het verhaal. En de Eburonen woonden tussen Maas en Rijn, grofweg het gebied van het huidige Limburg en net daarbuiten. De gifboom uit dit verhaal stond dus min of meer bij ons om de hoek.

WeetjeIn het Vlaamse stadje Lo staat nog altijd de Caesarsboom, een taxus die volgens de overlevering het paard van Caesar zou hebben vastgehouden. Een mooi verhaal, maar die boom is in werkelijkheid hooguit een paar honderd jaar oud, en de legende is pas in de zeventiende eeuw bedacht. Wel een van de oudste taxussen van Vlaanderen.
Kort antwoordTaxus hangt taalkundig samen met het Griekse toxon, boog, en met ons woord toxisch. De boom, de boog en het gif zitten verstrengeld in een en hetzelfde woord.

De Latijnse naam Taxus is waarschijnlijk verwant aan het Griekse toxon, dat boog betekent. Dat woord kwam vermoedelijk binnen via de Scythen, een ruitervolk dat zijn bogen van taxushout maakte. En diezelfde Scythen doopten hun pijlpunten in gif. Van toxon komt namelijk ook toxikon, het gif voor op de pijlen, en daaruit weer ons toxisch en toxine.

De Romeinse schrijver Plinius legde dat verband zelf al. Hij noteerde dat het pijlgif dat men in zijn tijd toxica noemde, vroeger taxica heette, naar de boom.

WeetjeEr bestaat nog een tweede verklaring voor de naam, van het Latijnse texere, weven, naar de manier waarop de naalden in twee nette rijen langs de tak staan. Maar het boog-en-gif-verhaal is leuker, en minstens zo aannemelijk.
Kort antwoordVenijnboom is de oude Nederlandse naam voor de taxus. Venijn is een oud woord voor gif, hetzelfde venijn als in het gezegde dat het venijn 'm in de staart zit.

De taxus heet in het Nederlands van oudsher venijnboom. Venijn is een verouderd woord voor gif, je kent het nog uit dat gezegde over de staart. De naam zegt dus precies waar het op staat. Op het rode vruchtvlees na is bijna de hele boom giftig.

WeetjeEr is ook een veel oudere naam, IJf, verwant aan het Duitse Eibe, het Franse if en het Engelse yew, een teken dat de boom hier al heel lang thuishoort. En in sommige streken werd het kleurrijker. In delen van Overijssel en Gelderland heette de taxus snotterbelleboom of snotterbezeboom, en in de Betuwe streuperkes.
Kort antwoordIn het wild is de taxus in Nederland zeldzaam, en alleen in het oosten van het land echt inheems. Verreweg de meeste taxussen die je ziet, zijn aangeplant.

De taxus hoort van nature in Nederland thuis, maar in het wild is hij hier zeldzaam. Echt inheems is hij vooral in het oosten, in de Achterhoek bij Winterswijk, waar hij zich in oude beekbossen zelfs nog spontaan verjongt. Zulke plekken gelden als waardevol genetisch erfgoed. Dat ergens een taxus staat, betekent dus lang niet altijd dat het om een wilde boom gaat. Verreweg de meeste zijn aangeplant, vaak als haag of als gekweekte cultivar.

Toch gaat de band ver terug. Al in de steentijd werd hier taxushout verwerkt tot handbogen en gereedschapsstelen. Vanaf de middeleeuwen werd de boom overal in het land aangeplant. In oude kruidenboeken, zoals het beroemde Cruydt-Boeck van Dodoens uit de zeventiende eeuw, staat de taxus afgebeeld, en werden taxusaftreksels zelfs voorgeschreven tegen kwalen als kortademigheid en jicht. Doe dat vooral niet na, want dat spul is levensgevaarlijk, maar het laat goed zien hoe vertrouwd de boom hier altijd is geweest.

WeetjeIn het vroege voorjaar kun je de mannelijke taxussen zien roken. Tik tegen een tak in bloei en er komt een wolk geel stuifmeel los, alsof de boom in brand staat. In sommige streken heten ze daarom rookbomen. Een van de oudere aangeplante exemplaren staat in Arboretum Trompenburg in Rotterdam en dateert van rond 1870.
Kort antwoordDe Brabantse zandgrond is ideaal voor taxus, vochthoudend maar goed doorlatend. Daarom ligt in Brabant van oudsher een groot deel van de Nederlandse boom- en haagplantsoenteelt.

Wie aan taxuskwekerijen denkt, komt al snel in Brabant uit. Dat zit hem grotendeels in de grond. Taxus wil een bodem die genoeg vocht vasthoudt maar nooit blijft plassen, en de Brabantse zandgronden doen precies dat. Ze houden vocht en voeding vast, maar laten overtollig water goed door. Op zulke grond vormt een taxus een stevig wortelgestel, en laat hij zich makkelijk rooien met kluit of blote wortel.

Daar komt traditie bij. In het zuidwesten van Brabant, rond Zundert, groeide vanaf de negentiende eeuw een heel kwekerscluster, dat is uitgegroeid tot het bekendste boom- en haagplantsoengebied van het land. Maar die goede zandgrond houdt niet op bij Zundert. Ook verder naar het oosten, tot in de Meierij, vind je dezelfde grond en dezelfde teelt. Het is dus geen toeval dat een veldgekweekte taxus en Brabant zo goed bij elkaar passen.

Kort antwoordIn Japan heet de taxus ichii, wat eerste rang betekent, omdat het hout werd gebruikt voor de scepter van de hoogste hofdienaren.

Niet alleen in Europa heeft de taxus status. In Japan groeit een eigen soort, Taxus cuspidata, en die heet daar ichii. Dat betekent letterlijk eerste rang. De naam komt doordat de scepters, de shaku, van de hoogste hofdienaren van taxushout werden gemaakt. Een boom die zo nauw met de top van de samenleving verbonden was dat hij ernaar vernoemd werd. Aan de andere kant van de wereld, en toch weer datzelfde respect voor het hout.

Kort antwoordDe wereldboom Yggdrasil uit de Noorse mythologie wordt meestal een es genoemd, maar een serieuze stroming denkt dat het eigenlijk een taxus was. Zeker weten doen we het niet, maar de symboliek past opvallend goed.

In de Edda, de oude Noorse teksten, is Yggdrasil de boom die de negen werelden bijeenhoudt. Traditioneel wordt hij vertaald als es. Toch wringt er iets.

Yggdrasil wordt namelijk steeds beschreven als immergroen, en een es verliest in de winter zijn blad. Een taxus blijft het hele jaar groen, kan extreem oud worden en vernieuwt zichzelf voortdurend, precies de eeuwigheidssymboliek die bij een wereldboom hoort. Een oud woord voor taxus, barraskr, betekent bovendien zoiets als naald-es, wat de verwarring kan verklaren. Sommige taalkundigen lezen Yggdrasil dan ook als taxuszuil.

De naam Yggdrasil zelf wijst trouwens naar de dood. Hij wordt meestal gelezen als het paard van Odin, en dat was een omschrijving voor de galg. Volgens de Edda hing de god Odin negen nachten aan deze boom, gewond door zijn eigen speer, om de wijsheid van de runen te verkrijgen. De wereldboom was dus tegelijk een galg en een plek van inwijding.

Hard bewijs dat het om een taxus ging is er niet, en de meeste geleerden houden het op de es. Maar de gedachte is verre van gek, en juist die discussie maakt het leuk.

WeetjeHetzelfde is geopperd over de heilige boom bij Uppsala, die ook altijd groen werd beschreven.
Kort antwoordDe taxus duikt overal in mythen op waar het om bogen, dood en het hiernamaals gaat, van de Noorse boog-god Ullr tot de Griekse onderwereld.

In de Noorse mythologie heet de hal van Ullr, de god van de boog en de winter, Ydalir, wat taxusdalen betekent. Logisch, want bogen maak je van taxus, en het woord voor taxus werd zelfs gebruikt als woord voor boog. Ook de oude runentekens kennen de taxus. Het teken Eihwaz staat voor de taxus, en een oud runengedicht noemt hem de meest groenblijvende boom.

In de Griekse en Romeinse wereld hoorde de taxus bij de dood. Ovidius beschrijft in zijn Metamorfosen de weg omlaag naar de onderwereld als een pad dat overschaduwd wordt door sombere, doodbrengende taxus. De boom was gewijd aan Hecate, godin van de onderwereld en de kruispunten. Steeds weer diezelfde rol, de boom die op de grens staat tussen leven en dood.

Kort antwoordVoor de Kelten stond de taxus voor dood en wedergeboorte, en voor het tijdloze. De boom had zelfs een eigen teken in het oude Ierse ogham-schrift.

Bij de Kelten en de druiden was de taxus een heilige boom. Doordat hij zo oud kon worden en altijd groen bleef, gold hij als bijna tijdloos, een brug tussen leven en dood en de wereld van de voorouders. In het oude Ierse ogham-schrift, een rij streepjestekens, had de taxus zelfs een eigen letter, Idad of Ioho. Het is goed mogelijk dat sommige van de aloude kerkhoftaxussen nog teruggaan op zulke voorchristelijke heilige plekken.

Kort antwoordEeuwenoude taxussen staan op talloze kerkhoven, vaak ouder dan de kerk zelf. Hij geldt al heel lang als symbool van dood en eeuwig leven.

Loop over een oud West-Europees of Brits kerkhof en de kans is groot dat er een knoestige taxus staat. Vaak is die boom ouder dan de kerk ernaast. Die combinatie is geen toeval. De taxus is groenblijvend en kan duizenden jaren oud worden, en dat maakte hem al voor de christelijke tijd tot zinnebeeld van eeuwig leven en wederopstanding. Veel onderzoekers denken dat kerken bewust werden gebouwd op plekken waar al een heilige taxus stond, een erfenis van oudere gebruiken.

Ook in de christelijke tijd bleef die band bestaan. Men legde taxustakjes bij de doden in het graf, en gebruikte taxustwijgen als palmtakken in de kerk met Pasen. Zo werd de gifboom van de dood tegelijk de boom van het eeuwige leven.

Kort antwoordShakespeare noemde de taxus 'double fatal', dubbel dodelijk, omdat hij zowel giftig is als het hout levert voor de boog die doodt. Bij hem duikt de boom steeds op rond gif, dood en onheil.

Shakespeare wist precies wat de taxus betekende. In Richard II noemt hij hem double fatal, dubbel dodelijk, dodelijk als gif en dodelijk als het hout van de langboog. In Macbeth gooien de heksen slips of yew in hun toverketel, takjes taxus geplukt tijdens een maansverduistering, en juist in die scene verschijnt Hecate, dezelfde godin die ook bij de Grieken al bij de taxus hoorde. En in Twelfth Night bezingt iemand een lijkwade bedekt met taxus.

Steeds dezelfde sfeer, gif, dood en het hiernamaals. Voor zijn publiek had de taxus meteen de juiste donkere bijklank.

WeetjeEr zou ook een taxus in Shakespeares eigen tuin in Stratford hebben gestaan.
Kort antwoordRomeinse en Griekse schrijvers geloofden dat de taxus zo giftig was dat je eronder slapen of eten je dood kon worden. Onzin, maar het tekent de reputatie van de boom.

De taxus had in de oudheid een huiveringwekkende naam. De Romeinse natuuronderzoeker Plinius noemt het verhaal dat je in het Griekse Arcadië kon sterven door alleen al onder een taxus te slapen of er te eten. De arts Dioscorides waarschuwde dat zelfs het ruiken aan taxustakjes je kon vergiftigen, en Plutarchus schreef dat katten doodgingen van taxusrook. Plinius noemde ook dat wijnkruiken van taxushout in Gallië mensen het leven hadden gekost.

Het meeste hiervan is flink overdreven, je gaat echt niet dood van de schaduw van een taxus. Maar het laat goed zien hoe gevreesd de boom altijd is geweest.

WeetjeAardig is het tegengif dat men erbij geloofde. Een koperen spijker in de stam zou het gif onschadelijk maken.
Kort antwoordPaarden en vee zijn extreem gevoelig voor taxus, een handvol naalden kan een paard al doden doordat het gif het hart stillegt. Reeën en herten knabbelen er vaak ogenschijnlijk ongedeerd aan, al zijn ook zij niet echt onkwetsbaar.

De gifstof taxine grijpt de hartspier aan. Ze verstoort de prikkelgeleiding, het hart raakt uit ritme en kan stilvallen. Bij paarden gaat dat razendsnel. Een handvol naalden kan al genoeg zijn, soms binnen enkele uren, en vaak zonder dat het dier eerst ziek lijkt. Ook koeien, schapen en geiten zijn er heel gevoelig voor.

Reeën en herten zijn een ander verhaal. Die knabbelen in het wild geregeld aan taxus zonder dat je ze ziet omvallen, en lang dacht men dat ze gewoon immuun waren. Waarschijnlijk helpt de vertering in hun pens, samen met ontgifting in de lever, en wennen ze aan kleine beetjes. Maar echt onkwetsbaar zijn ze niet. In strenge winters, als hongerige dieren zich vol eten aan een taxus in een tuin, worden ook reeën, edelherten en elanden dood teruggevonden. Het verschil is dus geen aan-uitknop, maar een kwestie van gewenning, vertering en hoeveelheid.

WeetjeVoor de praktijk rond paarden en vee, en waarom taxus nooit bij een weiland hoort, lees je de vraag 'Is taxus gevaarlijk voor paarden en andere landbouwhuisdieren?'
Kort antwoordNiet die ene boom, maar de hele soort. De taxus behoort tot een geslachtslijn die al rondliep in de tijd van de dinosauriers, en sindsdien nauwelijks veranderde. Een levend fossiel.

De taxus is niet alleen als losse boom oud, hij is het ook als soort. De geslachtslijn van de taxus gaat terug tot ongeveer de Jura, de tijd van de dinosauriers, meer dan honderd miljoen jaar geleden. Er is zelfs versteend taxushout uit die verre periode gevonden. In al die tijd is de vorm van de boom nauwelijks veranderd. De taxus die jij in je tuin zet, lijkt nog opvallend veel op zijn voorouders uit het dino-tijdperk. Een levend fossiel, gewoon in de heg.

Kort antwoordEen taxus kan duizenden jaren oud worden doordat hij zichzelf telkens vernieuwt. De stam holt vanbinnen uit, lage takken wortelen opnieuw, en hij loopt zelfs uit op kaal, oud hout.

Waar de meeste bomen op een gegeven moment op zijn, lijkt de taxus dat niet te kennen. De oude stam holt vanbinnen langzaam uit, maar dat is geen einde. In die holle stam groeien nieuwe wortels naar beneden, die als het ware een verse boom binnenin de oude vormen. Lage takken die de grond raken, kunnen ter plekke wortelen en uitgroeien tot nieuwe stammen.

En zoals je elders in deze Taxuspedia leest, bij de vraag 'Ik heb een huis gekocht met een verwaarloosde taxushaag. Kan ik die redden?', loopt taxus zelfs weer uit op kaal, oud hout. Door die voortdurende zelfvernieuwing kan een taxus zo oud worden dat niemand zijn echte leeftijd nog kan vaststellen. Het oude hout, met de jaarringen, is dan allang weggerot.

Volle, vitale oude taxus die jarenlang met rust is gelaten.
Een oude taxus die zichzelf blijft vernieuwen en jaar na jaar voller wordt. Daardoor kan de soort zo oud worden.
Kort antwoordDe oudste taxussen worden geschat op duizenden jaren. De Fortingall Yew in Schotland houdt men vaak op zo'n 5.000 jaar, maar de schattingen lopen flink uiteen, want een taxus laat zich niet betrouwbaar dateren.

Op een kerkhof in het Schotse Fortingall staat een taxus die vaak de oudste boom van Europa wordt genoemd. De schattingen lopen uiteen van 2.000 tot wel 9.000 jaar. De Schotse bosdienst houdt het op zo'n 5.000. Hij was ooit zo breed dat begrafenisstoeten onder de boog van zijn gespleten stam door liepen. In Wales staat met de Llangernyw Yew een soortgenoot van naar schatting 4.000 tot 5.000 jaar.

Het eerlijke antwoord is dat niemand de precieze leeftijd kent. Omdat het binnenste van de stam wegrot, zijn er geen jaarringen meer om te tellen en blijft het bij schattingen. Recente herberekeningen halen er bij sommige bomen zelfs flink wat eeuwen af. Maar dat het om de oudste levende wezens van ons werelddeel gaat, daar is weinig twijfel over.

Kort antwoordDe Fortingall Yew stond duizenden jaren als mannelijke boom te boek, maar in 2015 bleek opeens een tak rode bessen te dragen. De oudste boom van Groot-Brittannië veranderde gedeeltelijk van geslacht.

Taxus is tweehuizig, een boom is mannelijk of vrouwelijk. De Fortingall Yew gold al eeuwenlang als mannelijk, hij gaf alleen stuifmeel. Tot een botanicus van de Royal Botanic Garden Edinburgh in 2015 tot zijn verbazing een paar rijpe rode bessen aan een van de takken vond, iets wat alleen vrouwelijke taxussen doen. Eén tak had zich omgeschakeld naar vrouwelijk. Het komt bij naaldbomen vaker voor dan je zou denken, meestal maar in een deel van de kroon, en mogelijk speelt stress een rol. Een boom van duizenden jaren oud die op zijn oude dag nog iets nieuws begint.

WeetjeAan diezelfde Fortingall-taxus kleeft een hardnekkige legende, dat Pontius Pilatus eronder geboren zou zijn, of er als kind gespeeld zou hebben. Vrijwel zeker niet waar, maar het tekent mooi hoe oude taxussen vanzelf verhalen aantrekken.
Kort antwoordAan de eeuwenoude Llangernyw-taxus in Wales kleeft het volksgeloof van een geest die elk jaar de namen afroept van wie zal sterven.

In het Welshe dorpje Llangernyw staat een taxus van vermoedelijk meer dan vierduizend jaar. Volgens de plaatselijke overlevering huist er een geest in, Angelystor genoemd, de verslaggevende engel. Op bepaalde avonden rond Allerheiligen zou hij vanuit de boom de namen afroepen van de dorpsbewoners die het komende jaar gaan sterven. Een huiveringwekkend verhaal, en puur folklore natuurlijk, maar het past naadloos bij de eeuwenoude band tussen de taxus en de dood.

Kort antwoordJa, en het is verplichte kost voor rechtenstudenten. In het Taxusstruik-arrest uit 1994 boog de Hoge Raad zich over een taxus die dodelijk bleek voor paarden.

Iemand had een gevonden taxusstruik op de afvalhoop bij de erfafscheiding gegooid. De paarden van de buurman aten ervan en stierven. De eigenaar stelde de buren aansprakelijk. Toch oordeelde de Hoge Raad dat zij niet aansprakelijk waren, omdat het geen algemeen bekend feit is dat taxus dodelijk is voor paarden. Je hoeft geen maatregelen te nemen tegen een gevaar dat je niet kent en niet hoeft te kennen. Wel met een kanttekening. Die uitspraak is van 1994, en inmiddels is veel breder bekend dat taxus giftig is. Een rechter zou vandaag dus zomaar anders kunnen oordelen, want hoe bekender het gevaar, hoe eerder je geacht wordt er rekening mee te houden.

WeetjeEen aardig detail. In de Van Dale stond toen al dat taxus juist voor paarden buitengewoon giftig is, en toch was het volgens de rechter niet algemeen bekend.
Kort antwoordUit taxus is jarenlang een grondstof voor chemotherapie gewonnen. De giftige boom werd zo ook een medicijnplant.

Misschien wel het mooiste weetje om mee te eindigen. Dezelfde stof die de taxus giftig maakt, heeft levens gered. Uit de naalden wordt baccatine gewonnen, een grondstof voor medicijnen tegen kanker. Het begon met de schors van een Amerikaanse taxussoort en verschoof later naar het snoeisel van de gewone taxus. In Nederland werd daar jarenlang zelfs snoeisel voor ingezameld, tot dat in 2025 stopte.

Van gifboom tot medicijnplant. Er is weinig dat de dubbele natuur van de taxus mooier samenvat.

WeetjeHoe je je snoeisel nu opruimt, lees je bij de vraag 'Wat doe ik met snoeiafval van taxus?'
↑ Terug naar de inhoud

Een paar woorden die je in dit naslagwerk tegenkomt, in gewone taal uitgelegd.

AambeeldschaarEen snoeischaar waarbij één mes op een vlak plaatje drukt, het aambeeld. Hij plet het hout eerder dan dat hij het schoon doorsnijdt, en past beter bij dood hout.→ Welk snoeigereedschap heb ik nodig voor taxus?
AanslaanDe plant heeft na het planten nieuwe wortels gemaakt en gaat weer groeien.→ Ik haal mijn taxusplanten op maar kan ze niet meteen planten. Hoe bewaar ik ze?
AlkaloïdeEen natuurlijke stof die een plant aanmaakt en die vaak giftig of sterk werkzaam is. In taxus zit het alkaloïde taxine, en daardoor is de plant giftig.→ Is taxus giftig?
Blote wortelPlanten zonder kluit of pot, met de kale wortels eraan die onderweg niet mogen uitdrogen.→ Hoeveel taxusplanten heb ik nodig voor een blok?
BypassschaarEen snoeischaar met twee langs elkaar schuivende messen, net als een gewone schaar. Hij maakt een schone snede en is daardoor het beste voor levend taxushout.→ Welk snoeigereedschap heb ik nodig voor taxus?
Capillaire werkingVocht dat via kleine poriën wordt opgezogen, waardoor steen en bestrating water uit de grond ernaast trekken.→ Mijn taxus staat ingeklemd tussen de stoep en de oprit. Is dat een probleem?
ChlorideEen zout dat onder andere in strooizout en in zwembadwater zit. Te veel chloride in de grond kan de wortels en naalden van taxus beschadigen.
ChloroseHet geel of bleek worden van het blad doordat de plant te weinig bladgroen aanmaakt. Bij taxus komt dat vaak door te natte wortels of een voedingstekort, waardoor de plant voedingsstoffen niet goed opneemt.→ Mijn taxushaag wordt geel of dof. Waar ligt dat aan?
CultivarEen gekweekte variant van een plant, uitgekozen op een bepaalde eigenschap zoals vorm of kleur. De naam staat tussen enkele aanhalingstekens, bijvoorbeeld Taxus baccata 'Fastigiata'.→ Hoe houd ik mijn taxushaag bessenvrij?
DrainageHet weglopen van overtollig water uit de grond, zodat de wortels niet in het natte staan.→ Welke grond is het beste voor taxus?
EngerlingWit beestje in de grond, de larve van een kever, dat aan de wortels vreet.→ Welke plagen en problemen spelen er ondergronds?
GreenwashingIets groener of duurzamer voordoen dan het werkelijk is. Een bedrijf dat met natuur schermt zonder het waar te maken, doet aan greenwashing.→ Is taxus biologisch?
GroenblijvendEen plant die ook 's winters zijn blad of naalden houdt, zoals taxus.→ Is taxus geschikt als haag rondom een zwembad?
HoningdauwEen kleverig, suikerachtig laagje dat insecten zoals luizen en wolluis achterlaten. Op honingdauw groeit vaak een zwarte schimmellaag, roetdauw genoemd.→ Er zit een witte, pluizige waas op mijn taxus. Wat is dat?
Hybride plantEen kruising tussen twee verschillende soorten of variëteiten. Taxus media is bijvoorbeeld een kruising tussen Taxus baccata en Taxus cuspidata.
KieserietMagnesiummeststof, vooral nuttig op zandgrond bij fletse of bruinige naalden.→ Moet ik taxus bemesten?
KluitDe bal grond met wortels eraan, meestal in jute, waarmee de plant uit het veld komt.→ Moet de jute om de kluit eraf bij het planten?
KnippenHet algemene woord voor takken doorknippen met een schaar. Het zegt nog niets over of je gericht snoeit of de hele haag scheert.→ Waarom is taxus zo'n geliefde haag- en vormplant?
KwakkelenDe plant leeft nog wel, maar groeit slecht en blijft schraal.→ Kan ik op de plek van mijn oude haag een nieuwe haag planten?
MaaiveldDe hoogte van de bestaande grond rondom de plant.→ Hoe diep moet ik taxus planten?
MulchenDe kale grond rondom de plant bedekken met een laag organisch materiaal, zoals boomschors of houtsnippers.→ Moet ik mulchen rondom taxus?
OphoogzandWit, arm zand om tuinen mee op te hogen, waar slecht iets in groeit.→ Ik heb een nieuwbouwwoning. Kan ik meteen taxus planten?
OpkuilenPlanten tijdelijk in de grond zetten tot je ze definitief kunt planten. Je graaft een ondiepe geul, legt de wortels erin en dekt ze af met vochtige grond zodat ze niet uitdrogen.→ Wat als vorst, sneeuw of hevige regen het planten tegenhoudt?
PerlietLichte, witte korrels van opgeblazen vulkaangesteente. Je mengt ze door de grond of potgrond om die luchtiger en beter doorlatend te maken.→ Wat is het verschil tussen potgrond, tuinaarde, aanplantgrond en bemeste tuinaarde?
PlantenfysiologieDe leer van hoe een plant vanbinnen werkt. Denk aan hoe hij water opneemt, voeding verwerkt en groeit.
PlantgoedJonge, kleinere planten, vaak met blote wortel, om zelf een haag mee op te zetten.→ Kies ik beter voor jong plantgoed of voor grotere taxusplanten?
PredatorenNatuurlijke vijanden die plaaginsecten opeten. Roofmijten die spint opruimen zijn een voorbeeld. Je zet ze in om een plaag op een natuurlijke manier de baas te blijven.→ Is taxus goed voor de natuur in mijn tuin?
RegenschaduwDe droge strook vlak langs een muur of onder een dakrand, waar de regen niet komt.
RoetdauwEen zwarte, roetachtige schimmellaag die groeit op honingdauw, het kleverige laagje dat luizen en wolluis achterlaten. De roetdauw zelf tast de plant niet aan, maar verraadt dat er luizen zitten.→ Er zit een witte, pluizige waas op mijn taxus. Wat is dat?
Rooien / rooilijnRooien is uit de grond halen. De rooilijn is het grondstreepje op de stam dat laat zien hoe diep de plant stond.
ScherenDe hele buitenkant van een haag in één keer strak en gelijkmatig kort maken, meestal met een heggenschaar. Je volgt de vorm en kiest geen losse takken.→ Wat is beter, taxus of een conifeer zoals thuja of leylandii?
SnoeienHet gericht wegnemen of inkorten van takken, om de plant vorm, gezondheid of nieuwe groei te geven. Je kiest per tak wat weg moet.→ Wanneer en hoe moet ik taxus snoeien?
SolitairEén losse plant die op zichzelf staat, in plaats van in een haag.→ Kan een taxus ook solitair in de tuin staan?
StandplaatsDe plek waar de plant staat, met alles erbij: zon of schaduw, grondsoort, wind en vocht.→ Is taxus geschikt voor een heel smalle strook, bijvoorbeeld onder een raam?
TuincultivarEen cultivar die speciaal voor de tuin is gekweekt, bijvoorbeeld om strak te blijven of een aparte kleur te geven.
UitvalPlanten die na het planten niet aanslaan en alsnog afsterven.→ Waar moet ik op letten in het eerste jaar na aanplant?
Verdichte bodemSamengedrukte grond waar lucht en water nauwelijks doorheen komen, bijvoorbeeld na bouwverkeer.
VerjongingssnoeiEen oude, kale haag flink terugsnoeien zodat hij vanuit het oude hout opnieuw uitloopt.→ Waar moet ik op letten in het eerste jaar na aanplant?
VivimusEen bekende soort aanplantgrond van fabrikant DCM. De naam is Latijn voor wij leven. Wij gebruiken het zelf graag bij het planten.→ Wat is het verschil tussen potgrond, tuinaarde, aanplantgrond en bemeste tuinaarde?
Volle grondPlanten die buiten in de kwekerijgrond groeien, niet in potten.→ Kan ik taxus beter in pot of uit de volle grond kopen?
VormsnoeiSnoeien tot een strakke vorm, zoals een bol, kegel of blok.→ Kan ik taxus gebruiken voor vormsnoei?
WatergiftDe hoeveelheid water die je een plant in één keer geeft. Bij taxus werkt één flinke watergift per week beter dan elke dag een beetje.→ Wat moet ik wanneer doen, een taxuskalender door het jaar?
WortelrotWortels die afsterven doordat de grond te lang te nat blijft.→ Hoe herken ik wortelrot bij taxus?
↑ Terug naar de inhoud

De foto’s die in de Taxuspedia gebruikt worden, bij elkaar. Tik op een foto om hem groot te zien.

↑ Terug naar de inhoud
Geen vragen gevonden. Probeer een ander zoekwoord.